Minder bevoegdheden voor onderzoeksrechters beperkt de controle op parket en politie

8 september 2015

In het justitieplan van minister Koen Geens (CD&V) zit een voorstel om nogal wat bevoegdheden van de onderzoeksrechters door te schuiven naar het parket, om zo de werklast te verminderen. Philippe Van Linthout, covoorzitter van de Vereniging van Onderzoeksrechters: “Dit vermindert alleen de onafhankelijke controle op het parket en de politie.”

De nacht voordien heeft hij een vermoedelijke pedofiel aangehouden. Die heeft schijnbaar een kindje van een asielzoekersfamilie aangerand, die niet goed aangifte durfde te doen. De man ontkent formeel, maar voortgaand op een aantal aanwijzingen vindt Van Linthout zijn verhaal onwaarschijnlijk. En dus telt de gevangenis weer één extra man in voorlopige hechtenis. Nochtans is dat een doorn in het oog van de minister, die vindt dat voorlopige hechtenis, goed voor 30 procent van de gevangenispopulatie, veel minder mag worden uitgesproken.

Van Linthout: “De fameuze 30 procent. Laten we beginnen met eerlijke wiskunde. Want als iedereen die binnen zou moeten zitten ook in de gevangenis zat, dan zou het hooguit 5 procent zijn. Maar ja, als je alle straffen onder de drie jaar niet uitvoert, dan blijven natuurlijk alleen de zeer lang gestraften en mensen in voorlopige hechtenis over. Dat is voor mij de ergste misstand binnen justitie: een korps hoogopgeleide magistraten leest zich door duizenden pagina’s dossiers, houdt beraad, motiveert zorgvuldig en spreekt afgewogen straffen uit, om vervolgens te moeten vaststellen dat 95 procent van al die veroordeelden zelfs niet één dag naar de cel gaat.”

“Als je daarover echt begint na te denken, heeft het iets van Kafka, toch? Dat is toch bewonderenswaardig? Hoe een heel instituut blijft malen en draaien, langs alle kanten kritiek krijgt om straffen op te leggen waarover lang en hard is nagedacht, om dan op een uitvoerende macht te botsen die zegt : ‘Wij voeren dat lekker niet uit, want we willen geen middelen vrijmaken.’ Of nee, ze werken met een elektronische enkelband. Drie maand cel wordt omgerekend dan twee weken.”

De cellen zitten nu al overvol, wat kan men anders doen?

“In Nederland was er onlangs een parlementair debat over de overcapaciteit van gevangenissen. Er staan daar heel veel cellen leeg, dus vroeg men zich af of men er niet te veel had gebouwd. Nee dus, want wat blijkt? Als celstraffen van een paar weken of maanden ook echt worden uitgevoerd, dan heb je plots veel minder kandidaten die het risico willen lopen dat nog een keer mee te maken. Terwijl je bij ons drie of vier keer tot een jaar gevangenis kunt worden veroordeeld zonder één dag te moeten zitten. Als ik mijn zoon drie keer zeg dat iets niet mag, maar daar geen enkele straf aan koppel, dan zal hij een ettertje worden, nee? Bij volwassenen is dat niet anders. Maar dat is het niet uit te spreken taboe van de Belgische justitie: dat het systeem op dat punt echt niet werkt.”

Dus geven jullie uit frustratie maar een paar maanden voorlopige hechtenis.

“De verleiding zou je kunnen bekruipen, maar toch doen we het niet. Omdat we omstandig moeten motiveren waarom we mensen aanhouden, en daarmee gaan we redelijk zorgvuldig om. Ik nodig u uit: kom kijken wie we in voorlopige hechtenis houden, en zeg mij dan wie van die kerels u een maand te logeren wilt hebben. Toon mij er één van wie u denkt: die man verdient dat niet. Willen we het risico nemen dat iemand die net zijn lief heeft afgerost, en na een klacht van haar is opgepakt, onmiddellijk wordt gelost? Zodat hij onmiddellijk terug naar haar kan? Zo beginnen redelijk wat assisenzaken. Hoe ga ik dat aan dat meisje en haar ouders uitleggen?”

Minister Geens wil voor feiten waarop minder dan drie jaar cel staan voorlopige hechtenis alleen nog met enkelband laten uitvoeren.

“Ik behoor niet tot diegenen die de enkelband minimaliseren: of je nu opgesloten zit in je eigen huis of in de gevangenis, je bent je vrijheid kwijt. Maar wat doe ik met de man die zijn vrouw bij herhaling aftroeft? Daar staat geen drie jaar op: moet ik hem met een enkelband terugsturen naar zijn vrouw?”

Het is negen uur. In de gebouwen van de gerechtelijke politie in Mechelen wachten twintig rechercheurs en ambtenaren van de economische inspectie bij twintig verzegelde postzakken waarin 11.000 brieven aan een Belgisch adres zitten. Een van die brieven werd per ongeluk gescheurd door een sorteermachine, waarop de postmeester keek hoe hij die toch nog kon bezorgen, en er iets in vond wat hem alarm deed slaan. Waarop drie maanden lang alle brieven naar dat adres in beslag werden genomen. Vandaag moeten ze worden geopend, maar alleen een onderzoeksrechter kan het grondwettelijk beschermde briefgeheim verbreken, als hij denkt dat daar gegronde redenen voor zijn.

Dat blijkt redelijk snel: in iedere enveloppe zit een ingevulde advertentiepagina uit obscure new age-blaadjes, die recht geeft op het lidmaatschap van de ‘Club der verborgen Miljardairs’, dan wel op ‘De Onmiddellijke Verlichting van alle Lijden’. Gegarandeerd steenrijk en supergezond, ergens in de volgende weken. En dat allemaal in ruil voor vijftig euro administratiekosten. Niemand is nog zo naïef, denk je, maar de postzakken bewijzen het tegendeel: vijftig brieven verder hebben we 2.500 euro in Canadese en Amerikaanse dollars, Poolse zloty’s, Japanse yens en cheques uit alle mogelijke banken ter wereld in handen. Vaak vergezeld van schrijnende brieven, verhalen over terminale kankers en hoe dit de laatste kans is om de kleinkinderen toch nog rijk te maken. In alle postzakken samen moet er ongeveer 500.000 euro zitten. Die de Belgische postbus vervolgens naar nog onbekende opdrachtgevers en obscure postbusfirma’s had moeten sturen.

Van Linthout: “Die, nu ze beseffen dat deze route is onderschept, morgen een andere weg zoeken. En wij zitten met 11.000 benadeelde partijen over de hele wereld, van wie we zelfs het adres kennen. En ik, noch de politie, justitie of de post heeft volk om al die mensen aan te schrijven met de vraag of ze zich burgerlijke partij willen stellen.”

Geens wil ook dit soort onderzoeken door politie en parket laten afhandelen, zonder tussenkomst van de onderzoeksrechter.

Van Linthout: “Waarom zou je een aantal van onze bevoegdheden overhevelen naar het parket? Niemand klaagt over het huidige systeem, dat goed in elkaar zit, met heel veel checks-and-balances die de rechten van de burger beschermen. Wij zouden dus niet langer de kapitein van het onderzoek mogen zijn, maar alleen nog de loods die aan boord komt als men vreest tegen de grond te gaan? Dat lijkt de bedoeling.”

“Een inhoudelijke telefoontap, waarmee je echt de hele vuile was van de mensen kunt beluisteren, ga je die laten doen zonder goedkeuring en grondige kennis van zaken van een onafhankelijke rechter? Dat lijkt me een iets te grote vrijbrief voor parket en politie. De minister wil ook de huiszoeking en het heimelijk binnendringen in een woning daarin steken. Daarover zijn we heel bezorgd, want dan ga je morrelen aan een paar grondwettelijke rechten zoals de onschendbaarheid van de woning.”

“Het parket vindt ons daarin inderdaad soms een obstakel, maar net daarom is onze functie ooit bedacht: om een obstakel te zijn voor een te gretige overheid, ervoor te zorgen dat de belangen en de rechten van het parket en de burger in evenwicht blijven. Wij zijn er om grondrechten te beschermen. Privacy, onschendbaarheid van de woning, dat is toch niet niets, ook in ‘kleine dossiers’. Want wie bepaalt wat een klein en een groot dossier is? Opnieuw parket en politie?”

“De dossiers zouden dan ook bij het parket blijven tot ze daar echt niet voort kunnen, en pas dan komen ze bij ons. Wij zijn dan helemaal niet op de hoogte. En aangezien alles altijd hoogdringend is, zullen we dan een dossier van honderden of duizenden bladzijden krijgen, waarbij we binnen de tien minuten moeten beslissen of verder onderzoek nodig en te verantwoorden is. Dat verplicht ons bijna de rol van paraferend rechter op te nemen. Formeel goedkeuren, want echt inhoudelijk toetsen of het parket en de politie goed bezig zijn, kunnen we dan niet meer. Dan zijn we de dactylo’s van het Openbaar Ministerie geworden. En dat men niet zegt dat men het doet om het aantal zaken te verminderen: dat dossier ligt hoe dan ook bij justitie, of het nu door mij of door een substituut wordt gelezen.”

“Het dossier verdwijnt niet, het ligt gewoon op een ander bureau, en de parketten verzuipen nu al. Bovendien moet nog worden bewezen dat een parketmagistraat sneller kan lezen dan een onderzoeksrechter. Je mag gerust een paar van onze bevoegdheden afnemen: het zou niet onze job moeten zijn om ten behoeve van erfgenamen na te gaan hoeveel centjes oma nu echt op haar boekjes had staan, dat kunnen anderen evengoed en misschien beter. Maar om af te wegen of je grondrechten mogen worden geschonden, heb je wel een rechter nodig.”

Krokodillenklemmetje

In de gebouwen van de gerechtelijke politie worden dus niet alleen brieven geopend, maar ook telefoons afgeluisterd. In heel België verschrikkelijk veel zelfs, al zijn de cijfers onduidelijk. De Commissie voor gerechtelijke vernieuwing had het in 2012 over een budget van 25 miljoen euro, waarvan bijna 15 miljoen voor telefoontap. In zijn justitieplan heeft minister Geens het over 3,3 miljoen, eenmaal je de achterstallige facturen weg filtert. Terwijl een beetje beroepscrimineel al lang via het internet communiceert.

Van Linthout: “In zware drugszaken kunnen we gewoon niet langer gericht tappen, omdat die mensen communiceren via Skype en WhatsApp, dingen waarover we de macht zijn verloren. Vroeger belde iedereen via de RTT, en met een krokodillenklemmetje kon je iedere lijn tappen. Nu zie je op een server bij Belgacom nulletjes en eentjes voorbijkomen, en ook bij Belgacom zelf weten ze niet wat daarop passeert. Dus hoe kom je nog iets te weten? Door zo breed mogelijk te tappen: bij de hele familie, de vrienden en vriendinnetjes, in de hoop dat de vermoedelijke terrorist of drugsdealer toch één keer zijn mond zal voorbijpraten. Dat kost dus meer voor mogelijk minder resultaat, maar wat is het alternatief? Niets doen? Pas iets doen als je zeker bent dat je prijs gaat hebben?”

“Welke macht hebben we nog voor het vinden van de waarheid à charge en à décharge? Huiszoekingen? Wie bewaart nog iets belastends thuis? Verhoren? Nu er een Salduz-advocaat zit, die al bij het eerste verhoor zijn klant op zijn zwijgrecht wijst en hem door het verhoor heen coacht? Er schiet niet zo gek veel meer over, behalve een perifere tap, die noodzakelijkerwijs een heel breed uitgeworpen net zal zijn.”

“Het kost veel, dat is zo. Maar als ik zoals vorige week een verdwijning van een kind heb, dan ga ik niet afwegen of het budget voor taps deze maand al is opgebruikt. Maar wist je dat in een aantal Europese landen die kost nul is? Eenvoudigweg omdat de overheid er, in ruil voor de licentie die ze geeft aan firma’s om met telecom goed geld te komen verdienen, iets terugvraagt: kosteloze medewerking bij het oplossen van misdaden en het opsporen van misdadigers. Is dat een onoorbare vraag als je de winstcijfers van de operatoren ziet? Waarom lukt dat in andere lidstaten wel en bij ons niet?”

“Wij zijn als justitie een van de grootste slachtoffers van de liberalisering van die markt. Als je binnenkort de roamingtarieven weg krijgt, dan is dat fantastisch voor de toerist, maar erg voor ons. Foute mensen zullen online internationale telefoonkaarten kopen, zonder roamingkosten, en wij komen hier dan plots onbekende Finse of Servische nummers tegen. Tof, jong, die eengemaakte Europese markt.”

Minstens één uur verhoor

De hele week defileert op het kantoortje van Van Linthout een stoet mensen die de politie in de cel heeft gestopt, en binnen de 24 uur moeten worden vrijgelaten of voorlopig aangehouden. Komt vrij onder voorwaarden: een chauffeur die de plek heeft aangewezen waar een leverancier woont die zijn schulden niet zou hebben betaald, waarop zijn medeplichtigen diens zwangere vrouw tegen de grond hebben geschopt. Die medeplichtigen, onder wie een psychiatrische patiënt met te veel pinten op, zitten wel in de cel.

Krijgt een absoluut contactverbod: een man die meent geld tegoed te hebben van een syndicus, wat volgens het dossier niet zo is, en de man en zijn vrouw stalkt en uitscheldt.

Wordt wel aangehouden: een aan vloeibare xtc en alcohol verslaafde man die nog geen maand uit de cel is voor het slaan van zijn ex, en haar opnieuw heeft toegetakeld, eenmaal hij vernam dat zij – ook verslaafd – het met een van zijn vrienden had aangelegd. Haar naam staat groot op zijn arm getatoeëerd.

Bij ieder van deze gevallen houdt Van Linthout minstens één uur verhoor. Op één na worden alle verdachten bijgestaan door pro-Deo-advocaten, die er het zwijgen toe doen.

Ik zie het bijna op alle niveaus van justitie: jullie klanten zijn de mensen aan de onderkant van de samenleving. Rijke mensen hebben de middelen om beter werk te maken van hun verdediging.

“Je moet dat niet eens proberen te ontkennen. Mensen met geld, ook fout geld, worden beter beschermd. Dan zie je mensen die geen enkele vorm van officiële inkomsten hebben plots naar binnen wandelen met drie van de toppleiters in dit land. Fantastisch toch, dat die dat allemaal pro Deo doen? Je weet niet hoe groot mijn respect voor hun sociale bewogenheid is.” (grijnst)

“Weet je, het is de plicht van iedere advocaat om alles te doen wat binnen de wet mag om zijn cliënt te verdedigen en vrij te krijgen. Maar zeg dat dan ook gewoon, en ga niet telkens voor de camera’s roepen dat je de enige behoeder van de rechtsstaat bent als je mensen van wie het dossier zonneklaar aantoont dat het topcriminelen zijn, met een procedureargument probeert los te krijgen. Die xtc-verslaafde van daarnet kan die pleiters echt niet betalen.”

Het procedureargument is de reden voor de publieke opinie om justitie uit te spuwen.

“Ik heb in een vorig leven nog als advocaat gewerkt bij Hans Rieder, dus mij ga je niet horen vertellen dat procedures niet belangrijk zijn. Maar die zijn er uiteindelijk wel om de inhoud de beschermen, niet om de vorm te laten overheersen. De resultaten van een huiszoeking zonder mandaat zijn vanzelfsprekend niet toelaatbaar, maar is dat ook zo als van de met vier pagina’s gemotiveerde opdracht tot huiszoeking door een vergetelheid één blad niet is geparafeerd? Natuurlijk ontploft de publieke opinie dan, en niet eens onterecht.”

“Omgekeerd moet je erkennen dat de Antigoon-toets (voor het gebruik van onrechtmatig verkregen bewijs, YD) soms iets te veel in het voordeel van de politie speelt. Net daarom is het goed dat zij een beetje schrik hebben van mij: dat ze weten dat ze met een goede reden moeten komen voor ze bij u thuis binnenvallen.”

Verschijnen er niet veel mensen van wie u zelf denkt dat die beter af zouden zijn met hulpverlening dan met een aanhouding?

“Absoluut. Maar als er iets strafrechtelijks is gebeurd, dan mag je niet verwachten dat ik niets doe. Hetzelfde met het interneringsverhaal: natuurlijk horen psychisch zieke mensen die een crimineel feit hebben gepleegd niet thuis in de gevangenis. Maar zolang er geen andere opvang is, kan ik hen moeilijk loslaten op de samenleving als ze zelf zeggen dat ze morgen opnieuw een psychose zullen krijgen.”

“Wij denken dat we in een zorgsamenleving zitten. We hebben zogezegd de beste ziekenzorg ter wereld, maar we zien hier iedere dag dat er voor heel veel problematieken geen opvang is, en dat mensen daardoor tot criminele feiten worden gedreven.”

“Bijvoorbeeld: een man wordt ontslagen uit de gevangenis. Zijn baas heeft hem ontslagen, zijn huisbaas heeft hem buitengezet, hij heeft geen bestaansmiddelen. Maar het OCMW wil hem niet, want ‘als we al die mannen uit het gevang moeten helpen, dan staat onze begroting meteen in het rood’. Maar waar moet die man dan wel heen? Dus wat doet hij? Op de pof een lading drugs kopen en dan weer verkopen. Waardoor hij een maand later weer voor mij verschijnt. Logisch dat die hervallen is, als niemand hem de hand reikt. Dan stuur ik die mens met plaatsvervangende schaamte terug naar de cel, in de hoop dat sommige instanties toch nog wakker schieten.”

Bron » De Morgen | Yves Desmet

Tags: , ,

Menu