Criminologe ziet hoe agenten boekje te buiten gaan terwijl ze er zelf bij staat: “Dat maakt het zorgwekkender”

26 april 2017

De politie uw vriend? Als het ­antwoord neen is, dan hebben ze dat voor een deel aan zichzelf te danken. Uit een doctoraatsstudie blijkt dat ­inspecteurs tijdens interventies in één op de drie gevallen de burger respectloos behandelen en in één op de vijf diens argumenten straal negeren. Af en toe gebruiken ze zelfs buitensporig geweld. “Dat veroorzaakt op zijn beurt negatief gedrag bij de burger”, zegt criminologe Anjuli Van Damme. “De politie moet daar dringend meer aandacht aan besteden.”

Een jonge, dronken man veroorzaakt amok op straat. Een inspecteur gooit hem geboeid in de combi. “Ik zag dat de man heel dronken was”, schrijft ­Anjuli Van Damme in haar ­doctoraat, “maar hij leek zich niet te verzetten. Plots hoorde ik de man roepen van de pijn. Bleek dat de inspecteur de man met de knie in zijn kruis had gestoten. Meteen daarna zag ik hem twee keer in het gezicht slaan.”

Tot drie keer toe was criminologe Anjuli Van Damme (UGent) getuige van buitensporig politiegeweld tijdens haar onderzoek. Daarvoor trok ze zes maanden lang in het kielzog van twee lokale interventieploegen. Ze onderzocht hoe de politie mensen behandelt door 215 interventies en 284 contacten met burgers te analyseren.

Het is frappant dat de inspecteurs geweld gebruikten zelfs als Van Damme erop stond te kijken. “Dat maakt het zorgwekkender”, zegt ze. “Mogelijk gebeurt het vaker wanneer ik er niet ben. Toegegeven: het waren situaties waarbij de betrokkenen zelf weinig respect toonden, maar de politie moet zich altijd professioneel gedragen.”

Net daar knelt het schoentje. Zo toonde de politie in 36 procent van de contacten geen eerbied voor de burger, al dan niet na weerspannig gedrag van de betrokkene zelf. Gaande van luid roepen, over denigrerende opmerkingen tot ronduit uitlachen. Sommige inspecteurs staken hun middelvinger op of maakten obscene gebaren. “Niet in het gezicht van de mensen, maar ze konden het wel zien”, zegt Van Damme. “Ik heb ook een inspecteur candy crush zien spelen tijdens een interventie, in plaats van te luisteren naar het verhaal van de burger.”

Om te bepalen wat respectloos is, stelde de onderzoekster een uitgebreid codeboek op waarmee ze elk gedrag objectief kon catalogeren.

“Weer nen bruinen”

Andere opmerkelijke conclusies? De politie negeerde in één op vijf gevallen de argumenten van de burger en in één op vier liet ze zich leiden door vooroordelen, zoals de afkomst of het geslacht van de betrokkene. “Veel mensen hebben het idee dat de politie racistisch is, maar soms werken inspecteurs dat zelf in de hand”, zegt Van Damme. “Ik heb ze wel eens luidop horen zeggen: het is weer nen bruinen, terwijl de betrokkene dat perfect kon horen.”

Het wangedrag concentreert zich volgens Van Damme bij een kleine groep inspecteurs. Ze observeerde er in totaal 44. “Het merendeel van hen nam echt wel de tijd om naar mensen te luisteren”, zegt ze. “Ik heb ook inspecteurs gezien die echt begaan waren met de burger en troost boden. Maar het is jammer dat die houding niet bij alle inspecteurs is doorgedrongen.”

Nochtans heeft de politie er alles bij te winnen. De criminologe legde de data over “onrechtvaardige” reacties van de inspecteurs naast het gedrag van de burgers. Daaruit blijkt dat de kans veel groter is dat mensen gehoorzamen als de politie wél correct en respectvol handelt. “Soms gaat het om heel simpele dingen, zoals meneer of mevrouw zeggen”, zegt Van Damme. “Praten, empathie en begrip: dat zijn de belangrijkste wapens van de politie.”

Het onderzoek bleef wel beperkt tot twee politiezones. “Ik kan geen uitspraken doen over de politie in het hele land, maar wellicht zou ik elders tot gelijkaardige conclusies komen.”

Bron » Het Nieuwsblad

Tags:

Menu