Een monumentale schande. Hoe kan het verder met de Bende?

25 oktober 2017

Soms keert het verleden op heel ironische wijze terug. De zogenaamde reus van de Bende van Nijvel zou in Aalst gewoond hebben en gestorven zijn, de stad van de laatste en meest moorddadige overval die acht mensenlevens kostte. Hoe kan het dat we pas na 35 jaar, misschien, een eerste dader kennen? En hoe zou het nu verder kunnen?

Over die Bende van Nijvel maakte ik een dubbele Panoramareportage (1995) die aanleiding was voor een tweede parlementaire onderzoekscommissie, alsook minstens vijf Terzake reportages; ik schreef er een boek over en het grootste hoofdstuk in het ‘Het land van de 1000 schandalen. Encyclopedie van een kwarteeuw Belgische affaires’. Daarna hield ik het journalistiek grotendeels voor bekeken. Je wil geen leven lang met schandalen doorbrengen en vooral, dat onderzoek is zelf een bende. Je kan als journalist die knoeiboel wel in kaart brengen en zelfs aanklagen, maar ook niet meer dan dat.

Maar alles komt terug… en niet omdat het onderzoek zelf voor een doorbraak zorgt. Laten we hopen dat er straks officieel bevestiging komt dat we eindelijk toch één dader kennen. Meer dan 35 jaar na de eerste feiten is dat niets te vroeg en nog altijd ridicuul weinig voor, tot de aanslagen van 22 maart vorig jaar, de zwaarste moordreeks in ons land.

Hoe kon het zover komen?

Het blijft ook vandaag een cruciale vraag waarom deze moordreeks zolang onopgehelderd blijft. Om te beginnen is het onderzoek ontzettend slecht gevoerd. Jaren gaan verloren omdat men in Nijvel koppig het doodlopende spoor van de Borains volgt, zelfs met het acht maanden achterhouden van het materiële bewijs dat hen vrijpleit. Uiteindelijk verhuis het dossier.

Dendermonde vond wapens en andere Bende-stukken, en vroeg toegang tot enkele gerechtelijke dossiers. Ondanks de geboekte vooruitgang kreeg het die informatie niet, wel werd het onderzoek plots afgepakt. Volksvertegenwoordiger Tony Van Parys zag dit als de ‘definitieve doodsteek’.

In de decennia die verstrijken is het een komen en gaan van onderzoeksrechters en speurders, elke continuïteit raakt zoek. Geregeld is er nog rook, maar nooit vuur, er komen maar geen resultaten.

Opvallend is hoeveel mogelijke sporen en hypotheses dit onderzoek wel telt: banditisme, afpersing, extreemrechts, voorbereiding van een staatsgreep, (ex-) rijkswachters, schietclubs, inlichtingendiensten, wapenhandel… Nog opvallender is hoe het onderzoek in al die richtingen onvoldoende is gevoerd met als vervelende gevolg dat geen enkele hypothese echt kan worden afgevinkt. Ook vallen er veel beslissingen die minstens de schijn van tegenwerking oproepen; zo wordt het bovenop een kweekvijver voor complottheorieën, bijna onafwendbaar is dat als er geen klaarheid komt.

Zou het dan nu anders kunnen verlopen?

Zullen gerecht en politie deze maal die klaarheid scheppen, liefst volledig? Alvast geeft men de indruk er nu echt werk te willen van maken. Maar het is niet voor het eerst dat men daadkracht verkondigt nadat de Bende het nieuws haalt, er zijn vroeger zelfs al resultaten aangekondigd inclusief deadlines die inmiddels ook al vele jaren verjaard zijn.

Zal men dan nu mogelijke betrokkenen stevig op de rooster leggen? En niet zoals vroeger een rogatoire commissies sturen naar het verre buitenland waar een ondervraagde als vrij man met de voeten kan spelen van speurders in tijdsnood en zonder veel overtuigingsmiddelen?

Zal men niet langer wachten tot mensen dood zijn om ‘nog eens’ in gang te schieten? Dat gebeurde vroeger al met onder andere Martial Lekeu, overleden in de VS, en Madani Bouhouche, overleden in Frankrijk? Ook nu kan de vermoedelijke dader niet meer antwoorden: wie waren zijn kompanen? Had hij een bijverdienste als crimineel? Of andere motieven? Of handelde hij in opdracht, en van wie dan wel?

Zal men het onderzoek echt op volle kracht voeren, met inzet van alle middelen en technieken? Zal men na 35 jaar ook snel een regeling voor kroongetuigen uitwerken? Zodat we nu eindelijk te weten zouden komen wat er al dan niet aan de hand was met leden en ex-leden van de groep Diane en de ruimere rijkswacht?

Zullen we dus eindelijk helemaal weten wie de daders waren, waarom ze het deden en wie de opdrachtgevers waren?

Een monument van de schande

Het is goed om niet te cynisch te zijn en te hopen op een echte doorbraak in deze permanente schandvlek op de Belgische justitie. Iedereen die enigszins verantwoordelijk en betrokken is in politiek, politie of gerecht zou dit moeten eisen en zich daarvoor te pletter ijveren. Maar men kan niet al te naïef zijn. Na 35 jaar van onuitstaanbare onkunde en onwil zou het verbazen als we ooit het fijne ervan te weten zullen komen.

Wat zeker kan, hoe het onderzoek verder ook evolueert, is dat dit land de middelen vrijmaakt voor een monument ter nagedachtenis van de slachtoffers. Minstens dat is deze staat hen verschuldigd. Zij, en alle burgers, hebben recht op dit monument waarmee de schande van een rechtsstaat die schuldig verzuim pleegt, onuitwisbaar aanwezig blijft. Voor de opname van de Panorama-reportages in 1995 verzamelden we alle door de Bende gebruikte wapens in het Brusselse justitiepaleis, misschien kan dat inspireren. Want zolang de Bende-moorden onopgelost zijn, blijven de slachtoffers met volledig lege handen achter en regeert geweld.

Bron » Pala.be | Dirk Barrez

Tags:

Menu