Vlucht

De laatste vlucht van de Bende

Een week graven in september 2004 in het Bois de la Houssière leverde geen lijk op, wel een versterkt geloof dat de ‘killer’ van de Bende van Nijvel op 9 november 1985 werd neergekogeld door de politie en achteraf uit zijn lijden verlost door zijn kornuiten. Wat moet je je daarbij voorstellen, de twee resterende Bende-leden in hun Golf GTI met hun bloedende leider achterin? Deze tekst is een reconstructie van die laatste vlucht.

“Gelukt!”

“Wij, eerste vaststeller, hebben met onze riotgun één maal gevuurd in de richting van de man op de hoek van de uitgang van de parking van Delhaize. Agent Nevens Eddy heeft met zijn dienstwapen Smith & Wesson één maal gevuurd in de richting van dezelfde persoon die terug op de parking liep. Vervolgens is er een donkere wagen van de parking komen gereden. Achter het voertuig, waarvan de achterdeur openstond, liep één van de daders met een riotgun. Op deze dader werd door agent Arijs Jean-Marie één keer gevuurd met zijn dienstpistool FN 7,65 mm. De dader is achteraan in het voertuig gesprongen. De wagen is in grote snelheid vertrokken via de Geraardsbergsestraat. Agent Nevens Eddy heeft nog drie keer gevuurd – vier keer, blijkt later – op het vluchtend voertuig. Agent Arijs Jean-Marie heeft eveneens één maal gevuurd op het voertuig.”

Vlot is het taalgebruik niet echt, maar wat wil je. Het is zaterdag 9 november 1985, 23.05 uur, ruim vier uur na de feiten, wanneer de acht nog natrillende agenten van de politie in Aalst op het commissariaat het laatste van vier vellen uit hun schrijfmachine laten rollen. Dit is het eerste officiële verslag van het drama dat de carnavalsstad die avond trof. Acht doden, zes gewonden. In het ziekenhuis vecht een jongen van negen voor zijn leven.

Nooit eerder sloeg de Bende van Nijvel zo driest toe. Het verslag leert ons dat de ‘killer’ door niet één maar twee agenten is beschoten. Vijf kogels. Op de open achterklep van een Golf GTI. Wat speelde er zich af in die GTI? Als de nieuwste hypothese van de Cel Waals-Brabant de juiste is, moeten we denken aan een tafereel waarbij ‘de oude’ en ‘de reus’ vooraan “gelukt!” roepen naar de man achterin. Aan een tafereel waarbij van achterin geen antwoord komt, hooguit wat gekreun. “Tja, en naar de dokter konden ze moeilijk gaan”, oppert CWB-onderzoeksleider Eddy Vos.

Na Aalst zou de Bende nooit meer toeslaan. Simpel, meent Vos: omdat Eddy Nevens raak trof. De hypothese werd iets meer dan dat na de vondst, vorige week in het Bois de la Houssière, van twee kogelkoppen en -hulzen. Exact op de plaats die twee getuigen vorig jaar – rijkelijk laat – aanwezen in het bos in ’s Gravenbrakel. Zij beweren dat ze daar in de nacht van 9 op 10 november 1985 rond 00.30 een Golf GTI opmerkten. Daarnaast: twee mannen en een levenloos lichaam op de grond.

De in het bos gevonden munitie lijkt afkomstig van een ‘Ingram 9 mm court’, een nogal zeldzaam type machinegeweer waarvan de Bende er op 30 september 1982 één stal bij wapenhandel Dekaise. Mensen die in Aalst aan de dood ontsnapten beschreven achteraf het machinegeweer dat ze op de rug van de ‘reus’ zagen bengelen. Dat deed de speurders toen al vermoeden dat het die Ingram van bij Dekaise kan zijn geweest. “De vondst van de munitie doet ons denken aan een executie”, zegt Vos. “De leider uit zijn lijden verlost. En elders begraven.”

Een politiewagen na de overval in Aalst.

Een politiewagen na de overval in Aalst.

Van Aalst naar Ninove

Tot in 1989 werden de luttele stappen voorwaarts in dit onderzoek gerealiseerd door de Delta-cel van de Dendermondse onderzoeksrechter Freddy Troch. In Humo plaatste een ex-Delta-speurder deze week vraagtekens bij de nieuwe theorie: “Je moet al een scherpschutter zijn om iemand van op 15 meter te kunnen raken.” Onaannemelijk, meent hij, dat Eddy Nevens, geknield dekking zoekend, van op 35 à 40 meter raak kan hebben getroffen. Eddy Vos: “Voor we met de graafmachines naar dat bos trokken, hebben we het hele gebeuren rond de Delhaize weer in kaart gebracht en met die agent gepraat. Alleen bij zijn eerste schot stond hij op 30 meter. Bij die vier laatste stond hij dichter, rechtop en in schuttershouding. De afstand is vergelijkbaar met die op een schietbaan. Opscheppen doet die agent niet. Hij is ook niet zeker dat hij raak trof. Zijn ‘gevoel’ als schutter zegt hem dat één schot goed was.”

Het tijdstip waarop de Bende met gierende banden wegrijdt, situeert zich rond 19.49 uur. De eerste achtervolgers zijn agenten Marc Meganck en – weer hij – Eddy Nevens. Hun Ford is echter geen partij voor de opgefokte GTI. De agenten rijden Geraardsbergsestraat in, die na enkele honderden meters de Ninovesteenweg wordt. Aan taverne Houten Hand worden ze voorbijgesneld door een rijkswachtwagen.

De politiediensten gaan er in die eerste minuten vanuit dat de Bende via de ‘oude baan’, de N405, naar Ninove aan het rijden is. Om 19.50 uur wordt de rijkswacht van Ninove verwittigd, die een wegversperring opstelt aan het kruispunt De Doorn. Dat is al 12 kilometer verwijderd van de Delhaize in Aalst. Over het tijdstip waarop die blokkade er staat, volgt achteraf discussie. 19.53 uur, zegt de één. 19.58 uur, zegt de ander.

Het maakt weinig uit, zo luidt de conclusie als de Delta-cel in 1987 alle mogelijke trajecten met de chronometer overdoet in een zware Volvo. Die nacht is een klein detail over het hoofd gezien: de N45, pas enkele weken daarvoor in gebruik genomen. Die verbindt, iets westelijker, Aalst eveneens met Ninove. Een fonkelnieuwe autoweg. Vier rijvakken. Prima verlicht. Aantal verkeerslichten, in die tijd: nul. De N45 mondt in Ninove uit vlak bij De Doorn, zo vermeldt het proces-verbaal 100.673 van de Delta-cel. Maar: ‘Vanop de plaats waar het dispositief staat opgesteld, is er geen controle mogelijk op de nieuwe autoweg.’ Latere verificaties laten zien dat de Bende inderdaad de N45 heeft gebruikt.

Een ingenieuze route

Van op de Ninovesteenweg is de GTI net voorbij de brug over de E40-autosnelweg het straatje rechts ingeslagen naar het industriepark-Zuid. Doe de route zelf over en je ziet het ingenieuze ervan. Ze is sneller dan alle andere en gaat in een boog rond alle plaatsen waar politie mag worden verwacht. Het straatje mondt uit aan de bekende rotonde in Erembodegem. Links wenkt de N45, rechts de E40. De Bende koos links, wetend dat de moeilijke keuze de achtervolgers cruciale seconden zou doen verliezen.

Eén getuige zag de donkerkleurige Golf GTI even daarvoor, toen die op de brug over de E40 reed. Het was ongeveer 19.50 uur, herinnerde Pieter D.B. uit Denderleeuw zich. Over zijn getuigenis bestaat weinig discussie. De timing in zijn relaas strookt perfect met wat over de vluchtroute bekend is: de rijkswachtwagen die kort na de GTI op de Ninovesteenweg verscheen, de GTI die hij voorbij de brug ondanks een goed zicht op de baan plots niet meer zag. Omdat die het industriepark was ingereden. D.B. wist nog niet van het drama in de Delhaize, maar buiten de snelheid en de gedoofde lichten waarmee de GTI hem voorbij raasde, was er iets anders dat hem eraan intrigeerde.

Pieter D.B., verhoord op 14 november 1985: “Het viel mij op dat de achterdeur van het voertuig volledig openstond, naar boven. Het achterste deel was volledig verduisterd.” Tussen de Delhaize en de brug ligt 1,8 kilometer. Bij de aanslagen in Eigenbrakel en Overijse, uitgevoerd met een Golf GTI, zagen getuigen hoe de ‘killer’ ook als laatste instapte en de klep zich meteen daarna “als vanzelf sloot”.

De speurders gaan ervan uit dat in de auto “een mechanisme” was geknutseld waarmee de ‘killer’ de klep zelf kon sluiten. Geen overbodige luxe, gezien de vaart waarmee de GTI wegstoof. Als het klopt wat Pieter D.B. heeft gezien, schortte er in Aalst na 1,8 kilometer wat aan dat mechanisme. Of aan de man die het moest bedienen. “Ik wou hen duidelijk maken wat ik van hun rijgedrag dacht”, zegt de toen 21-jarige schepenzoon met de BMW. “Dus raasde ik achter hen aan. Mijn teller klom tot 200 kilometer per uur.”

“Het leek wel een raket!”

Jan Anthoons en zijn vrouw zijn die avond feestelijk gekleed. Hij is de ex-burgemeester (CVP) van Gooik en heeft net afstand gedaan van de sjerp om in de provincieraad te gaan zetelen. “Wat niet belette dat het geplande burgemeestersbal nog doorging”, legt hij uit. “We vertrokken om acht uur vanuit Oetingen naar de feestzaal via de weg Ninove-Halle. Net voor Leerbeek heb je daar twee smalle, scherpe bochten na elkaar. Vrij gevaarlijk.”

“Een normaal mens mindert er door de beperkte zichtbaarheid vanzelf de snelheid tot 40 of 50 per uur. Precies daar haalde die auto mij in. Ik heb er weinig van gezien. Het leek een raket.” De nu 71-jarige Gooikse oud-politicus zag nog iets. Na de raket kwam een BMW met een net zo dolle snelheid voorbij geraasd. Achter het stuur herkende hij de 21-jarige zoon van een schepen van zijn liberale coalitiepartner. Ook Anthoons wist nog niet van het drama in Aalst, maar hij nam zich voor om maandag een ernstig gesprek te hebben met de schepen. “Daarom keek ik op mijn klok. Het was vijf over acht.”

De schepenzoon van weleer is vandaag een veertiger, inmiddels zelf ook politiek actief. Hij spreekt erover als over een jeugdzonde. “Ik had die BMW nog maar net en deed daar dingen mee die ik vandaag nooit meer zou doen”, zegt hij. “Twee kilometer voor Leerbeek zat ik achter een tractor. Ik wou die inhalen. Juist op dat moment raasde die donkere Golf GTI me voorbij. Hij kwam van nergens, zo snel. Hij reed op het linker rijvak, was aan het spookrijden. Met een reflex kon ik voorkomen dat hij me in de berm ramde. Je bent jong en wat doe je dan?”

U zette de achtervolging in op de Bende van Nijvel?

“Inderdaad. Ik wou die gasten even duidelijk maken wat ik van hun rijgedrag dacht. Dus raasde ik achter hen aan. Ik zag mijn kilometerteller klimmen tot 200 per uur. In Leerbeek zijn we door die bochten gevlogen en – bleek achteraf – onze burgemeester gepasseerd. De man achter het stuur van de GTI moet een heel goede chauffeur zijn geweest. Het was extreem riskant wat hij allemaal uithaalde.”

Stond de achterklep open?

“Dat hebben de speurders mij toen ook gevraagd, maar nee: die was dicht. Anders was me dat echt wel opgevallen.”

Hoeveel mensen zag u in die GTI?

“Ik zag duidelijk twee silhouetten, vooraan. Of er iemand achteraan zat – of lag zoals de speurders nu denken – kan ik niet zeggen.”

Hoe dicht bent u die GTI genaderd?

“Het was geen bumper-aan-bumpersituatie of zo, maar ik kon de wagen vrij helder beschrijven. En zij hebben mij zeker ook opgemerkt. Ik heb de hele tijd met mijn grote lichten geknipperd, om uiting te geven aan mijn woede. Aan de verkeerslichten in Leerbeek, na een achtervolging van twee kilometer, ben ik gestopt. Die GTI knalde door het rood en zo gek was ik nu ook weer niet. Toen ik nadien hoorde van het drama in Aalst, ben ik natuurlijk geschrokken.”

Er was al eens eerder een burger die na een Bende-raid achter een GTI aanging om zijn mening over zo’n wild rijgedrag kenbaar te maken. Dat was na het bloedbad in de Delhaize Beersel. De GTI vertraagde, de klep opende zich, de ‘killer’ richtte zijn wapen op de achtervolger. Die duwde meteen keihard op zijn rempedaal en droop af. Niets van die strekking overkwam de Gooikse schepenzoon.

Een goede chauffeur

Elke gangsterbende is afhankelijk van een goede chauffeur. Kenners van het gangstermilieu in de jaren tachtig wezen er toen al op dat het onderzoek zich in plaats van op die mythische ‘reus’ (of de ‘killer’) beter kon toespitsen op die derde man, vandaag door profilers getypeerd als ‘de oude’. Hij nam minder actief deel aan de moordpartijen en leek eerder achter de anderen aan te lopen om dekking te bieden. Hij was voor alles de chauffeur. Zijn stuurvaardigheid was buitengewoon. In het gangsterwezen kunnen er hooguit een tiental zijn geweest die konden wat ‘de oude’ tijdens politieachtervolgingen uithaalde. Voor de Delta-cel in 1987 haar testritten uitvoerde, had ze eerst zo haar twijfels bij de getuigenissen van Anthoons en de schepenzoon. Om 20.05 uur kon de GTI toch nog niet in Leerbeek zijn geraakt? Uitslag van de test: de Volvo bereikte Leerbeek om 20.02 uur.

“Verdorie, u hebt gelijk”, reageert Eddy Vos. “Wij moeten dringend die drie getuigenissen gaan herbekijken. Dit sluit naadloos aan bij onze hypothese. Dat van die open laadklep in Erembodegem was me ontgaan, maar nu u het zegt… Het is niet normaal dat ze na 1,8 kilometer nog met een open laadklep rijden. Het is nog minder normaal dat iemand vanuit zijn BMW er achteraan gaat, met zijn lichten gaat knipperen en er vanuit de GTI geen reactie komt.

Dat de tweede getuige een gesloten achterklep ziet, kan simpel te verklaren zijn doordat de man op het passagierszitje vooraa, ‘de reus’, even naar achteren is gekropen om het te sluiten.” Het beklemmende aan dit verhaal is wat je merkt als je het traject overdoet. Vanuit Aalst rij je altijd maar rechtdoor. In Ninove kom je voorbij de aankomstplaats van de Ronde van Vlaanderen en na 32,1 kilometer rij je het centrum van Halle binnen. Sla aan de lichten rechtsaf en je zit op de N6, in 1985 nog een drievaksbaan. Na 16 kilometer sta je in ’s Gravenbrakel. Weggetje links: Bois de la Houssière. Afstand: 52 kilometer. Als het klopt wat de CWB denkt, was de Bende van Nijvel een half uur na de feiten in Aalst al thuis.

De week van het Bos

Eddy Vos is gebiologeerd door “de tijdslijn” in het Bois de la Houssière. “Een uur voor de aanslag in Aalst bemerkt iemand er een groep gewapende mannen rond een Golf GTI en een witte of lichtgrijze Mercedes”, zegt hij. “De nacht na de raid, rond 00.40 uur, zien twee getuigen in Ronquières, vlak bij het bos, mannen die zakken in het kanaal Brussel-Charleroi werpen. Een jaar later vist het Delta-team ze op en blijkt het te gaan om delen van de buit van de Bende en Bende-wapens. In diezelfde nacht wordt in het bos een brandende Golf GTI van de Bende aangetroffen. Die is om 01.40 uur in de fik gestoken, een uur na het dumpen van de zakken in het kanaal. Tussenin heb je dan, enkele uren na de raid in Aalst, onze nieuwe getuigen die twee mannen naast een GTI zien staan en een derde op de grond zien liggen.”

De opgravingen in het Bois de la Houssière.

De opgravingen in het Bois de la Houssière.

“En dat gebeurt allemaal in een vrij klein gebied. Volgens mij zijn dat sporen van de Bende die zichzelf opdoekt, beginnend met de executie van de ‘killer’. Tijdens de graafwerken ging ik ’s avonds in de streek pinten drinken, hopend iets te vernemen. Er moet iets zijn dat maakt dat die lui zich in dat bos zo veilig voelden. Misschien is het iets stoms, iets wat onbelangrijk lijkt, maar het moet er zijn.”

De Week van het Bos leverde geen lijk op, enkel meer geloof in de hypothese over het hoe. Omtrent het wie en het waarom tasten we nog steeds even diep in het duister. Verdiep je in een simpel deelaspect van het Bende-dossier als de gekozen vluchtroute en de verklaring is ontnuchterend. Laat in de avond van 9 november 1985 gaat Eddy Nevens zelf rond de Delhaize zijn kogelhulzen zoeken.

Hij vindt er drie, biedt ze aan aan de leidinggevende speurders, maar die willen ze niet. Pas acht maanden later slagen zij erin uit te maken welke hulzen van de Bende waren en welke van de politie. Jan Anthoons contacteert op 12 november 1985 de BOB Halle. “Het heeft daarna ongeveer een jaar geduurd voor ik werd ondervraagd”, zegt hij. De schepenzoon wordt voor een eerste keer grondig ondervraagd op 24 november 1986, meer dan 13 maanden na de feiten.

Pieter D.B. niet meegerekend, waren het enkel politici, mensen met een zeker verantwoordelijkheidsbesef, die spontaan de politie contacteerden. Het kan niet anders of meer mensen bemerkten een op kleine wegen met 200 per uur voorbij razende GTI zonder lichten aan. Geen spoor van een oproep aan getuigen in Aalst, Ninove, Gooik of Halle. Zo zou je haast gaan begrijpen waarom de CWB zoveel waarde kan hechten aan de getuigenis van twee getuigen die achttien jaar lang zwegen.


Bron » De Morgen | Douglas De Coninck

Menu