Atlas

Toen de Dinantse wapenhandelaar Joseph Cataï op zaterdag 13 maart 1982 twee mannen uit zijn winkel aan de Rue Adolphe Sax zag wegvluchten en later vaststelde dat een jachtgeweer van kaliber 10 was verdwenen, had hij er geen flauw benul van dat de daders deel uitmaakten van wat later de bekendste criminele organisatie uit de Belgische misdaadgeschiedenis zou worden.

Tussen maart 1982 en november 1985 trok de Bende van Nijvel – ook bekend als de Dolle Schutters van Waals-Brabant – een bloedig spoor door België. De bende maakte minstens 28 dodelijke slachtoffers en verwondde meer dan 40 mensen. Zonder enige aarzeling werden lastige getuigen, toevallige voorbijgangers en onschuldige mannen, vrouwen en kinderen neergeschoten. Ook politie- en rijkswachters werden geviseerd. De daders lokten politiewagens zelfs in zorgvuldig voorbereide hinderlagen, waarbij ze te werk gingen met een bijna militaire efficiëntie.

Na zeven onderzoeksrechters, twaalf archiefkasten gevuld met bijna drie miljoen pagina’s en talloze onderzoekspistes staat het onderzoek nog altijd nergens. De speurders van de Cel Waals Brabant zijn er, meer dan dertig jaar na de eerste overval van de Bende van Nijvel, nog steeds niet in geslaagd de daders te identificeren of te laten veroordelen.

“De onderzoekers zullen de daders en de organisatoren van de misdaden nooit vinden, want ze zouden op hoger niveau hun tanden breken.” Dat verklaarde ex-rijkswachter Madani Bouhouche letterlijk aan een lid van de gerechtelijke politie van Charleroi. Ook Bende-verdachte Michel Cocu liet zich in gelijkaardige bewoordingen uit. Volgens hem kon hij de naam van een van zijn kompanen niet noemen, omdat die “de machtigste man van België” zou zijn. Deze uitspraken werden nooit grondig onderzocht. Was daar geen aanleiding toe, of botste het onderzoek inderdaad op onoverkomelijke obstakels?

“Geleidelijk kwam ik tot het besef dat mensen gemakkelijker leugens slikken dan de waarheid, alsof leugens een vertrouwde smaak hadden en naar meer deden verlangen: een gewoonte. Goede mensen, degenen die het kwaad bestreden waar ze het maar zagen, vormden nooit meer dan een dappere minderheid. De miljoenen die werden gemanipuleerd, konden worden opgezweept of gekalmeerd door welke leugen dan ook.”
– Martha Gellhorn