Flikkenfusie moet wantrouwen wegwerken

21 december 2016

Binnenlandminister Jan Jambon (N-VA) wil het onderscheid tussen de ‘gewone’ politie en de parketten doen verdwijnen. Alleen zo kunnen inlichtingen over terroristen sneller gedeeld worden. CD&V heeft twijfels.

Het uitgangspunt van Jambon is dat het gedaan moet zijn met het ingebakken wantrouwen tussen politiediensten. Nu werken veel agenten nog volgens de regel: nieuwe info houd ik voor mezelf, tenzij ik die echt moet verspreiden.

Jambon wil dat omkeren. Nieuwe info moet altijd gedeeld worden. Tenzij er argumenten zijn om dat niet te doen, zoals een gevaar voor lekken. En die omslag kan er alleen komen als de bestuurlijke en gerechtelijke politie nauw samenwerken.

“Ik vind de opdeling achterhaald”, was Jambon maandag duidelijk in de onderzoekscommissie naar de aanslagen. Ook Hans Bonte, de terreurspecialist van sp.a en burgemeester van Vilvoorde, zegt het al langer. “Ze vertrouwen elkaar niet.”

Efficiëntie

Bonte diende begin dit jaar een wetsvoorstel in om de gerechtelijke politie te verplichten inlichtingen te delen met hun collega’s van de bestuurlijke politie. Die gegevens worden volgens hem veel te vaak traag of onvolledig doorgegeven. “We moeten durven na te denken over minder structuren: over de fusies van politiezones op lokaal vlak, en over veel nauwere samenwerking tussen de bestuurlijke en de gerechtelijke politie. Eén structuur leidt tot de grootste efficiëntie.”

Jambon zegt niet nee tegen een volledige fusie.

CD&V lijkt minder enthousiast over het plan van Jambon. De partij maakt zich er zorgen over dat de gerechtelijke politie het ondergeschoven kind zal worden bij een fusie. In de aanslagencommissie pleitte justitieminister Koen Geens (CD&V) maandag bovendien voor een eigen rechercheafdeling voor het federaal parket. Hij leek geen fan van meer schaalvergroting.

Wie heeft het bij het rechte eind? Criminoloog Brice De Ruyver (UGent): “Wij zijn een van de laatste landen die zo strikt vasthouden aan het onderscheid tussen bestuurlijke en gerechtelijke politie. Dit hindert de politiewerking.” In de realiteit houden criminelen zich niet aan die tweedeling, dus de politie moet zich daar ook niet aan houden, beargumenteert De Ruyver. Over het voorstel van Geens is hij kort: “We hebben in ons land geen goede ervaringen met een aparte elite-eenheid binnen de politie. Integendeel. Een soort Belgische FBI, wat vroeger de 23ste brigade was, ligt moeilijk. De reden is simpel: dit soort eenheid is afgesneden van de realiteit.”

Volgens Servais Verherstraeten, de CD&V-kopman in het parlement, dreigt de capaciteit van de gerechtelijke politie te lijden onder het plan van Jambon. “Maar meer kan ik daar nu niet over kwijt. We gaan hier eerstdaags over discussiëren.”

De bestuurlijke en de gerechtelijke politie werken nu naast elkaar. Elke ‘zuil’ heeft zijn eigen organisatie, met een eigen chef aan het hoofd. Het gevolg is dat het personeel de collega’s van de andere organisatie niet kent en ook niet meteen op de hoogte brengt.

In de strijd tegen de terreur is die kruisbestuiving nochtans belangrijk. De meeste jihadisten hadden een verleden als boefje voor ze radicaliseerden. Maar door de verzuiling binnen de politie is het moeilijk hun hele ‘carrière’ te volgen.

Een illustratie van dit probleem is hoe de antiterreurdienst DJSOC TERRO het een half jaar naliet de collega’s te melden dat Ibrahim El Bakraoui, een van de latere aanslagplegers in Brussel, waarschijnlijk ondergedoken was in de hoofdstad.

Vakbonden

Jambon krijgt alvast bijval van de vakbonden. “Wij zeggen al lang dat de structuur achterhaald is”, reageert Vincent Houssin van de politiebond VSOA. “Er is te veel versnippering en te weinig infodoorstroming tussen de vele diensten.” Tegelijk waarschuwt Houssin voor half werk. Als Jambon een hervorming wil, dan moet hij alle partijen meekrijgen. “Anders wordt in de volgende regeerperiode alles teruggedraaid.”

Jambon kent dus zijn opdracht: CD&V overtuigen.

Gaan deze twee samen?

  • Bestuurlijke politie: Beter bekend als de ‘flikken’ in hun combi’s. Ze staan in voor de ordehandhaving. Als iemand een boete krijgt voor wildplassen of drugsgebruik, hebben zij hem allicht betrapt.
  • Gerechtelijke politie: Beter bekend als ‘het parket’. Zij onderzoeken misdrijven (denk aan commissaris Witse). Als iemand van zijn bed wordt gelicht voor moord of wapenhandel, doen zij dat.

Bron » De Morgen

Tags:

Menu