Broer van De Reus: “Ik denk dat ik het van me bleef wegduwen”

22 oktober 2017

“Je weet het wel, maar je houdt dat tegen. Je weet dat Madani Bouhouche en Robert Beijer bij ons thuis kwamen. En dan zit je bij de federale politie, schuiven ze die foto onder je ogen. Denk je terug aan zijn woorden, net voor hij stierf.” Wij spraken met de broer van de Reus.

Zijn tienerdochter voelt zich sinds zondagmiddag belaagd door een haatcampagne op Facebook. Hij is bang voor wat nog gaat volgen. Daarom ontmoeten we hem in het kantoor van advocaat Geert Lenssens, die de familie hierna wil afschermen.

Hij is aangeslagen, oogt breekbaar.

“Hij was vier jaar ouder dan ik. Wij waren met twee. In die jaren had je dat: de ene ging studeren, de andere bij de rijkswacht. Wij groeiden uit elkaar. We zijn later op zeker moment wel opnieuw naar elkaar toe gegroeid.”

Python

C.B. sluit zich in 1971 aan bij de rijkswacht, behoort na zijn basisopleiding tot de allereerste lichting van 40 rekruten van de groep Diane, de speciale gevechtseenheid.

“Hij had drie zwarte gordels in diverse oosterse gevechtssporten zoals karate. Hij was heel sportief, in zijn jeugd was hij bij de scouts. Dat eerste jaar bij de rijkswacht heeft hem enorm veranderd. Gehersenspoeld. Hij mocht niet spreken over zijn werk. Hij zei ons dat hij training had gekregen van mensen van de Mossad en de GSG 9 (Israëlische en Duitse geheime diensten, DDC) . Maar dat was het ongeveer. Ik vond mijn broer erg beïnvloedbaar. Plots zo van: een bevel is een bevel. Er wordt nu beweerd dat hij extreemrechts was, maar dat heb ik nooit in hem gezien. Hij kwam net zo goed overeen met een moslim als met iedereen. Voor mij heeft hij een bevel uitgevoerd.

“Hij woonde nog bij ons thuis. Hij zat in die tijd twee weken lang bij de groep Diane, in Etterbeek, en kwam dan een weekend langs. Maar hij was erg veranderd. Hoe moet ik het zeggen? Geherprogrammeerd. Eigenlijk, achteraf gezien, had ik het misschien wel kunnen vermoeden. Ik bedoel: Madani Bouhouche en Robert Beijer kwamen bij ons thuis, in Dendermonde. Dat waren vrienden van hem. En die zaten daar dan, dingen te bespreken. Wat weet ik niet. Er was nog zo’n gast, een zekere ‘Python’ van de groep Diane.”

Bouhouche en Beijer, ex-rijkswachters, worden al meer dan 30 jaar in verband gebracht met de Bende van Nijvel. Zij pleegden eind 1981 ook een spectaculaire wapenroof bij de groep-Diane.

“Weet u wat het is? Je verzet je tegen dat besef. Een paar jaar geleden zonden ze op tv de reconstructie van de laatste 24 uur van de Bende van Nijvel uit. Ik zat naast hem en hij zei: ‘Die wapens? Die gaan ze nooit vinden!’ Ik wist dat hij bij de groep Diane zat, wist met wat voor mensen hij optrok. Dan die bril op de robotfoto, die hij al droeg sinds zijn achttiende, altijd datzelfde model. Zijn gestalte: hij was dik tien centimeter groter dan ik, en ik ben een meter tachtig. Ik denk dat ik het van me bleef wegduwen.”

Uit Diane gezet

De enige beschikbare foto toont ons C.B. tijdens een carnavalsfeest in café Tijl, zijn stamcafé in Dendermonde. Hij heeft zich verkleed als piraat. “Dat is een foto uit de vroege jaren 70”, zegt de broer. “Hij zat volgens mij toen nog niet eens bij de groep Diane.”

Een artikel uit de Dendermondse krant De Voorpost van 18 februari 1983 maakt melding van de carnavalsgroep de Tijlvrienden. C.B. is ondervoorzitter en de voorzitter is Paul Van Damme, de uitbater van het café. Zijn zoon Marc Van Damme is een leeftijdsgenoot van C.B. en staat geregeld achter de toog.

“Zij waren erg goede vrienden, Marc en hij. Ze gingen in de jaren 70 en begin jaren 80 vaak samen uit in Brussel.”

Ergens rondom 1981 is er een incident. Details zijn niet bekend, de broer wil er ook niet over spreken, maar C.B. wordt uit de groep Diane gezet en overgeplaatst naar de rijkswachtbrigade in Dendermonde en later Aalst. C.B. zal altijd eerste wachtmeester blijven, hij maakt op geen enkel moment promotie. Hij doet in Aalst vaak patrouilles. Zijn bijnaam onder collega’s is ‘Bonno’.

“Als er heibel was in een café stuurden ze hem. Van zodra hij binnen kwam, met zijn postuur, stopte het geruzie direct. Half Aalst moet hem hebben gekend.”

C.B. blijft tot zijn 35ste bij zijn ouders wonen, gaat pas in 1990 alleen wonen. Op 30 december 1993 huwt hij Denise. Het huwelijk loopt al na twee maanden spaak. Kort daarna verhuist hij naar Aalst, een rijtjeshuis in de Langestraat. Hij begint een relatie met N.

Laatste gesprek

Het was niet de broer die met de sterfbedbiecht van C.B. naar de speurders is gegaan. Volgens de broer ging het zo: “Het is Marc Van Damme, zijn jeugdvriend, die hem direct heeft herkend op de eerste serie robotfoto’s van eind 1998. Die heeft daarna ook alle banden met hem verbroken. Zo is de bal aan het rollen gegaan.”

C.B. ging in 2011 met pensioen, het ging daarna erg snel bergaf met hem.

“Hij heeft zich dood gedronken, en ik denk dat hij dat wou omdat hij er niet meer mee kon leven. Vroeger dronk hij weleens een Leffe met zijn collega’s. Nu werd het porto, dan Martini en uiteindelijk stond hij op en begon hij meteen wodka te drinken. De laatste twee jaren waren heel intens. Om de twee dagen ging ik na mijn werk boodschappen voor hem doen. Ik kookte, op het laatst moest ik hem zelfs in bad steken. Op een dag is hij gevallen. Het is toen gebeurd, een paar dagen of zo voor zijn dood. Hij was nuchter en helder die avond. Hij zei: ‘Ik was bij de Bende van Nijvel.’ Hij wou het kwijt, en ik denk dat hij wel voelde dat hij het niet lang meer ging trekken. Ik heb hem nadien geen uitleg meer kunnen vragen, hij was dood. Toch bleef ik het besef nog bevechten. Hij heeft me geen details gegeven, ik heb ook niet doorgevraagd.”

Viermaal verhoord

In maart van dit jaar wordt de broer in Dendermonde ondervraagd door speurders uit Charleroi.

“Je zit daar, ze schuiven die robotfoto voor je: ‘Herken jij deze man?’ Dan leggen ze zijn foto van bij groep Diane ernaast. Daar besefte ik: ik kan hier niet meer van tussen. (geëmotioneerd) Ik heb uitgelegd wat mijn broer me net voor zijn dood heeft verteld. Intussen hebben ze ook verklaringen van Marc en van N. De speurders hebben me geconfronteerd met namen van toen: Bouhouche, Beijer, Christian Amory, Martial Lekeu… Alleen die eerste twee kende ik. Ik ben begin dit jaar vier keer ondervraagd en heb alles verteld wat ik kon vertellen.”

C.B. overleed op 14 mei 2015, eenzaam. Hij was gevallen. Werd gevonden door een jongen die hij vijf jaar eerder als een soort pleegzoon uit de marginaliteit had gehaald en dankzij hem een koksopleiding was gaan volgen.

Zijn broer: “Ik was nu de enige van ons gezin die nog leefde. Ik kon dat besef, dat hij bij de Bende van Nijvel had gezeten, er niet nog eens bij nemen. Nu voel ik me ergens opgelucht, maar de last blijft zo zwaar.”

Bron » De Morgen | Douglas De Coninck

Tags: , ,

Menu