Informant Staatsveiligheid mag misdrijf plegen

30 oktober 2018

Niet alleen agenten van de Staatsveiligheid, maar ook hun informanten zullen misdrijven mogen plegen. Dat kondigt minister van Justitie Koen Geens aan in zijn nieuwe beleidsnota.

Hoe ver mogen informanten van de Staatsveiligheid gaan om de geheime dienst te helpen? Recent kwam de heikele kwestie nog in de aandacht met de veroordeling voor schriftvervalsing van de jihadexpert Montasser AlDe’emeh omdat hij valse attesten aan een terreurverdachte zou hebben bezorgd. Zelf houdt hij vol dat hij dat deed als bron van de Staatsveiligheid. Het is al decennialang controversieel dat een overheidsdienst als de Staatsveiligheid informanten gebruikt die de wet niet altijd naleven.

In zijn nieuwe beleidsnota kondigt minister van Justitie Koen Geens (CD&V) nu aan dat zowel de informanten van de Staatsveiligheid als die van de militaire inlichtingendienst misdrijven mogen plegen. ‘Er wordt een strikte procedure ingevoerd om de agenten en de menselijke bronnen van de inlichtingendiensten te machtigen de strikt noodzakelijke misdrijven te plegen die nodig zijn om hun informatiepositie te behouden’, schrijft Geens.

De informanten krijgen zeker geen ‘license to kill’. Als ze strafbare feiten plegen, mogen die ‘in geen geval afbreuk doen aan de fysieke integriteit van personen’, laat het kabinet-Geens weten. Ze zullen alleen misdrijven mogen plegen als dat strikt noodzakelijk is voor het welslagen van hun opdracht of voor hun veiligheid of die van andere mensen. Het misdrijf moet ook in verhouding staan tot het doel. De dienst zal met de informant een memorandum sluiten waarin zijn rechten en plichten staan.

De wet op de inlichtingendiensten laat nu al toe dat agenten van onze inlichtingendiensten straffeloos kleinere vergrijpen plegen, zoals het even wegnemen van een voorwerp (‘gebruiksdiefstal’) of een verkeersovertreding. Ook dat mag alleen als het strikt noodzakelijk is voor hun werk of hun veiligheid. Als ze nog andere strafbare feiten plegen, moet een toezichtscommissie met drie magistraten daarvoor zijn fiat geven.

Diezelfde commissie over de ‘bijzondere inlichtingenmethoden’ (BIM) zal ook toezien op de misdrijven die informanten van de Staatsveiligheid plegen. De commissie zal vooraf haar goedkeuring moeten geven. Het Comité I, de andere waakhond van de inlichtingendiensten, zal de operatie nog kunnen afbreken.

Bankrekeningen

In zijn beleidsnota kondigt Geens nog meer maatregelen aan die onze inlichtingendiensten vooruit moeten helpen. Zo zullen ze veel gemakkelijker kunnen achterhalen wie welke bankrekening of een andere financieel product bezit, net als de diensten nu al vlot kunnen identificeren wie met wie belt of mailt. De Staatsveiligheid en de militaire inlichtingendienst krijgen daarvoor toegang tot het grote register bij de Nationale Bank van België die de gegevens verzamelt. Het echt inkijken van bankrekeningen en kluizen zal wel nog altijd een inlichtingenmethode blijven waarvoor striktere controleprocedures gelden.

Andere maatregelen in de beleidsnota helpen in de strijd tegen het terrorisme. Zo is het al strafbaar iemand tot terrorist op te leiden. Maar het wordt ook strafbaar als iemand zich op eigen houtje opleidt tot terrorist, bijvoorbeeld door op het internet handleidingen te lezen om bommen te maken.
Gedetineerden

Er komt voor alle bevoegde diensten ook een gemeenschappelijke databank met informatie over extremistische gedetineerden in onze gevangenissen die (potentieel) een risico vormen. Daarvoor wordt een nieuwe categorie toegevoegd aan de terrorismedatabank die nu al onder meer de namen oplijst van alle Syriëstrijders, ook wel bekend als ‘foreign terrorist fighters’.

Geens benadrukt dat er duidelijke criteria komen om gedetineerden in de databank op te nemen. Het is de bedoeling dat de gevangenissen de probleemgevallen signaleren, zodat de veiligheidsdiensten dan samen met het gevangeniswezen kunnen beslissen hoe die gedetineerden moeten worden opgevolgd. In de gevangenissen zijn daarvoor al medewerkers als ‘information managers’ aangesteld. Ze hebben een veiligheidsmachtiging om met vertrouwelijke informatie te mogen omgaan.

De minister van Justitie belooft in zijn beleidsnota nog dat de Staatsveiligheid uitzicht krijgt op meer personeel en een beter statuut. Tegen eind volgend jaar krijgt de dienst eveneens een nieuw databanksysteem.

Bron » De Tijd

Tags: ,

Menu