Justitie steeds minder toegankelijk voor armen

Sinds jaar en dag kampen de balies in ons land met klachten van pro-Deoadvocaten die voor een appel en een ei mensen met een zeer bescheiden inkomen moeten bijstaan. Het globale budget dat de staat daarvoor uittrekt, is in de loop der jaren meermaals lichtjes opgetrokken en bedraagt momenteel 68 miljoen euro. Maar ook het aantal dossiers neemt almaar toe, met als gevolg dat de uitkeringen van de pro-Deoadvocaten nauwelijks zijn toegenomen.

Daarbij komt dat het aantal behoeftigen in ons land als gevolg van de crisis toeneemt. Officieel is het cijfer van mensen die onder de armoedegrens leven in de voorbije jaren ongeveer stabiel gebleven: 14,6 procent in 2010 (net als in 2009). Maar OCMW’s rapporteren een blijvende stijging van het aantal mensen die niet rondkomen. Het gevolg is dat meer mensen vragende partij zijn voor gratis of gedeeltelijk gratis juridische bijstand.

Maar aangezien juridische bijstand – een pro-Deoadvocaat, een pro-Deodeurwaarder, notaris, expert, bemiddelaar – in ons land alleen verleend wordt aan mensen met een bepaald maximaal maandloon dat lager ligt dan de armoedegrens, vallen heel wat mensen uit de boot. Voor een alleenstaande, bijvoorbeeld, is het maximaal toegestane loon om gratis rechtsbijstand te kunnen krijgen 907 euro. De armoedegrens voor een alleenstaande ligt op 973 euro.

“Het aantal rechthebbenden dat daardoor in de kou blijft staan, neemt dan ook toe”, zegt Stephane Boonen, voormalig voorzitter van de Commissie voor de Rechtsbijstand in Brussel, die zich al jaren inzet voor een verbetering van de rechtsbijstand in ons land.

“De nieuwe regering heeft beloofd om de rechtsbijstand en de rechtshulp te hervormen, maar of dat ook effectief gebeurt, valt af te wachten. Het in werking treden van de Salduz-wet (die de aanwezigheid van een advocaat verplicht van bij het eerste verhoor, nvdr.) op 1 januari eist al 44 miljoen euro extra van Justitie. Of er dan nog geld beschikbaar is voor de rechtsbijstand voor de steeds grotere groep hulpbehoevenden is maar de vraag.”

Ook zou het budget voor de gratis dossiers die wel worden afgehandeld moeten verhogen. “Tegen de huidige tarieven wordt het steeds moeilijker om nog pro-Deoadvocaten te vinden”, aldus Boonen. “Omdat ze betaald worden op basis van punten toegekend per dossier, en er steeds meer dossiers worden afgesloten, daalt de waarde per punt. Het globale budget van de overheid dat nauwelijks stijgt, wordt immers gedeeld door het totale aantal punten die pro-Deoadvocaten hebben verzameld.

Eén punt is vandaag 25,39 euro waard. Voor een dossier voor de correctionele rechtbank krijgt een pro-Deoadvocaat 20 punten, ongeacht de grootte van het dossier. Dat betekent dat hij 507 euro bruto krijgt voor de zaak. Als twee advocaten erop moeten werken, moeten ze de som delen door twee. Als dat niet wordt bijgestuurd, zal de toegankelijkheid van justitie steeds afnemen.”

Bron » Knack

Chaos bij inbeslagnames justitie

Justitie zit in de knoei met zijn eigen bankrekeningen. Daarop staan honderden miljoenen euro’s die het gerecht de voorbije jaren in beslag genomen heeft. Maar de oorsprong en de bestemming van de bedragen zijn nog amper te achterhalen.

De rekeningen worden beheerd door het Centraal Orgaan voor de Inbeslagneming en Verbeurdverklaring (COIV). Die dienst weet op dit moment niet precies welk deel intresten zijn, welk deel bijkomende intresten zijn, welke gelden moeten toegezonden worden aan de fiscus, enzovoort. De boekhouding is een ramp.

In een exclusief gesprek met De Tijd wil Thierry Freyne, de nieuwe directeur van het COIV, alleen bevestigen dat er geen betrouwbare cijfers voorhanden zijn. “Een exacte verdeling, naargelang de oorsprong, kan ik inderdaad niet geven”, luidt het. Freyne houdt al enkele maanden een schoonmaakoperatie bij het COIV. Maar betrouwbare cijfers zal hij ten vroegste volgend jaar kunnen geven of zelfs pas in 2013.

De manier waarop het Belgische gerecht de voorbije jaren honderden miljoenen euro’s aan inbeslaggenomen gelden heeft beheerd, is dan ook wraakroepend. “Als er ergens in het land geld in beslag genomen wordt, komt dat op de centrale rekening van het COIV”, vertelt Freyne.

“Maar de politiedienst die het geld op de rekening stort, moet het COIV daarover inlichten. En dat gebeurt nog altijd per fax. Waardoor we van sommige stortingen de herkomst niet kunnen achterhalen.” Freyne noemt het geknoei met faxtoestellen ‘absurd’. Al sinds de oprichting van het COIV in 2003 wordt de politie aangemaand de inbeslagnames elektronisch te melden. Tevergeefs. Freyne heeft de zaak nu opnieuw aangekaart bij de politietop.

Maar ook intern bij de inbeslagnamedienst is het grondig misgelopen, erkent Freyne. Nooit kreeg de dienst een professioneel boekhoudprogramma. En pas nu, acht jaar na zijn oprichting, gaat het COIV op zoek naar een professionele boekhouder. Het wanbeheer ligt bijzonder gevoelig. Speurders en magistraten krijgen de opdracht al tijdens hun onderzoeken zo veel mogelijk geld van de verdachten in beslag te nemen.

Maar als de advocaten van de verdachten geen vertrouwen meer hebben in de manier waarop het geld wordt beheerd, is dat problematisch. Freyne benadrukt dat de vorige minister van Justitie, Stefaan De Clerck (CD&V), de problemen ten volle heeft ingezien en er nu maatregelen worden genomen.

Bron » De Tijd

Staatsveiligheid wil vlottere toegang tot bankrekeningen

De Staatsveiligheid wil vlotter bankrekeningen kunnen inkijken. Dat zegt de administrateur-generaal van de Staatsveiligheid, Alain Winants. Ook het identificeren van telefoongegevens moet vlotter kunnen. En de telecomoperatoren rekenen volgens Winants veel te hoge prijzen aan. Sinds september vorig jaar hebben de Belgische inlichtingendiensten een pak nieuwe bevoegdheden, zoals huizen doorzoeken, telefoongesprekken afluisteren en bankrekeningen inkijken.

Maar dat laatste is een ‘uitzonderlijke’ methode, de zwaarste categorie. Daarvoor mag Alain Winants niet alleen de toestemming geven. Hij moet telkens ook de toestemming krijgen van een onafhankelijke commissie met drie magistraten.

Winants stelt voor om de wet te veranderen en het inkijken van bankrekeningen te versoepelen zodat hij alleen groen licht mag geven. Winants gaat nog een stap verder voor het identificeren van telefoongegevens. Dat moet een ‘gewone’ methode worden zodat elke agent van de Staatsveiligheid dat op eigen houtje kan doen.

De baas van de Staatsveiligheid vindt ook dat de Belgische telecomoperatoren veel te hoge prijzen aanrekenen om telefoongesprekken te traceren. “De kosten lopen bijzonder hoog op. Terwijl dat in de ons omringende landen wordt beschouwd als een kostenloze dienstverlening of de kosten merkelijk lager liggen”, zegt Winants.

“Men moet beseffen dat de veiligheid van het land een prijs heeft. Die veiligheid kan en mag niet afhankelijk zijn van commerciële beslommeringen.” Sinds september vorig jaar hebben de geheime diensten de nieuwe inlichtingenmethoden nu al meer dan 600 keer toegepast. Bij de Staatsveiligheid worden vooral de telecomoperatoren bevraagd, vooral om na te gaan wie achter een bepaald telefoonabonnement schuilgaat.

In een nieuwe editie van het vakblad Orde van de Dag, die pas dinsdag verschijnt, evalueert Winants de nieuwe wet op de inlichtingenmethoden. De wet heeft al overduidelijk zijn nut bewezen, benadrukt Winants. Nu de Staatsveiligheid telefoons mag afluisteren, kon ze bijvoorbeeld het bewijs leveren van een jarenlang aanslepende spionagezaak. Maar Winants wijst ook op enkele (flagrante) lacunes in de wet.

Zo mag de Staatsveiligheid geen brieven onderscheppen, telefoons afluisteren, huizen doorzoeken en dergelijke meer wanneer er sprake is van ‘extremisme’. Extreem-rechtse groeperingen en individuen kunnen dus niet zo worden opgevolgd. Winants waarschuwt dat die situatie ‘problematisch’ is als in België iemand met het profiel van de Noor Anders Breivik opduikt.

Bron » De Tijd

Google Street View-beelden mogen in rechtbank worden gebruikt

De beelden van Google Street View kunnen formele bewijzen zijn, want ze worden door een ogenschijnlijk neutrale bron verstrekt. Dat zegt Alain Berenboom, advocaat bij de Franstalige Balie van Brussel en professor aan de ULB. Hij reageert daarmee op een artikel uit de krant La Dernière Heure. Volgens de krant maakt een inwoner van Marcinelle gebruik van zo’n afbeelding in een burgerrechtelijke procedure die hij tegen zijn verzekeringsmaatschappij opstartte.

“Twee maanden geleden werd er in het appartement van de man ingebroken. Om bij hem binnen te raken forceerden de daders een raamwerk op de benedenverdieping”, meldt La Dernière Heure. Het slachtoffer vroeg om een terugbetaling van de verzekering, maar die wilde het gevraagde bedrag niet betalen omdat de raamkozijnen van de woning verouderd zijn. De man toonde via Google Street View echter aan dat enkele maanden voordien het raamwerk op de benedenverdieping vernieuwd werd.

“Of de foto nu uit een familiealbum komt of van Google Street View, het gaat om een aannemelijk bewijs. In dit geval gaat het om een normaal, maar niet revolutionair bewijs waarvan de bron neutraal genoeg lijkt om een goed beeld van de situatie te krijgen”, aldus advocaat Alain Berenboom. Hij merkt wel op dat het niet voor 100 procent vaststaat dat de foto niet bewerkt werd. Het ideale is dus om de informatie ook door middel van andere bewijzen aan te tonen, besluit hij.

Bron » De Standaard

Politiescholen leven in vorige eeuw

Uit een doorlichting blijkt dat sommige inspecteurs amper correct schrijven, of weten waaruit een pv moet bestaan. De politiescholenslagen er alleen in een basisniveau mee te geven aan hun studenten. Terwijl elke hogere opleiding het vandaag heeft over ‘academisering’ en ‘flexibilisering’, lijken de scholen waar (hoofd)inspecteurs hun kennis opdoen vast te zitten in de vorige eeuw.

Elk van de provinciale politiescholen kreeg bezoek van een visitatiecommissie, die de opleiding doorlichtte en haar bevindingen in een rapport goot. De commissie, die bestaat uit politiemensen, academici en studenten, stelde onder meer vast dat er veel klachten zijn over het Nederlands van de politie. “Dat ligt voor een deel verankerd in de opleiding die de studenten voordien hebben gehad, maar elke docent moet daarop blijven hameren.”

Om de spelling van de aanstormende inspecteurs recht te trekken, is het misschien te laat, maar de opleidingen falen er ook in duidelijk te maken welke elementen cruciaal zijn om van een bruikbaar pv te spreken. Wanneer die afgestudeerde inspecteurs dan bijvoorbeeld een diefstal moeten vaststellen, zijn hun pv’s van geen waarde voor het gerecht.

Bovendien zijn de stages van de studenten te kort. “Als je de pech hebt dat het tijdens je stage een kalme periode is, leer je niets bij”, vertrouwde een student de commissie toe. De mentoren bevestigen dat: “De stage is van zo korte duur dat je pas op het einde zicht krijgt op de student en eventuele tekortkomingen. Dan is het te laat om bij te sturen.”

Al van bij het begin van de opleiding loopt het mis. De selectie duurt te lang en verloopt ondoorzichtig. Doordat iedereen tegelijk begint, zijn de klassen te groot. Het is moeilijk om iemand tijdens de opleiding nog de deur te wijzen. De auteurs van het rapport hopen dat de politie gaat kijken bij het secundair en klassiek hoger onderwijs om haar toelatingsprocedure te verbeteren.

Maar die openheid zal nog niet voor morgen zijn. De politiescholen leren zelfs niet eens van elkaar en houden er elk hun eigen visie op na. Studenten die een opleiding moesten stopzetten, kunnen mede daardoor zonder probleem ergens anders aan de slag. Ook overleggen docenten te weinig wie welke aspecten aanleert. Daardoor krijgen studenten tegenstrijdige dingen te horen.

Verder zijn de lesgevers niet altijd geschikt. Sommigen zijn de voeling met de praktijk verloren, of weten niet hoe ze voor een klas moeten staan. “Hier en daar lopen nog wat oude krokodillen rond die niet mee zijn met de nieuwe onderwijsfilosofie”, zegt Jan Adam van de christelijke vakbond ACV. “Maar het is goed dat dit rapport iedereen duidelijk maakt wat er moet veranderen.”

Volgens Gert Cockx van de onafhankelijke vakbond NSPV moeten de scholen dringend een tandje bijsteken. “Het blijft toch vervelend dat er pv’s worden gemaakt waaruit je niet eens kunt afleiden welke wagen waartegen reed. Of dat iemand afstudeert zonder dat hij weet hoe je een alcoholcontrole afneemt. Dat zijn de zaken die een opleiding moet aanleren. Maar kritiek op de opleidingen ligt moeilijk. Geen enkele student haalt het in zijn hoofd een docent te wijzen op een fout. Die kadaverdiscipline leidt ertoe dat verandering van binnenuit niet evident is.”

Bron » De Standaard