Philippe Lacroix blikt terug: ‘Je kan leren leven met een trauma. Maar het blijft een litteken’

Op het DS Podcastfestival in Oostende blikte ex-gangster Philippe Lacroix terug op de podcastreeks Lacroix. Ik was gangster. ‘De aflevering met de tweelingbroer van Ronny Croes heeft me diep getroffen’, zei Lacroix.

Philippe Lacroix heeft zijn verleden als gangster volledig achter zich gelaten. Dat vertelde het brein van de bende Haemers op het DS Podcastfestival in Oostende tijdens een terugblik op de truecrimereeks Lacroix. ik was gangster.

Makers Marjan Justaert, Mark Eeckhaut, Lise Bonduelle en Joris Van Damme blikten samen met de ex-gangster terug op de podcastreeks die ze voor De Standaard over zijn leven maakten. Lacroix belde in via een videoverbinding vanuit zijn huis, luisteraars in de zaal konden hem live vragen stellen.

De podcastreeks werd intussen door ruim 1 miljoen mensen beluisterd. Maar in zijn eigen leven merkt hij daar niet veel, zei Lacroix, die Franstalig is. ‘Er zijn heel weinig mensen in Franstalig België die de afleveringen beluisterd hebben. Dat betekent dat er voor mijn eigen omgeving geen impact was. We leven echt in twee aparte landen: een Franstalig en Nederlandstalig gedeelte.’

Lacroix zou nooit meewerken aan een gelijkaardige podcastreeks in het Frans, zei hij nog. ‘Daarom heb ik net toegezegd op deze podcast: omdat de reeks in het Nederlands was en mijn omgeving geen gevolgen zou ondervinden van de aandacht. Ik kende Mark (Eeckhaut, red) ook al lang, ik vertrouwde hem.’

Vol emoties

Lacroix pleegde samen met Patrick Haemers en andere kompanen in de jaren 80 gewelddadige overvallen op geldtransporten. In 1989 ontvoerde de bende ex-premier Paul Vanden Boeynants. In 1994 kreeg Lacroix de doodstraf voor de criminele feiten die hij pleegde. Hij zat uiteindelijk dertien jaar in de gevangenis en begon aan een studie Germaanse talen. Vandaag is hij leraar in het volwassenenonderwijs.

Lacroix voelt geen enkele drang meer om opnieuw een misdaad te plegen en heeft ook bijna geen contact met mensen uit zijn criminele verleden, zei hij. ‘Ik heb dertien jaar in de gevangenis gezeten, daar ben ik veranderd. Ik ben kritisch gaan kijken naar mijn verleden en die periode als gangster. Nu heb ik een goed leven, dat wil ik zo houden.’ Naar eigen zeggen is hij nu veel vrijer. ‘Je hebt als gangster veel geld voor dure reizen, restaurants en mooie auto’s. Maar dat is geen vrijheid: je zit vast aan het milieu en voelt voortdurend druk. Uiteindelijk eindig je dood of in de gevangenis. Ik ben nu veel vrijer.’

Zoals een bom

In een van de afleveringen van Lacroix. ik was gangster komt de tweelingbroer van geldkoerier Ronny Croes, Franky Croes, aan het woord. Ronny Croes kwam om het leven toen de bende in 1989 in Groot-Bijgaarden het geldtransport overviel dat hij begeleidde. ‘Dat was voor mij een heel emotionele aflevering’, zei Lacroix vanuit zijn woning. ‘Ik wist uiteraard dat er slachtoffers waren, maar ik kende de impact van onze daden niet echt. Dat Franky Croes de impact op zijn familie vergeleek met een bom die afging net zoals de bom die zijn broer doodde, heeft me diep getroffen.’

Een gesprek met de slachtoffers en nabestaanden ziet hij vandaag niet meer zitten. ‘Toen ik de commissie verscheen om de gevangenis te kunnen verlaten, hebben ze de kans gekregen om met mij het gesprek aan te gaan via een bemiddelaar. Toen was dat een mogelijkheid. Maar niemand wou toen contact. Intussen zijn we 17 jaar verder. Mijn leven als gangster behoort helemaal tot het verleden. Ik heb trauma’s en ik besef dat de slachtoffers en nabestaanden ook trauma’s hebben. Ik kan dat niet wegnemen. Je kan leren leven met een trauma. Maar het blijft een trauma. Het is een litteken dat nooit weggaat.’

Zijn kinderen van twaalf en vijftien zijn op de hoogte van dat trauma en zijn verleden als gangster sinds ze vijf zijn, vertelde hij nog. ‘Nu ze tieners zijn, praten we eigenlijk nooit over die periode uit mijn leven. Ze zijn in ieder geval trots dat ik leraar ben geworden. Als ze later nog meer willen weten over mijn leven van toen hebben ze de podcastreeks als een document en kan ik dan hen dat dan laten horen.’

Bron » De Standaard

Dertig jaar na zijn dood is zijn oude wijk Patrick Haemers niet vergeten: ‘Het was hier de belle époque’

Wie kent Patrick Haemers nog in de gegoede wijk waar hij opgroeide? ‘Zijn vader Achille was ook geen engel, maar vergeleken met Patrick was hij een doetje.’

“Nee, dat merk verkopen we niet. Probeer dit eens? Als er een probleem is, breng het gerust terug. Het staat onder garantie.” Yanka Bastin (67) rekent af met een klant en neemt opnieuw voor me plaats op de kruk van een van de pashokjes van Montex Sports. Verder is er niemand in de klerenwinkel op de Georges Henrilaan in Sint-Lambrechts-Woluwe, het groene paradijs ten noordoosten van het Jubelpark en het Montgomeryplein, waar het rustig en residentieel wonen is en de huizen altijd bij de duurste van Brussel hebben gehoord.

“Waarvoor was u gekomen? Ah ja, Patrick. Hij was hier twee jaar lang mijn baas, in 1981 en 1982, vlak voor zijn leven de verkeerde afslag nam. Hij viel erg in de smaak bij onze vrouwelijke klanten. Hij had prestance, een indrukwekkend voorkomen.” Ze werkt hier al 48 jaar. “Zijn vader heeft me aangeworven en Montex in 1991 verkocht aan mij en een collega. Achille was ook geen engel, maar vergeleken met Patrick was hij een doetje.”

Winkelparadijs

De Patrick over wie Yanka met milde empathie spreekt is Patrick Haemers, de blonde god van het Belgische banditisme uit de jaren tachtig en vroege jaren negentig. Haemers verhing zich op 14 mei 1993 in zijn cel in Vorst. Dat is dertig jaar geleden, en daarom ben ik hier, leg ik uit, op zoek naar sporen van de beruchte gangster in de buurt waarin hij opgroeide.

Yanka is een goed geplaatste kroongetuige. Ze groeide op in de wijk en kwam soms bij de familie Haemers thuis. Ze woonden naast de winkel. Yanka had een goede verstandhouding met Patricks broer Eric. Die had een café in Sint-Lambrechts-Woluwe, The Gypsies. Het is er niet meer, weet ze nog waar het lag? “Hierboven in de straat, er is een kleine pizzeria nu.” Haar ogen lichten op. “Ah, Le Gypy! We verzamelden er op vrijdagavond voor we uitgingen. Eric ging dan vaak mee”, zegt ze nostalgisch.

Het waren de hoogdagen van de wijk rond de Georges Henrilaan met zijn boetieks, luxeshops en dure restaurants. “Het was la belle époque, hé. Alles ging goed: iedereen had werk en was gelukkig, de winkeliers verdienden geld als slijk. Dit was een winkelparadijs, zowel voor luxeshoppers als fans van speciaalzaken. Nu is dat er allemaal niet meer. Alle mooie winkels zijn weg en hebben plaatsgemaakt voor ketens en goedkope restaurants – Italianen, Turken, (lachje) enfin le tout.”

In die gegoede omgeving groeide Patrick Haemers uit tot een van de meest gevreesde gangsters van het land. Hoe herinnert ze zich hem als baas? “Hij was een goede baas: eerlijk en correct. ’s Middags hadden we een uur om te lunchen. Als hij er zelf niet was, liet hij geld achter waarmee we iets gingen eten in de buurt.”

“Patrick had ook een scherp oog voor mooie, dure kleren. Dat was goed voor de winkel. Spijtig genoeg had hij voor zichzelf ook een exclusieve levensstijl te onderhouden. Hij hield van la belle vie: vrouwen, snelle wagens, drugs, drank. Hij wilde veel geld, en snel. De winkel maakte hem niet snel genoeg rijk, denk ik.”

Jeunesse Dorée

Philippe Lacroix kent ze ook, al is het minder goed. Onlangs zag ze de bekendste kompaan van Patrick Haemers nog in de wijk, waar die na zijn vrijlating uit de gevangenis opnieuw kwam wonen. Ze weet ongeveer waar en duidt de buurt aan op Google Maps, maar daar blijkt vanmiddag niemand Lacroix te kennen.

Op Yanka’s advies klop ik tot slot aan bij Le Brasero op de Kerselarenlaan. Vandaag een fraai ingericht restaurant met ‘gerechten die voor vuurwerk zorgen’, aldus de Michelingids, vroeger als café Le Cérisier een beruchte hang-out voor Haemers, Lacroix en andere adepten van de jeunesse dorée die verslaafd waren aan geld en luxe.

Eigenaar Jean-Jacques kwam tijdens de hoogdagen van het Haemers-banditisme regelmatig in Le Cérisier. “Er werd gezegd dat hier toen meer wapens circuleerden dan in een doorsnee wapenwinkel. (glimlacht) Dat klopte wellicht. Zoals het ook waar is dat Patrick Haemers een vriendelijke jongen was. Zijn hele familie was dat trouwens.” Maar dat is allemaal erg lang geleden, wuift hij. “Wilt u me nu excuseren? Ik moet mijn tafels bedienen.”

Bron » De Morgen | Tom Peeters

Brein van de bende-Haemers is achttien jaar vrij: ‘Mensen hebben het recht om te denken dat ik geen goeie persoon ben’

Philippe Lacroix (62), het brein van de bende-Haemers, is achttien jaar vrij. Tegenwoordig is hij leraar en kijkt hij op zondagavond net zoals velen van ons naar de serie 1985. ‘Mijn parcours toont dat alles mogelijk is.’

De spoeling van zwaar gestraften die in de cel besluiten om hun diploma te halen en zich na hun vrijlating in te zetten in de maatschappij, blijft dun. Zeker als dat diploma ook nog eens een universitair diploma is. Philippe Lacroix kreeg op 20 januari 1994 de doodstraf voor een resem gewelddadige overvallen, voor de ontvoering van oud-premier Paul Vanden Boeynants en voor de moord op Ronny Croes, de geldkoerier die stierf bij de overval in Groot-Bijgaarden op 31 januari 1989. Bijna veertien jaar zat hij in de cel.

Vandaag is hij achttien jaar vrij, afgestudeerd als germanist en leerkracht van beroep. Hij geeft Engelse en Nederlandse les aan volwassenen. Zijn studenten mogen zijn verleden kennen – als ze zijn naam zouden googelen, weten ze genoeg – maar hij zal het hen nooit spontaan uit de doeken doen. ‘Dit jaar weet minstens één hele klas het, daar ben ik zeker van, want een van de studenten kwam naar mij toe en vroeg: “Er doen geruchten over u de ronde, is alles wat gezegd wordt waar of niet?” Ik heb geantwoord dat het waarschijnlijk wel waar is, maar dat het me niet deert’, vertelt Lacroix in de laatste aflevering van de podcastreeks Lacroix. Ik was gangster.

Tieners

Lacroix heeft nog twee jonge kinderen: een dochter van vijftien en een zoon van bijna twaalf. Ook zij kennen zijn strafblad. ‘Mijn kinderen kennen mijn verleden, maar niet in detail. Hun moeder is psychologe (hij leerde haar kennen in de gevangenis, red.), en zij vond dat de kinderen het onmiddellijk moesten weten. Dat klopt, want je weet nooit dat de ouders van hun vriendjes mijn naam kennen en een negatief beeld hebben van mij, en dat dat op die manier bij mijn kinderen terechtkomt.’

‘De mensen kunnen denken wat ze willen,’ vervolgt Lacroix, ‘daar heb ik geen problemen mee. Ze hebben het recht om te denken dat ik geen goeie persoon ben. Het laat me niet koud, maar dat duurt nooit lang.’

Geheimen heeft hij niet, zegt hij. Hij geeft wel nooit details. ‘Ik zeg bijvoorbeeld nooit dat ik VDB ontvoerd heb. Meestal zeg ik: “Ik was gangster tussen mijn twintigste en mijn dertigste, ik ben gestraft en heb een vijftiental jaren in de gevangenis gezeten en nu ben ik 62. Nog steeds dezelfde persoon, maar met andere ideeën en een ander leven.’

Voorbeeld

Als hij tijd heeft tussen zijn drukke bezigheden door, gaat hij wel eens praten voor een groep jonge mensen. Zo gaat hij binnenkort naar een school in Namen. Doel? De jongeren inspireren met zijn uitzonderlijke parcours. ‘Alles is altijd mogelijk’, is zijn boodschap. ‘Niet alleen voor gedetineerden, maar voor iedereen die in de put zit en denkt dat hij er nooit uit zal geraken. Dat is maar één fase in het leven.’ En ook voor leerkrachten kan zijn boodschap dienen: ‘Soms heb je leerlingen van wie je denkt dat ze verloren zijn, maar dat is niet zo. Ik was verloren op school toen ik 14 was, ik ben weer beginnen studeren toen ik 34 was en ik ben afgestudeerd toen ik 47 was.’

Het vereist wel een zekere wilskracht, besluit Lacroix. ‘Je moet jezelf in vraag durven te stellen. Dat is hard. Maar als je dat doet, is alles mogelijk. Of misschien niet alles, maar toch heel veel.’

Bron » De Standaard

Philippe Lacroix: De gangster die leraar werd

Hij is intussen 18 jaar op vrije voeten en geeft Nederlandse en Engelse les aan volwassenen. Maar ooit was Philippe Lacroix (62) een van de beruchtste gangsters van ons land. Voor het eerst vertelt hij zijn hele verhaal.

22 december 2004. Terwijl de poort van de gevangenis van Doornik achter hem in het slot valt, begint voor Philippe Lacroix een nieuw leven. Zijn advocaat brengt hem naar zijn moeder in Brussel. Ze zijn op één hand te tellen, de mensen die op dat ogenblik geloven dat de 44-jarige ex-crimineel vanaf dan op het rechte pad zal blijven.

En toch: vandaag leeft hij 18 jaar de wet na als een ‘gewone’ burger. Meer nog: hij draagt als leraar zijn steentje bij aan de maatschappij. ‘Alles is altijd mogelijk’, meent Lacroix. ‘Ook voor mensen die ­iedereen had opgegeven. Gisteren is ­gisteren, vandaag begint een nieuw leven.’

Dat pleidooi is meteen een van de redenen waarom Lacroix zich bereid toonde om, voor het eerst, zijn levensverhaal te vertellen. In de podcastreeks ­Lacroix. Ik was gangsterbrengt DS Podcastvanaf vandaag dat verhaal, in acht delen.

Bende-Haemers

Lacroix groeit op in Sint-Lambrechts-Woluwe. Na een conflict met zijn vader rolt hij via zijn boezemvriend Thierry Smars de criminaliteit in. Ze beginnen met bromfietsdiefstallen, maar al snel loopt het uit de hand … Begin jaren 80 wordt Lacroix de luitenant van de Brusselse ‘glamour­gangster’ Patrick Haemers. Wegens zijn looks – hij is groot en blond – is Haemers voor de buitenwereld het gezicht van de bende, maar de speurders hebben Lacroix altijd beschouwd als de leider ervan.

‘Lacroix was de enige die intelligent ­genoeg was om die rol op zich te nemen’, blikt voormalig rijkswachter Pol ­Ver­durmen terug in de podcast. ‘Haemers was ­gewoon een rot bedorven jonk.’

Haemers, Lacroix en co. zullen vooral de geschiedenis ingaan als de gangsters die in januari 1989 oud-premier Paul Vanden Boeynants kidnappen en opsluiten in de Noord-Franse badplaats Le Touquet. ‘VDB’ wordt na een maand levend vrijgelaten in ruil voor een losprijs van 63 miljoen Bel­gische frank (1,6 miljoen euro). De dag ­erop doet de politicus in zijn theatrale stijl verslag van zijn ontvoering: ‘Je me suis dit: VDB, tu ne vas pas crever ici.’

De bende pleegt daarnaast ook ver­schillende gewelddadige overvallen op post­kantoren en later ook op geldtrans­porten. ‘Het was geen kwestie van telkens méér willen, het was een kwestie van effi­ciënter worden’, duidt Lacroix die beslissing. De mannen rond Haemers zijn niet de enigen: ook de Bende van Nijvel en de CCC veroor­zaken een golf van geweld in de loden jaren 80.

Op een bepaald moment schakelt de bende-Haemers over op explosieven. ‘Vanaf dat moment liep het fout’, geeft Lacroix toe. Bij de overvallen vallen officieel drie doden.

Dodelijke slachtoffers

Een van de dodelijke slachtoffers is Ronny Croes, de geldkoerier die op 31 januari 1989 om het leven komt bij de drieste ­overval op de E40 in Groot-Bijgaarden. Franky Croes, zijn tweelingbroer, vertelt hoe het nieuws inslaat als een bom bij de familie in Blankenberge. ‘Je wordt plots ­geconfronteerd met een heel donkere ­wereld. Je bubbel wordt doorprikt, je verliest je jeugd. Het ergste is: Ronny heeft me de avond voordien nog haarfijn uitgelegd wat hij moest doen bij een overval. Hij ­kende de procedure en helaas betekende ze zijn dood.’

De bende slaat op de vlucht naar Zuid-Amerika. Haemers wordt al snel gevat in Rio de Janeiro (Brazilië), Lacroix slaagt er twee jaar langer in om uit de handen van de justitie te blijven. Maar in maart 1991 wordt ook hij in de boeien geslagen, in ­Colombia. Doordat Haemers in Rio zowat alles al opgebiecht heeft, ook de namen van zijn kompanen, beseft Lacroix dat hij er gloeiend bij is. ‘Ik wist dat het voor mij gedaan was.’

De Brusselse gangster krijgt, na een woelig proces met kooien voor de beschuldigden, de doodstraf. Die wordt automatisch omgezet in levenslang. Twee jaar later wordt de doodstraf bij wet afgeschaft. ­Lacroix is een van de laatsten in ons land die ter dood veroordeeld zijn.

Lacroix zit bijna veertien jaar in de cel. In die periode schrijft hij wel een van de meest gewelddadige ontsnappingen op zijn naam. Op 3 mei 1993, wanneer hij nog in voorarrest zit, ­gijzelen Lacroix, zijn vroegere bende­genoot Basri Bajrami en medegedetineerde Murat Kaplan, een cipier en de adjunct-directeur van de gevangenis van Sint-Gillis, Harry Van Oers. Met de gijzelaars in en óp de auto – als levend schild – rijden ze weg in een zwarte BMW. Lacroix wordt vier dagen later al opgepakt. Kaplan houdt het een week uit. Bajrami vlucht naar Macedonië en wordt daar een jaar ­later weer ingerekend.

Opmerkelijk: Patrick Haemers is er niet bij. De andere bendeleden hebben hem zijn ‘verraad’ in Rio niet vergeven. Geen twee weken later verhangt Haemers zich aan de radiator van zijn cel. ‘Iederéén die in de gevangenis zit, denkt op een gegeven moment aan zelfmoord’, zegt Lacroix. ‘Je voelt je geen mens, maar een ondermens. Iets tussen mens en dier.’

Sterven of studeren

Toch begint hij te studeren. Lacroix haalt in de gevangenis eerst zijn diploma secundair onderwijs. Daarna begint hij met succes een universitaire studie in de Germaanse filologie. ‘Enkele mensen geloofden in mij, dat is heel belangrijk geweest.’

Onder hen ook Verdurmen, de speurder die Lacroix achter de tralies heeft gezet. ‘Ik heb hem altijd gezegd dat hij veel meer in zijn mars had dan een bestaan als gangster. En ik heb de indruk dat hij heeft ­geluisterd. Ik ben hem in zijn cel nog de cursussen van mijn dochter gaan brengen.’

Zijn eerste aanvragen om vervroegd vrij te komen stuiten op een ‘njet’. Maar in 2004 krijgt hij wel groen licht. Philippe ­Lacroix komt vrij en zal niet veel later afstuderen als germanist.

Flash forward naar 2023. Lacroix is 62 en geeft Engels en Nederlands aan volwassenen. Sinds kort moet hij daarvoor geen toestemming meer vragen aan het Frans­talige ­ministerie van Onderwijs, want hij heeft eerherstel gevraagd en gekregen van Justitie. Gevolg: zijn strafblad is weer blanco. Soms vragen zijn studenten naar zijn verleden, zegt hij. ‘’Ik zat in de gevangenis’, antwoord ik hen. Daarna willen ze weten waarom. ‘Ik was gangster’, zeg ik dan.’

Bron » De Standaard

De Standaard lanceert eerste true crime-podcast

Hoe word je één van de meest gezochte gangsters van het land? En, nog interessanter, hoe word je daarna weer een gewone burger? Leraar. Vanaf vandaag kunt u luisteren naar het fascinerende levensverhaal van Philippe Lacroix, in de eerste true crime-podcastreeks van De Standaard: Lacroix. Ik was gangster.

Philippe Lacroix was in de jaren ’80 de luitenant van de beruchte gangster Patrick Haemers. Haemers werd door zijn lef en zijn looks het gezicht van de bende, maar volgens de speurders was Lacroix het brein ervan.

De bende pleegde verschillende gewapende overvallen, altijd met enorm veel geweld. Daarbij vielen officieel drie doden. Eenmaal op de radar van de politie, schakelden Lacroix, Haemers en co. over op een andere tactiek: ze ontvoerden oud-premier Paul Vanden Boeynants voor losgeld. Daarna volgde een leven op de vlucht. Met valse paspoorten, pruiken en plaksnorren. Tot eerst Haemers in Brazilië en twee jaar later ook Lacroix in Colombia werden gevat. In 1994 kreeg Lacroix, als één van de laatsten in ons land, de doodstraf.

13 jaar in de cel

Hij zat uiteindelijk ruim 13 jaar in de gevangenis en daar begon hij weer te studeren. Na zijn vrijlating begon hij een nieuw leven. ‘Alles is altijd mogelijk’, concludeert Lacroix, ‘ook voor mensen die iedereen heeft opgegeven.’ Het is meteen ook dé reden waarom hij toezegde om, voor het eerst, zijn hele levensverhaal te vertellen.

Niet alleen Lacroix, maar ook andere personen komen aan bod in de podcast. Van de rechercheur die hem opgesloten heeft tot zijn leraar Nederlands in de gevangenis. En we praten ook met één van de slachtoffers. Want dat is een kant van het verhaal die niet vergeten mag worden.

Schuldinzicht

Anno 2023 is Lacroix nog steeds dezelfde persoon, meent hij zelf, máár hij staat wel helemaal anders in het leven. ‘Ik besef nu dat ik vroeger geen maturiteit had en dat mijn vriendschappen naïef waren.’ Hij kijkt met nieuwe inzichten naar alles wat was, wat is, en wat nog zal zijn. En op die manier daagt hij onbewust de luisteraar – en bij uitbreiding de samenleving – uit om na te denken over goed en slecht, vriendschap en verraad, schuld en boete.

De podcast” Lacroix. Ik was gangster” werd gemaakt door Mark Eeckhaut, Marjan Justaert, Joris Van Damme en Lise Bonduelle. U vindt hem in de podcastapp van De Standaard of op uw favoriete podcastapp.

Bron » De Standaard