Onze journaliste over de nieuwe piste rond de Bende van Nijvel: “Het is niet de spectaculaire bom die sommige partijen ervan proberen te maken”

Het onderzoek naar de Bende van Nijvel lijkt opnieuw in beweging te komen. Zo worden de lichamen van de ouders van de Franse gangsterbroers Xavier en Thierry Sliman, en van Xavier Sliman zelf, opgegraven om DNA te vergelijken met sporen uit het dossier. HUMO-journaliste Annemie Bulté, die de zaak al jaren volgt, is sceptisch over de waarde van deze Franse piste. ‘Dit is vooral bedoeld om een piste definitief af te vinken, niet om de waarheid te vinden.’

Wat heeft de Kamer van Inbeschuldigingstelling (KI) in Bergen nu precies bevolen?

Annemie Bulté: “De KI in Bergen heeft drie bijkomende onderzoeksdaden opgelegd. De opvallendste is de opgraving van het lichaam van de ouders van de Franse gangsterbroers Xavier en Thierry Sliman, in de Franse stad Charleville-Mézières. De bedoeling is hun DNA te vergelijken met het DNA dat ooit in het Bende-onderzoek verzameld is.”

“Daarnaast moet een Franse gendarme worden verhoord, die in de jaren tachtig als eerste een mogelijke link zag tussen de Slimans en de Bende van Nijvel. Het gaat om een beperkte set onderzoeksdaden die de KI, tegen de wil van het federaal parket in, toch noodzakelijk vindt.”

Wie zijn die broers Sliman, en hoe kijkt u zelf naar deze piste?

Bulté: “Xavier en Thierry Sliman zijn twee broers uit Charleville-Mézières, net over de grens in Noord-Frankrijk. Ze stonden daar bekend als zware gangsters die in de jaren ‘70 en ‘80 met hun bende gewelddadige overvallen pleegden en ook als huurmoordenaar actief waren.”

“Zelf heb ik weinig hoop dat deze piste tot iets zal leiden. Dit spoor wordt al jaren levend gehouden door een ex-speurder die zich er werkelijk in heeft vastgebeten, en door een Franse advocaat die heel veel drive heeft, maar niet noodzakelijk veel kennis van het gigantische Belgische dossier. Dat maakt dat je moet opletten voor tunnelvisie.”

“We hebben dat in dit dossier al veel te vaak meegemaakt: iemand overtuigt zichzelf van een oplossing en daarna begint men feiten te zoeken die in dat verhaal passen.”

Is het opgraven van de ouders van de Sliman-broers, en één van de broers zelf, een uitzonderlijke onderzoeksdaad?

Bulté: “Niet echt, eerlijk gezegd. In het Bende-onderzoek zijn er in de loop der jaren al veertig opgravingen geweest van mogelijke verdachten en slachtoffers. Een verdachte, Paul Latinus, werd zelfs twee keer opgegraven. Met geen enkel resultaat. Dit is dus niet de eerste keer dat men naar een kerkhof trekt. Het is opvallend omdat we in de laatste fase van het dossier zitten en omdat het parket eigenlijk had aangekondigd dat alles was uitgeput. Maar inhoudelijk is het niet de spectaculaire bom die sommige partijen ervan proberen te maken.”

Denkt u dat deze onderzoeksdaden nog tot een echte doorbraak kunnen leiden?

Bulté: “Nee. Ik denk dat dit vooral bedoeld is om een piste definitief af te vinken, niet om de waarheid te vinden. Voor een echte doorbraak is er meer nodig. En daarom verwacht ik niet dat dit spoor de sleutel zal zijn.”

Toch zijn er burgerlijke partijen die blijven aandringen op dit spoor. Hoe verklaart u die verdeeldheid?

Bulté: “Sommigen vinden dat alles onderzocht moet worden, in de hoop dat uiteindelijk toch iets blijft plakken. Anderen geloven oprecht in deze piste en putten er hoop uit. Maar er is ook een groep die zegt: dit is zo’n ver gezocht spoor, waarom krijgt dit opnieuw zo veel aandacht terwijl geloofwaardigere pistes jarenlang praktisch onaangeroerd bleven.”

U schreef eerder in HUMO dat het onderzoek tien jaar tijd verloor met een heksenjacht op oude speurders, die de wapenvondst in 1986 in Ronquières zouden gemanipuleerd hebben.

Bulté: “Dat is één van de grootste drama’s van het dossier. In plaats van hun energie te steken in de daders, hebben de speurders jarenlang onderzoek gedaan naar elkaar. De vondst van wapens in Ronquières werd plots verdacht gemaakt; er werden zelfs journalisten en onderzoeksrechters afgeluisterd. Dat heeft niet alleen enorm veel tijd gekost, maar ook mankracht weggezogen van inhoudelijke pistes.”

“Het onderzoek is zichzelf voortdurend in de weg gelopen. Daardoor zijn een aantal relevante sporen nooit fatsoenlijk uitgewerkt. Dat maakt dat ik vandaag heel voorzichtig ben wanneer men weer een ‘nieuwe piste’ van onder het stof haalt.”

Bron » Humo