Bende-verdachte hoopte op vrijheid, maar blijft in de cel

Jean-Marie Tinck blijft in de cel, dat heeft de raadkamer van Charleroi beslist. De hoofdverdachte in het onderzoek naar de Bende van Nijvel verwachtte nochtans dat het verhoor en de confrontatie met een nieuwe getuige hem de vrijheid zou opleveren.

Voor meester Jean-Edmond Mairiaux, de advocaat van Tinck, is dit een zware tegenvaller. Hij was ervan overtuigd dat het verhoor van de gewezen medegedetineerde van zijn cliënt de balans definitief in het voordeel van Tinck zou doen overhellen.

“Trouwens mocht de onderzoeksrechter de man niet uit eigen initiatief hebben verhoord, dan zou ik daar zelf om gevraagd hebben”, bevestigt de advocaat. Toch draaide het uiteindelijk uit op een opdoffer voor Tinck.

“Als ik het verhoor en de confrontatie van de man met mijn cliënt analyseer, dan zie ik daar geen bijkomende bezwarende elementen voor meneer Tinck in opduiken. Klaarblijkelijk trekt het openbaar ministerie andere conclusies uit de lectuur van dezelfde pv’s. Ik begrijp het niet.”

“Zoals ik ook niet begrijp dat de aanwijzingen, waar de onderzoekers het altijd over hebben, blijven opwegen tegen zwaarwichtige en rationele elementen in het voordeel van meneer Tinck, zoals de DNA-analyse en de leugendetector die hem vrijpleiten.”

De anders zo bedaarde advocaat verloor er gisteren bijna zijn kalmte bij. “Ik ga meteen in beroep tegen deze beschikking. En ik zal elke gelegenheid aangrijpen om de verdere aanhouding van mijn cliënt aan te vechten. Al moet ik er mijn vakantie voor opofferen.”

Bron » Het Nieuwsblad

Tinck blijft aangehouden in onderzoek naar Bende van Nijvel

De raadkamer van Charleroi heeft de aanhouding van Jean-Marie Tinck, die al anderhalve maand in voorlopige hechtenis zit in het kader van het dossier rond de Bende van Nijvel, met een maand verlengd. De advocaat van Tinck had deze voormiddag de vrijlating van zijn cliënt gevraagd.

Meester Jean-Edmond Mairiaux had de vrijlating van zijn cliënt gevraagd, omdat de elementen die zouden leiden tot de verlenging van zijn aanhouding niet sterk genoeg zouden zijn. Procureur des Konings Pierre Magnien vroeg om de verdachte langer in de cel te houden.

De raadkamer volgde dus de procureur des Konings, en verlengde de aanhouding van de verdachte.

Bron » De Morgen

Verdachte Bende van Nijvel blijft aangehouden

De verdachte in de zaak van de Bende van Nijvel blijft aangehouden. Dat heeft de raadkamer van Charleroi beslist. De man zit al anderhalve maand in voorlopige hechtenis.

Vorige week slaagde hij voor een test met de leugendetector. Zijn advocaat had de vrijlating gevraagd, maar de raadkamer is dus niet ingegaan op die vraag. De man blijft nu een maand langer in de cel.

Bron » VRT Nieuws

Bende van Nijvel-verdachte vraagt vrijlating

De raadkamer van Charleroi buigt zich dinsdagnamiddag over de vraag tot vrijlating van Jean-Marie Tinck, die momenteel in de cel zit in verband met het dossier rond de Bende van Nijvel. Volgens zijn advocaat zijn er niet voldoende bezwarende elementen om de man nog langer in de cel te houden.

Tinck verscheen dinsdagochtend voor de raadkamer. Procureur des konings Pierre Magnien vroeg om de verdachte langer in de cel te houden, de advocaat van Tinck, meester Jean-Edmond Mairiaux, heeft zijn vrijlating gevraagd.

“De elementen die zouden leiden tot de verlenging van de aanhouding zijn niet sterk genoeg”, aldus meester Mairiaux. “De belastende elementen zijn niet geëvolueerd sinds zijn aanhouding, terwijl er steeds meer ontlastende elementen zijn: het DNA-onderzoek zorgt niet voor uitsluitsel, meneer Tinck was met glans geslaagd voor de leugendetectortest, de huiszoeking bij hem thuis heeft geen resultaten opgeleverd, net als de analyse van zijn computer en telefoongesprekken. Ongeacht de ernst van de zaak, is het niet gerechtvaardigd de aanhouding te verlengen.”

Maandag vond een confrontatie plaats tussen Tinck en een getuige, maar daar wil de advocaat weinig over kwijt. “Ze heeft in ieder geval mijn cliënt niet meer verdacht gemaakt”, klinkt het.

De raadkamer spreekt zich in de loop van de namiddag uit over het al dan niet verlengen van de aanhouding.

Bron » Het Nieuwsblad

Tueries: un dossier “gonflé” pour éviter la prescription?

Le mandat d’arrêt de Jean-Marie Tinck maintenu après l’apparition d’un nouveau témoin. Tant de nouveaux éléments qui surviennent alors que le débat sur la prescription est ravivé: réelle coïncidence?

La chambre du Conseil de Charleroi a confirmé mardi le maintien en détention de Jean-Marie Tinck, incarcéré depuis un mois et demi dans le dossier des Tueries du Brabant. Au cours d’une audience à huis clos, Me Mairiaux avait pourtant plaidé l’absence d’éléments permettant de justifier le maintien en détention de son client. “Les charges n’ont pas évolué depuis le mandat d’arrêt, a déclaré l’avocat à l’issue de l’audience. Par contre, ceux à décharge s’accumulent: l’ADN n’est pas concluant, le test du polygraphe est passé haut la main par Tinck, la perquisition à son domicile ne donne rien, l’analyse de son PC et les écoutes téléphoniques non plus. Peu importe la gravité du dossier, le maintien en détention ne se justifie plus”.

En ce qui concerne la confrontation réalisée lundi entre Jean-Marie Tinck et un nouveau témoin récemment apparu dans ce dossier, l’avocat donne peu d’informations. “En tout cas, elle n’incrimine pas davantage mon client”, a-t-il déclaré.

Il est vrai qu’une partie du monde judiciaire commence à s’interroger sur ces rebondissements en cascade. De même que sur la manière dont les différentes autorités concernées – le parquet général de Mons et celui de Charleroi – communiquent à ce sujet. Soit de manière relativement transparente, ce qui est assez inhabituel pour un dossier de grand banditisme.

Un suspect, des témoins qui se manifestent 30 ans après les faits, des perquisitions, des auditions et de nouvelles pistes à explorer… tant de signes qui laissent à penser que les enquêteurs sont à deux doigts de résoudre l’énigme judiciaire alors que la prescription pointe à l’horizon. Faut-il y voir un message des magistrats à l’attention du législateur pour qu’il prolonge in extremis le délai, permettant ainsi aux enquêteurs de creuser quelques années de plus?

“C’est vrai que lorsque nous évoquons cette affaire avec d’autres avocats, je ressens un certain malaise. Tant de rebondissements si près de la prescription, ça paraît presque trop beau, s’interroge l’avocat Pierre Chomé. Habituellement, dans des dossiers de grand banditisme, tous les éléments apparaissent en début d’enquête. Je n’irais pas jusqu’à dire que cela résulte d’une stratégie des parquets pour provoquer un électrochoc et démontrer qu’il reste des choses à faire dans ce dossier mais, en apparence, ça y ressemble”.

Ces témoins qui se manifestent tardivement sont-ils pour autant moins crédibles qu’un témoin de la première heure? “Pas forcément, non, poursuit le pénaliste. Mais j’ai appris à m’en méfier. Au cours de ma carrière, j’ai rencontré de nombreuses personnes qui, à tort ou à raison, voulaient être associées au processus judiciaire et qui, parfois, se persuadent de certaines choses ou livrent des déclarations qui vont dans le sens de ce que veut la justice.”

Un dossier gonflé sur le plan médiatique pour inciter les politiques à légiférer dans l’urgence: le procureur général de Mons se défend d’utiliser de telles pratiques. “On ne s’amuse pas à faire des vagues, non!”, tranche Ignacio de la Serna, procureur général de Mons. “Et je rappellerais que Jean-Marie Tinck était déjà suspect en 1991 mais n’avais pas été entendu. Son interpellation il y a un mois et demi n’avait pas été communiquée officiellement mais, suite à des fuites dans la presse, nous avons été contraints d’intervenir publiquement pour éviter que des informations erronées ne circulent.”

“Par ailleurs, étant donné que les familles des victimes allaient être informées de la situation, on s’est dit que, de toute façon, tout ça allait se savoir”. Le procureur qui ne cache toutefois pas sa position en faveur d’un allongement du délai de prescription. “Dans l’état actuel de la procédure, si on parvient à arrêter les auteurs mais qu’il nous est matériellement impossible d’organiser un procès, ce serait extrêmement difficile à vivre pour les familles des victimes qui se sentent parfois menées en bateau”.

Bron » Le Soir