“Onderzoek naar Bende van Nijvel is gesaboteerd”, volgens voormalige magistraat

“Het onderzoek naar de Bende van Nijvel is gesaboteerd.” Dat schrijft een voormalige Brusselse magistraat in een brief, gericht aan onder meer de partijvoorzitters van ons land, die VTM Nieuws kon inkijken. De magistraat, die indertijd onderzoek deed naar de terreurorganisatie CCC en de Bende van Nijvel, beweert dat hij gehinderd werd in het onderzoek.

De magistraat wou onderzoeksdaden laten verrichten die ook een link met de Bende van Nijvel konden aantonen. Maar daarin werd hij in de jaren 90 gehinderd. “Zo wou hij, als Openbaar Ministerie, een huiszoeking laten doen. Maar van hogerhand werd besloten die niet te laten doorgaan”, zegt Jef Vermassen, advocaat van de slachtoffers en hun familieleden van de Bende van Nijvel.

In de brief wordt beweerd dat tijdens het assisenproces van de voormalige rijkswachters Madani Bouhouche en Robert Beijer bewust vergeten werd een expertiseverslag te schrijven. Op die manier wordt het duidelijk dat “Bouhouche en Beijer deel uitmaakten van een criminele organisatie”, en de Bende-criminelen geen gewone criminelen zijn. “Er was een duidelijke bende die bestond uit minstens een organisatie of brein”, schrijft de magistraat nog.

Kritiek op onderzoek

Niet enkel de partijvoorzitters kregen een brief in handen. Ook naar de federale procureur stuurde de magistraat een brief, waarin hij kritiek uit op de manier waarop het onderzoek wordt gevoerd.

Volgens gerechtelijke bronnen zit die informatie al sinds 1995 grotendeels in het dossier, maar heeft de magistraat nu opnieuw een brief naar de partijvoorzitters gestuurd. Volgens het federaal parket zal de tip net als andere worden onderzocht. Er zal nagegaan worden of er nu nieuwe elementen zijn en of die verder onderzoek vergen.

Bron » De Morgen

Bende-speurders doen huiszoeking bij oud-rijkswachtkolonel – Federaal parket ziet in Gérard Lhost mogelijke ‘manipulator’

Het federaal parket heeft een huiszoeking uitgevoerd bij oud-rijkswachtkolonel Gérard Lhost. Hij wordt gezien als mogelijke interne ‘manipulator’ achter de ontdekking van wapens van de Bende van Nijvel in het kanaal van Ronquières in 1986.

Gérard Lhost stond tot begin jaren 80 aan het hoofd van de groep Dyane, het Speciaal Interventie Eskadron (SIE) van de rijkswacht. Begin 1986 verliet hij de rijkswacht, nadat hij het onderzoek naar een spectaculaire wapenroof bij datzelfde SIE intern zou hebben gedwarsboomd.

De huiszoeking, die donderdag plaatsvond, vloeit voort uit de oproep die het federaal parket vorige week deed in Faroek. Het bevestigde toen zijn overtuiging dat het onderzoek naar de Bende in 1986 is gemanipuleerd.

Wapenvondst Ronquières

Speurders van de cel-Delta van de Dendermondse onderzoeksrechter Freddy Troch visten in november 1986 enkele zakken op in een zwaaikom in het kanaal van Ronquières. Daarin zaten wapens van de Bende, die 28 mensen vermoordde tussen 1982 en 1985, en ook een babykoffer en de cheques die waren gestolen bij de laatste raid, bij de Delhaize in Aalst op zaterdag 9 november 1985.

Twee getuigen hadden onbekenden die nacht zakken in het water zien gooien. Toen Franstalige speurders daar eind 1985 een duiker aan het werk zetten, vond die niks. De cel-Delta had een jaar later wel succes. De vondst, als een speld in een hooiberg, werd door velen bestempeld als onwaarschijnlijk. In Franstalige politiekringen wordt gesproken over “la pêche miraculeuse”.

Iemand zou de zakken in het water hebben gegooid en vervolgens gesuggereerd om daar eens te gaan vissen.

Het federaal parket zit ook op die lijn, gesterkt door een rapport van het Nationaal Instituut voor Criminalistiek (NICC), dat stelt dat de opgeviste voorwerpen slechts “enkele dagen” in het water kunnen hebben gelegen. Het NICC maakt dat op uit roestsporen op het metaal en de vrij goede staat van de cheques. Het parket probeert nu de vondst en alles wat eraan voorafging te reconstrueren.

‘Niks mee te maken’

De verdenkingen waren tot nu toe gericht tegen de Gentse ex-rijkswachter Philippe Vermeersch. Hij wees duikers van de genie van Burcht destijds aan waar ze moesten duiken. Hij houdt tot vandaag vol dat hij gewoon zijn werk deed, door de twee getuigenverklaringen verder te analyseren. Volgens hem waren bij de eerste zoektocht in 1985 enkel een bootje en peilstok ingezet.

In nogal wat Bende-publicaties staat dat Vermeersch in het najaar van 1986 vanuit Gent werd overgeplaatst naar de cel-Delta na een tussenkomst van kolonel Lhost. Vermeersch zou slechts 1 jaar en 2 maanden in het Bende-onderzoek werken.

Gérard Lhost verliet de rijkswacht in februari 1986 en ging aan de slag bij de Europese Commissie in Brussel. “Ik had niets te maken met de affectatie van de heer Vermeersch naar het Bende-onderzoek”, zei hij in 1997 voor de parlementaire Bendecommissie-bis. Vermeersch liet intussen met oud-collega’s een tegenexpertise uitvoeren die laat zien dat het NICC het fout heeft. De goed bewaard gebleven cheques waren in 1985 niet van papier, maar geplastificeerd.

Het parket deed geen mededeling over het resultaat van de huiszoeking. Niemand is voorgeleid of aangehouden. Gérard Lhost hield het gisteren bij: “Ik heb niets te zeggen.”

Bron » De Morgen

Onderzoek Bende van Nijvel: huiszoeking verricht bij gewezen rijkswachtkolonel

In het onderzoek naar de Bende van Nijvel is er vandaag een huiszoeking uitgevoerd bij de gewezen rijkswachtkolonel Gérard Lhost in Beersel. Dat heeft onze redactie uit goede bron vernomen. Wat de huiszoeking heeft opgeleverd is niet bekend. Niemand werd opgepakt.

Het federaal parket heeft een nieuwe huiszoeking uitgevoerd in het onderzoek naar de Bende van Nijvel. De huiszoeking vond plaats bij de gewezen rijkswachtkolonel Gérard Lhost in Beersel.

Lhost getuigde in de tweede parlementaire bendecommissie, onder meer over de invloed van extreem rechts binnen de rijkswacht. Hij was ook een tijdlang hoofd van het Speciaal Interventie Eskadron.

Wat de precieze aanleiding was voor de huiszoeking bij de gewezen rijkswachtkolonel is niet bekend. Het federaal parket dat het onderzoek voert, wou geen commentaar kwijt. Bij de overvallen van de Bende van Nijvel, halfweg de jaren 80, onder meer op warenhuizen van Delhaize, vielen 28 doden. De daders zijn nooit gevonden.

Bron » VRT Nieuws

Tueries du Brabant: aucun indice chez Michel Cocu

Fouille négative du domicile du dernier survivant de la filière boraine. Aucun élément ni indice en lien direct ou indirect avec les tueries du Brabant ou l’une d’elles n’a été trouvé au domicile de Michel Cocu, décédé d’un cancer le 4 décembre, à l’âge de 65 ans.

Après ses funérailles, les enquêteurs se sont rendus à Boussu au domicile de l’ancien policier qui fut suspecté dans les années 1980 d’avoir trempé dans les tueries des Colruyt de Hal et Nivelles en mars et septembre 1983, et acquitté en 1988. Michel Cocu continuait, trente ans après, d’être “intéressant pour l’enquête”. Et s’il avait laissé “quelque chose”?

On ne perquisitionne pas sans mandat le domicile d’une personne décédée: le nécessaire a été fait et des enquêteurs ont donc fouillé l’habitation de fond en comble. Si l’espoir était mince, les enquêteurs devaient vérifier.

Tout était “bien rangé” chez Michel Cocu, qui avait quitté l’habitation deux jours plus tôt. On a parfois imaginé que c’est comme cela qu’on aurait la solution, dans les papiers d’un mort. En tout cas pas chez Cocu: la fouille n’a rien donné.

Les enquêteurs actuels restent persuadés que “Michel Cocu savait des choses”, qu’il a eu un rôle dans les premières tueries de 1983, qu’il “fut recruté”. Le procureur général Christian De Valkeneer nous confiait (DH 7 décembre): “Nous pensions que M. Cocu avait des choses à nous dire”.

Cette opinion des enquêteurs actuels tranche avec celle des anciens, ceux qui furent écartés en 2010. Le 21 octobre 2014, le commissaire et ancien chef d’enquête Lionel Ruth confiait sa certitude que Michel Cocu et la filière boraine étaient étrangers aux tueries du Brabant. Les mêmes faits, le même dossier et trente ans plus tard, deux approches, deux certitudes inconciliables.

Bron » La Dernière Heure

Nieuwe huiszoekingen in dossier-Bende van Nijvel

De speurders naar de Bende van Nijvel blijven zich vastbijten in het spoor naar extreemrechts. Daar zouden mogelijk de daders te vinden zijn van de moordpartijen in Delhaize-warenhuizen uit de jaren 80. Er zijn woensdag opnieuw huiszoekingen uitgevoerd in het kader van het onderzoek naar de Bende van Nijvel. Dat heeft de procureur des Konings van Charleroi, Pierre Magnien, gezegd.

De huiszoekingen werden uitgevoerd door de cel Waals-Brabant en de gerechtelijke politie van Charleroi. Bij wie ze plaatsvonden, raakte gisteren niet bekend. Wel bevestigde de procureur van Charleroi dat ze passen in de reeks van huiszoekingen die in februari begonnen. In februari vielen de speurders binnen op 21 plaatsen bij mensen die in de jaren 80 gelinkt waren met de extreemrechtse Westland New Post (WNP).

Eén van de 21 huiszoekingen toen vond plaats bij Christian Smets, die begin jaren 80 als agent van de Staatsveiligheid infiltreerde bij de WNP. Smets toonde zich achteraf op de sociale media bijzonder verontwaardigd over de huiszoeking.

De speurders zouden beschikken over nieuwe elementen, met name geschreven documenten en getuigenissen, met betrekking tot de gebeurtenissen van begin jaren tachtig, die er zouden kunnen op wijzen dat de daders toch in het extreemrechtse milieu moeten worden gezocht.

In juni voerden de speurders in hun zoektocht naar de extreemrechtse piste ook graafwerken uit in de tuin in Tildonk waar in de jaren 80 nazi-druïde Herman Wachtelaer en zijn vrienden bijeenkwamen voor hun heidense rituelen. De speurders zochten naar wapens en – eventueel zelfs – naar een lichaam. Bij Wachtelaer kwamen in de jaren tachtig ook veel WNP-militanten over de vloer. Onder anderen Paul Latinus, Michel Libert en Jean-François Calmette.

Tussen 1982 en 1985 vielen bij de aanslagen die aan de Bende van Nijvel worden toegeschreven 28 doden. De feiten werd nooit opgelost. Naast het spoor naar extreemrechts beschikken de speurders sinds begin dit jaar ook over een DNA-spoor dat toebehoort aan een onbekende man. Het is aangetroffen op een voorwerp uit een van de zakken die in november 1986 in Ronquières door duikers uit het kanaal Brussel-Charleroi werden opgevist.

Die zakken bevatten wapens en verscheidene voorwerpen die vooral verwezen naar de laatste overval van de Bende, op het Delhaize-warenhuis in Aalst. De speurders werken tegen de deadline, want in 2015 verjaren de misdrijven van de Bende sowieso.

Bron » De Standaard