Wie liegt er nu weer?

De rijkswacht van Grâce-Hollogne ontdekte op 13 december 1995 nog een misdrijf van Dutroux dat haar op zijn minst een alibi zou gegeven hebben om hem nog eens op de rooster te leggen. Bij een huiszoeking in zijn woning vonden rijkswachters een agenda met een kleine advertentie, waarin een ex-rijkswachter van Grâce-Hollogne zijn vrachtwagen te koop aanbood. Een rijkswachter van de cel Julie en Mélissa bezocht de man in kwestie en vertelde hem dat een zekere Dutroux misschien de dief was.

“Maar”, zo voegde de rijkswachter eraan toe, “u zal geduld moeten hebben want die Dutroux is een pedofiel die kelders bouwt voor kinderen en daar gaat nu al onze aandacht naar uit”. De rijkswacht had dus kennelijk al de link gelegd tussen Dutroux en Julie en Mélissa. De eigenaar van de vrachtwagen hoorde niets meer van de rijkswacht, tot hij twee maanden geleden het bezoek kreeg van enkele speurders van Neufchâteau. De rijkswacht ontkent alles.

Ze zou helemaal niet geweten hebben waarom dat nummer in de telefoonklapper van Dutroux prijkte en ze zou de eigenaar van de vrachtwagen niets verteld hebben over zijn pedofiele praktijken. Ook BOB’er Jean Lesage, die al herhaaldelijk door de commissie werd verhoord, lachte dit verhaal weg. “Er stonden twee telefoonnummers van Luik in de agenda van Dutroux en ze hebben allebei niets opgeleverd”, zei hij.

Bron » Gazet van Antwerpen