Hof van Cassatie verbreekt arrest in assisenproces Marcel Habran

Het arrest over Giuseppe ‘Pépé’ Rosato, op het assisenproces tegen Marcel Habran en kompanen, is woensdag verbroken door het Hof van Cassatie. In het tweede proces rond Marcel Habran en zijn kompanen, voor het hof van assisen in Nijvel, werd Rosato vrijgesproken voor één moord en veroordeeld voor drie andere.

Onmiddellijk na dat vonnis vaardigde het hof een arrest uit waarin werd gesteld dat de volksjury zich had vergist in zijn motivatie. Het hof van assisen besliste dat Rosato een derde keer voor een volksjury moet komen, in een afzonderlijk proces.

Het Hof van Cassatie heeft die beslissing woensdag verbroken en oordeelde dat het verdict van de volksjury moet worden onderzocht door beroepsrechters. Als het verdict toch geldig blijkt, moet een jury zich buigen over de strafmaat. Marcel Habran werd eind vorig jaar veroordeeld tot 15 jaar cel. Thierry Dalem kreeg 25 jaar.

Bron » De Standaard

Europees Hof verbiedt Belgische censuur

Belgische rechters mogen geen uitzendingen op radio of tv verbieden. Met dit ophefmakende arrest legt het Europees Hof voor de Rechten van de Mens de censuur in ons land aan banden. Ook op kranten en weekbladen. België is geen dictatuur, maar censuur bestaat hier wel degelijk.

Het gebeurt geregeld dat een rechter een tv-uitzending verbiedt of een krant of tijdschrift uit de rekken laat halen. Meestal is dat omdat iemand zich in zijn privébelangen – vaak privacy – bedreigd voelt. Hoewel onze grondwet persvrijheid garandeert en voorafgaande censuur verbiedt, leggen sommige rechters in kort geding media aan banden. Soms ook op eenzijdig verzoekschrift.

In 2001 oordeelde een Brusselse rechter dat een uitzending van het RTBF-programma Au nom de la loi over medische blunders niet mocht worden uitgezonden. Dat gebeurde op vraag van een neurochirurg, die vreesde dat hij in opspraak zou worden gebracht. In beroep en in cassatie werd die beslissing bevestigd. Maar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens besliste gisteren anders.

Verwijzend naar het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, zeggen de rechters in Straatsburg dat ‘de vrijheid van meningsuiting alleen beperkt kan worden met een zeer precieze wettekst’. De wet en de rechtspraak in België zijn over dit onderwerp echter alles behalve precies, aldus het Europees Hof. Tenzij België zijn wetgeving op dit terrein aanpast en specifieke uitzonderingen omschrijft, moet een rechter zich voortaan onbevoegd verklaren.

Voortaan is het dus uitgesloten dat Nick Rodwell (eigenaar van de rechten op Kuifje) door een rechter laat verbieden interviews met hem uit te zenden in een reportage die nogal kritisch is over zijn koopmansgeest. Of dat Carl Devlies (CD&V) tracht een tv-debat tussen zijn Leuvense tegenkandidaten Louis Tobback en Rik Daems te laten verbieden omdat hij zich buitengesloten voelt. Ook Koppen en Telefacts kregen met een uitzendverbod te maken.

Dirk Voorhoof, professor mediarecht aan de UGent, is opgetogen over het arrest – al dwingt het hem zijn nieuwe handboek in voorbereiding aan te passen. “De beslissing van het Hof van Cassatie in dit dossier heeft de deur wagenwijd opengezet voor uitzendverboden en zelfs preventieve controles van reportages of duidingprogramma’s op televisie. Het was nochtans al jaren duidelijk dat dergelijke censuur via kort geding, en vaak via procedures op eenzijdige verzoekschrift, strijdig was met het Europees Mensenrechtenverdrag.”

Volgens Voorhoof heeft het Hof van Cassatie een te formeel-legalistische kijk op persvrijheid. Zo wordt het verbod op preventieve censuur op de geschreven pers, vaak gewoon omzeild door even te wachten tot er enkele nummers verkocht zijn en dán het medium uit de rekken te laten halen.

“Een andere juridische spitsvondigheid van het Hof van Cassatie kwam erop neer de audiovisuele media niet als pers te beschouwen, omdat in de grondwet uit de negentiende eeuw sprake is van ‘la presse’, later vertaald als ‘drukpers’. Waardoor het verbod van censuur voor de audiovisuele media geen bescherming kon bieden.”

De RTBF is uiteraard blij, maar ook de geschreven pers heeft redenen om te vieren. In die sector is de inzet nog groter. Denk maar aan de beslissing in 2008 van de rechter om het weekblad Humo uit de rekken te halen vanwege een satirische fotomontage over Fernand Koekelberg en Sylvie Ricour. Voorhoof: “Dit arrest gaat over audiovisuele media. Maar het Hof verwijt België dat rechters lukraak inperkingen op de persvrijheid opleggen die niet in de wet vastgelegd zijn. Dat verwijt geldt net zo goed voor de geschreven pers.”

Bron » De Standaard

Cel Vermiste Personen zoekt eigenaars van 115 lichaamsresten

De politie staat voor een raadsel: in het Amerikadok in Antwerpen zijn twee mannenbenen gevonden. Alleen kunnen die ledematen voorlopig niet gelinkt worden aan een dossier van de Cel Vermiste Personen. Dat is niet uitzonderlijk: in de voorbije 15 jaar was het voor het team van Alain Remue onmogelijk om op 115 lichaamsresten een naam te plakken.

Zondagavond 20 maart, een man belt het noodnummer. Tijdens het vissen ter hoogte van Kaai 54 in het Amerikadok heeft hij net een lichaam zien drijven. De brandweer komt ter plaatse en stelt vast dat er inderdaad lichaamsresten in het water drijven. Het gaat om twee benen en een stuk van een bekken, vermoedelijk door een schroef van een schip afgerukt van de rest van het lichaam. De onderste ledematen zijn zwaar verminkt.

Op het eerste gezicht kan zelfs niet worden vastgesteld of het gaat om mannen- of vrouwenbenen. Experts zijn er intussen al van overtuigd: het zijn mannenbenen. Alleen: op basis van de eerste onderzoeksresultaten zoals de schoenmaat lijkt het er niet op dat de benen toebehoren aan een man en vrouw over wie de Cel Vermiste Personen momenteel een dossier lopen heeft. Een onderzoeksrechter zal nu worden aangesteld om DNA van de benen te kunnen nemen.

Heel wat lichaamsdelen die links of rechts opduiken, worden nooit geïdentificeerd. Volgens de databank van de Cel Vermiste Personen staan momenteel 115 dergelijke dossiers open. Het oudste onopgeloste dossier gaat over delen van een menselijk lichaam die in 1985 werden teruggevonden in de Schelde in Dendermonde. De speurders zeggen dat ze het vaak ook met heel weinig moeten stellen. Zoals die ene vinger die de Cel Vermiste Personen en het Slachtofferidentificatieteam van de federale politie (DVI) in 2001 op hun bord kregen.

De vinger werd gevonden op een ijzeren hek in Koekelberg. De eigenaar ervan is nog altijd niet gevonden. “Vermoedelijk verloor een inbreker die vinger toen hij een klus wilde klaren. Uit schrik om ontmaskerd te worden liet hij zich niet verzorgen in het ziekenhuis. Tien jaar later kennen we de naam van de man-met-één-vinger-te-weinig nog altijd niet”, zeggen ze bij de Cel Vermiste Personen.

Vorige zomer werd op het strand van Middelkerke een heiligbeen opgegraven, dat is het grootste bot van de wervelkolom. Ondanks alle bergen werk die de speurders in dat dossier verzetten, is de naam van het slachtoffer nog altijd een mysterie. En soms zijn de speurders er heel dicht bij, maar lukt 100 procent-identificatie net niet. Zoals met een been dat werd opgeduikeld tussen het groen in Eupen-Malmedy.

“Het was vrij snel duidelijk dat dat ene been daar al vrij lang moet hebben gelegen. Verder onderzoek ter plaatse bracht ons iets verder. Een man vertelde dat hij zich levendig herinnerde hoe er tijdens WO II een Duitser zijn been was verloren tijdens een explosie. Zijn strijdmakkers kwamen het slachtoffer ontzetten en lieten dat been achter. Volgens die man was de stank enkele dagen later niet te harden en gooiden buurtbewoners het been in een put. In 2005 kwam het opnieuw bovengronds door rioleringswerken. We vermoeden dus sterk dat het been van een Duitser was, maar zijn naam zijn we nooit te weten gekomen.”

Vaak hangt het ook af van kleine dingen. Zoals toen er op 11 maart 2009 enkele lichaamsresten werden gevonden in een bos nabij Hoei. Identificatie leek zeer moeilijk te worden: doordat de ouderdom van de botten moeilijk kon worden geschat, moesten de speurders honderden dossiers doorlopen. Tot ze zich toespitsten op een oorbel die ze nabij de botresten hadden gevonden. Opeens was daar de naam van Tamara Morris, een jonge boekhoudster uit Aarschot die in maart 2006 was verdwenen. Verder onderzoek van de botten in die richting bevestigde: ze behoorden toen aan Tamara Morris.

De niet-geïdentificeerde menselijke resten worden niet bijgehouden. Na het nemen van DNA-stalen worden ze ofwel verbrand of begraven onder de naam X. Volledige lichamen die niet geïdentificeerd zijn, worden begraven in een kist met een loodnummer. Door dat nummer kan men het lichaam, indien het alsnog wordt geïdentificeerd, ‘teruggeven’ aan de familie. In goed 15 jaar opende de Cel Vermiste Personen ruim 16.000 dossiers van onrustwekkende verdwijningen, 700 daarvan staan nog open en zijn dus onopgelost.

Bron » De Morgen

“Politie laat tientallen miljoenen euro’s onbenut”

Enkele tientallen miljoenen euro’s, in de begroting van de federale politie bedoeld voor logistiek, zijn in 2010 onbenut gebleven en daardoor voorgoed verloren. Dat heeft de liberale vakbond VSOA Politie gezegd bij de voorstelling van het pre-memorandum “Veiligheid heeft zijn prijs”. Volgens de vakbond kunnen kostenbesparende maatregelen het politiebudget mee op peil houden.

Enkele tientallen miljoenen bleven dus onuitgegeven, middelen die volgens ondervoorzitter Vincent Houssin moesten dienen voor bijvoorbeeld politievoertuigen, terwijl op het terrein gesmeekt wordt om meer logistieke steun en materiaal. “Dossiers worden niet snel genoeg ingediend en de administratie werkt te traag”, aldus Houssin.

Het VSOA stelde, in afwachting van de nieuwe regering, het pre-memorandum voor. Daarin werd opgeroepen om in tijden van besparingen het politiebudget op peil te houden en te kiezen voor kostenbesparende maatregelen. Het pre-memorandum zou begin april aan de minister van Binnenlandse Zaken worden overhandigd.

Een ander, al eerder aangehaald voorstel, is om het boetesysteem te hervormen. Zo is in 2008 amper 61 miljoen euro van de 151 miljoen boetes die door rechters werden uitgesproken, geïnd. Volgens het VSOA komt die bijna 90 miljoen aan gemiste inkomsten alleen al overeen met 3.000 effectieven. De vakbond pleit daarom voor een professionelere manier van inning, en zelfs een privatisering van het gehele boetesysteem.

Ander opvallend punt is dat het VSOA pleit voor een degelijke rijopleiding voor alle politieagenten. “Vaak hebben ze alleen maar een rijbewijs B nodig om met een prioritair voertuig te mogen rijden.” Het Comité P becijferde dat er in de periode 2005-2007 ieder jaar 7,5 procent meer ongevallen waren met dienstvoertuigen van de lokale politie, van 2.391 tot 2.762 ongevallen.

Bron » De Morgen

Onderzoeksrechter stopt jacht op Bende van Nijvel

Veertien jaar zocht onderzoeksrechter Jean-Paul Raynal (56) naar de Bende van Nijvel. Onlangs legde hij in alle stilte zijn mandaat neer. Eigenlijk gedwongen, zegt Raynal. “Daardoor was het geen keuze met mijn hart, wel met mijn hoofd.”

Jean-Paul Raynal wroette de laatste veertien jaren in het intussen 1,2 miljoen bladzijden dikke onderzoeksdossier naar de Bende van Nijvel, de gangsters die 28 doden maakten bij een hele reeks overvallen. “Hoewel ik veertien jaren keihard in dat onderzoek heb gewerkt, heb ik het helaas niet kunnen oplossen. Maar dat betekent niet dat ik slecht werk leverde”, vertelt Raynal.

Raynal hoopte na al die jaren nog altijd de bende te ontmaskeren. Hij geloofde er ook nog in, zegt hij. Raynal werkte eind vorig jaar nog mee aan de oproep tot getuigen van de raid op de Delhaize in Aalst, in 1985. Daarop kwamen honderden tips binnen.

“Binnen vijf jaren zijn de feiten verjaard. De klok tikt en de kans dat de gangsters nog worden gevonden, wordt alleen maar kleiner. Maar het is niet uitgesloten.” Als de daders nog geïdentificeerd worden, zal het alleszins zonder de hulp van Raynal moeten gebeuren. “Ik word sinds enkele weken niet meer op de hoogte gehouden van het onderzoek. Omdat ik mijn mandaat met ingang van 2011 heb neergelegd.”

Christian De Valkeneer, de procureur des Konings van Charleroi, verklaart dat als volgt: “Het was de beslissing van meneer Raynal zelf. Hij is ook de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg in Charleroi. Dat is een job met grote verantwoordelijkheid. Meneer Raynal vond de combinatie met het voeren naar het onderzoek naar de Bende van Nijvel niet meer te doen.”

Raynal nuanceert: “Het klopt dat ik zelf besliste op te stappen. Maar wel omdat meneer De Valkeneer daarop aanstuurde.” Raynal zegt dat hij eind vorig jaar discussieerde met De Valkeneer. Die vond dat het juridisch problemen kon geven dat er twee onderzoeksrechters op het onderzoeksdossier naar de Bende van Nijvel zitten. Raynal vond dat dan weer geen probleem. “Want het is al meer dan tien jaar zo.”

Toch plooide Raynal. “Meneer De Valkeneer sprak over eventuele procedurefouten als er een arrestatie zou komen met twee onderzoeksrechters op één dossier. Hij heeft een universitair diploma en zegt dat dus niet zomaar. Ik wil het niet op mijn geweten hebben dat we de daders door zoiets moeten laten gaan. Dus bond ik in.”

Jean-Paul Raynal werd in 1997 onderzoeksrechter in het Bendedossier. Hij was jarenlang de rechterhand van onderzoeksrechter Jean-Claude Lacroix. Toen Lacroix met pensioen ging, volgde onderzoeksrechter Martine Michel hem op. Sindsdien vormden Raynal en Michel een tandem – Raynal was de baas. Met het opstappen van Raynal staat Michel alleen voor het omvangrijke onderzoek. Raynal gelooft in haar kunnen en looft haar capaciteiten. Hij besluit door te zeggen dat hij niet kwaad is. “Wel ontgoocheld.”

Bron » De Morgen