Voor het assisenhof van Henegouwen start maandag een uitzonderlijke zaak. Voor het eerst sinds 1941 komt er weer een persmisdrijf voor een assisenhof. Didier De Becker en Xavier Sandron, twee ex-leden van de extreem-rechtse groepering Parti des Forces Nouvelles (PFN), staan er terecht voor drie overtredingen van de (oude) racismewet van 30 juli 1981.
Ze worden beschuldigd van aanzetten tot rassenhaat, reclame voor discriminatie en lidmaatschap van een racistische vereniging omdat ze in 1989 twee pamfletten tegen migranten uitdeelden in Tubeke in Waals-Brabant. De PFN bestaat ondertussen niet meer, hun leden gingen op in Agir of het Front National.
In 1989 vonden de inwoners van de wijk “Bruyère” (Heide) in Tubeke in Waals Brabant een pamflet in de bus waarin Belgen en Europeanen werden opgeroepen tot waakzaamheid tegenover de migranten. In een tweede pamflet uit maart 1990 werd de invasie van Hitler in Polen in 1939 vergeleken met de immigratie van Marokkanen en Zaïrezen in Tubeke. Omdat beide groepen goed geïntegreerd zijn, waren nogal wat mensen geschokt. Ze reageerden en vonden gehoor bij het (socialistische) gemeentebestuur van Tubeke dat een klacht indiende op basis van de racismewet.
Al gauw sloten de Franstalige afdeling van de Liga voor Mensenrechten en de MRAX (Mouvement contre Ie racisme et la xénophobie) zich aan bij de klacht van de gemeente Tubeke. De zaak ging naar de raadkamer van Nijvel, die op 22 juni 1992 besloot dat de pamfletten mogelijk opriepen tot rassenhaat, maar dat het om een persmisdrijf ging.
Dat veronderstelt een misbruik van de vrijheid van meningsuiting, het gebruik van de drukpers en een daadwerkelijke verspreiding. Zo’n misdrijf moet voor het assisenhof komen en daarom werd de affaire verzonden naar de procureur-generaal van Brussel, die ze moest doorverwijzen naar de Kamer van Inbeschuldigingstelling.
Cassatie
De Brusselse KI besloot op 3 december 1992 tot buitenvervolgingstelling omdat de pamfletten niet opriepen tot specifieke feiten, maar slechts tot een “algemeen gedrag”. De burgerlijke partijen gingen in cassatie en op 19 mei 1993 verbrak cassatie het arrest van de Brusselse KI en wees de zaak door naar de Henegouwse Kl. Volgens Cassatie is het niet nodig dat de pamfletten oproepen tot een concrete daad (een aanslag of een moord bv.) opdat ze zouden aanzetten tot haat. Wie dat verlangt, voegt een extra voorwaarde toe aan de racismewet.
Aanzetten tot haat veronderstelt vooral de creatie van een bepaald emotioneel klimaat. De Brusselse KI heeft volgens Cassatie ten onrechte de vereisten voor de betichtingen “laster en eerroof’ – waar er wel degelijk een heel concrete aanval moet zijn – veralgemeend naar de racismewet. De KI van Bergen verwees Didier en Xavier op 14 januari 1994 naar het assisenhof omdat de overtreding van de racismewet gebeurde met een drukpers en persmisdrijven volgens artikel 150 van de nieuwe grondwet voor het assisenhof moeten komen.
Er zullen maandag 90 burgerlijke partijen zijn: naast de Liga, MRAX en het gemeentebestuur van Tubeke zijn er 87 burgers uit de bewuste wijk. De beschuldigden kunnen maximaal 6 maanden en een boete van 4.000 fr. krijgen. Op een persconferentie zei mr. Vincent Lurquin van MRAX donderdag dat er vele getuigen zijn opgeroepen. “Zij zullen moeten uitleggen dat er al in 1937 zulke pamfletten werden gemaakt. Achtereenvolgens waren Joden, Polen, Italianen en Marokkanen het slachtoffer. Vermoedelijk komen de Polen binnenkort terug. Belangrijk is het onderliggend maatschappelijk project en dat is nu en in 1937 hetzelfde.”
Afwachten maar of de burgers van Henegouwen de twee beschuldigden zullen veroordelen. Probleem blijft bovendien dat een assisenjury zijn verdict niet moet motiveren. Het zal dus nooit duidelijk worden waarom de betichten worden vrijgesproken of veroordeeld.
Bron » Gazet van Antwerpen