Op 13 maart 1982 gingen enkele onbekenden in een wapenhandel in Dinant aan de haal met een geweer dat eigenlijk alleen geschikt was voor de jacht op eenden. Het onderzoek naar de dader werd al vlug afgesloten. Het leek op een banale wapendiefstal, éen van de zovele die nooit worden opgehelderd.
Pas vier jaar later bleek dat deze diefstal te maken had met de Bende van Nijvel. Het geweer werd toen teruggevonden in het kanaal Brussel-Charleroi nabij het hellend vlak van Ronquières. Samen met andere wapens en voorwerpen die door de Bende van Nijvel waren gebruikt of buitgemaakt.
Die bende werd verantwoordelijk gesteld voor de moord op 28 onschuldige burgers. Op 9 november 1985 sloegen ze voor het laatst toe in de Delhaize van Aalst. Voor iets meer dan 700.000 frank werden daar acht onschuldige winkelgangers, onder wie twee tienermeisje, op brutale wijze omgebracht. De buit werd nadien terug gevonden in hel kanaal in Ronquières.
Zoveel was voor de speurders toen duidelijk: het was de moordenaars niet om het geld te doen. Maar wat was dan wel hun motief? En wie waren de moordenaars? Daar heeft het gerecht nog altijd het raden naar.
In de loop van de jaren zijn er in het Bende-dossier een hele reeks namen gevallen van mensen die ervan verdacht werden op een of andere manier betrokken te zijn geweest bij de overvallen.
Michel Cocu
Samen met enkele andere armoezaaiers uit de Borinage werd deze gewezen politieman in het najaar van 1983 voor het eerst opgepakt op verdenking van medeplichtigheid aan de aanslagen. Dit is het zogenaamde Borinage-spoor. De Nijvelse procureur des konings Jean Deprêtre hield altijd staande dat dit het juiste spoor was. De aanhoudingen gebeurden mee op basis van een ballistische analyse van een revolver, die achteraf volledig verkeerd bleek te zijn.
De analyse die de Borains van alle schuld vrijpleitte, bleef met medeweten van de Nijvelse procureur maandenlang in de schuif liggen. Cocu legde verschillende keren bekentenissen af, maar trok ze nadien weer in. In 1986 verschenen Cocu en Co voor het assisenhof in Bergen. Ze werden vrijgesproken.
Philippe ‘Johnny’ De Staerke
Een zware jongen uit een criminele zigeunerfamilie uit Vlaams-Brabant. Hij stond aan het hoofd van de zogenaamde Bende van Baasrode, die onder andere diefstallen pleegde in Oost-Vlaanderen. De wapens die deze gangsters daarbij gebruikten, waren op een soortgelijke manier omgebouwd als die van de Bende van Nijvel. Enkele uren voor de overval in Aalst bezocht De Staerke er met zijn vriendin de Delhaize. Wellicht om het terrein te verkennen.
In 1987 verscheen De Staerke voor zijn rechters. Eén van zijn broeders in de misdaad verklaarde op dat proces: “Johnny De Staerke heeft in de gevangenis gezegd dat hij 28 jaar oud is en al 28 moorden op zijn geweten heeft”. De Staerke kreeg twintig jaar gevangenis. In 1991 legde De Staerke schriftelijk bekentenissen af. Hij zou slechts de uitvoerder geweest zijn van een sinister complot van militairen en rijkswachters.
Maar die bekentenissen werden door de speurder suit Charleroi op een slechte manier onderzocht. Volgens hen had De Staerke gewoon blufpoker gespèeld: van zijn verhaal was niets waar. De Staerke zit nog altijd in de gevangenis.
Jean Bultot
Op het proces van de bende De Staerke moest ook Jean Bultot in het beklaagdenbankje zitten wegens medeplichtigheid aan heling van gestolen voorwerpen. Bultot werd bij verstek veroordeeld. Want deze adjunct-directeur van de gevangenis van Sint-Gillis was inmiddels gevlucht naar Zuid-Amerika.
Hij was goede maatjes met sommige onderwereldfiguren en was evenmin een onbekende in extreem-rechtse kringen in het Brusselse. In een bos, niet ver van het hellend vlak van Ronquières waren talloze voorwerpen gevonden die Bultot in verband brachten met de Bende van Nijvel. Daarom vond Bultot het veiliger om andere oorden op te zoeken.
Bultot keerde uiteindelijk naar ons land terug. Het hof van beroep smeerde hem een dermate korte gevangenisstraf aan zijn broek dat hij eigenlijk nauwelijks in de ceI heeft gezeten.
Madani Bouhouche en Robert Beijer
Madani Bouhouche, een gewezen Brusselse rijkswachter, zit een celstraf van twintig jaar uit voor een hele reeks misdrijven, zoals de moord op een veiligheidsagent en een Libanese zakenman in Antwerpen. Maar hij kan al geruime lijd rekenen op penitentair verlof. Samen met Robert Beijer, zijn voormalige collega hij de Brusselse BOB, is hij volgens velen de sleutel voor het Bende-mysterie.
De hypothese is dat hij instond voor de logistiek van de Bende van Nijvel (auto’s, wapens, …). Bouhouche is een wapengek. Hij beoefende ook de discipline van de practicaI shooting, een schietoefening die sterke gelijkenissen vertoont met het optreden van de Bende van Nijvel.
Bron » Gazet van Antwerpen