De eenzame strijd van moeder Zwarts

Al jaren voert ze een eenzame strijd: Elvire Cochet uit Bertem. Ze is de moeder van Francis Zwarts. Op 25 oktober 1984 – bijna 14 jaar geleden – verdween haar toen 25-jarige zoon op de luchthaven van Zaventem. Hij werkte daar als veiligheidsagent. Op het ogenblik van zijn verdwijning had hij waardepapieren en diamanten bij zich.

“Met mijn aanwezigheid wil ik solidair zijn met de mensen hier. Maar tegelijk wil ik ook de aandacht op mijn zaak vestigen”, zegt ze. Ze draagt enkele krantenknipsels over de zaak Zwarts met zich mee.

“Mijn zoon ligt ook begraven. Maar men heeft nog niet de zoeken. De hele betoging loopt ze mee vooraan. Wat later duikt ze op aan de ambtswoning van premier Dehaene in de Lambermont-straat, waar het overleg tussen de premier en de ouders van de vermoorde en verdwenen kinderen plaatsvindt.

Ze blijft buiten wachten. “Ik mocht niet binnen”, klinkt het verbitterd. Die verbittering is de ondertoon die de hele lijdensweg van moeder Zwarts kleurt. Madani Bouhouche werd vorig jaar tijdens het beruchte proces Bouhouche-Beijer veroordeeld voor de moord op Francis Zwarts. Het hele proces smeekte de moeder met haar aanwezigheid opdat Bouhouche haar toch zou vertellen waar haar zoon begraven ligt. Maar Bouhouche zweeg.

Enkele weken geleden nog vertelde mevrouw Zwarts hoe ze hoopte dat de apparatuur van de Engelse Bennett zou gebruikt worden om te zien of haar zoon niet begraven ligt onder het terras van Bouhouche-kompaan Robert Beijer, iets waar moeder Zwarts altijd in geloofd heeft. Maar niemand antwoordde op haar smeekbede.

Bron » Gazet van Antwerpen