Moord op Dutroux-getuige: justitie zat fout

Volgens de Belgische justitie waren het de Franse gangsters Patrick Verdin en Thierry Sliman die eind 1996 Michel Piro, een getuige in de zaak-Dutroux, neerknalden omdat diens wanhopige echtgenote hun dat had gevraagd. Maar dat verhaal slaat nergens op, oordeelde het assisenhof in het Noord-Franse Charlesville Mezière vrijdag. Daar werd in alle stilte een proces afgehandeld dat ingrijpende gevolgen kan hebben voor het onderzoek in Neufchâteau.

In de vroege ochtend van 4 december 1996 zijn Michel Piro en zijn echtgenote Véronique Laurent met hun bestelwagentje op weg naar de Brusselse vroegmarkt. Ze gaan er inkopen doen voor hun restaurant in Nalinnes. De zaak, L’Arche de Noé, is in de regio erg bekend vanwege zijn exotische interieur, met onder meer een minidierentuin met leeuwen en tijgers.

In Charleroi is het stel ook een beetje berucht. Laurent was jarenlang uitbaatster van de Miss Bar (later La Terrasse). Piro is de man die in de rosse buurten in Charleroi beter kent dan wie ook. Het is iets voor vieren ’s ochtends wanneer Laurent teken doet dat ze dringend naar het toilet moet. Piro houdt halt op een parking langs de A54. Ze hoort twee schoten. Piro is van dichtbij geëxecuteerd.

Pas begin 1997 wekt de zaak de aandacht van procureur Michel Bourlet in Neufchâteau. Wat blijkt? Kort voor zijn dood heeft Piro zitten bellen met de familie van het vermoorde meisje Julie Lejeune. Hij wil dat de ouders naar zijn zaak komen zodat hij hun “alles kan uitleggen”. Piro belooft “onthullingen over wat er met de kinderen is gebeurd”.

Marc Dutroux, zo staat inmiddels vast, was een regelmatige bezoeker van de bars van Laurent en Piro, en zo ook andere Neufchâteau-verdachten, zoals Michel Nihoul, wijlen Bernard Weinstein en Michael Diakostavrianos. Dat is allemaal niet zo onlogisch, want de etablissementen van Piro en Laurent liggen vlakbij Dutroux’ huis in Marcinelle, waar hij Julie, Mélissa, An, Eefje, Sabine en Laetitia verbergt.

Door een stom toeval zullen speurders in Neufchâteau begin 1997 ontdekken dat er op 13 augustus 1996, de dag na de arrestatie van Dutroux, in negen minuten tijd vanuit La Terrasse vijf telefoongesprekken zijn gevoerd naar diverse gerechtelijke diensten in Charleroi. Alsof ‘het milieu’ redenen had tot paniek. Er zijn ook getuigenissen over hoe een van de ontvoerde meisjes eind 1995 in een van de bars in Charleroi is gezien.

Halfweg 1998 beschouwt het parket in Charleroi de moord op Piro echter als opgehelderd. Geen verband met de zaak-Dutroux, luidt het. De ware toedracht is hyperbanaal. Véronique Laurent lag al een poos in conflict met haar man. Die sloeg haar, en had haar ooit tot abortus gedwongen. Toen hij had aangekondigd dat hij de leeuwen en tijgers wou laten afmaken – waar ze erg aan gehecht was – had ze haar schoonbroer Patrick Verdin gevraagd of die hem niet voor een prijsje wou neerknallen.

Tegenover GP-commissaris Jean Laitem legde ze bekentenissen af, en op 13 mei 1999 werd de vrouw door het Bergense assisenhof veroordeeld tot vijftien jaar cel omdat ze opdracht had gegeven tot de moord. Restte er nog één klein detail. De twee “daders”, notoire gangsters overigens, zaten al een tijdje in Frankrijk in de cel wegens afpersing. Frankrijk weigerde naar gewoonte zijn onderdanen uit te leveren en dus moesten zij worden berecht in het Noord-Franse Charlesville Mezière.

Dat gebeurde vorige week, in alle stilte. Na een proces dat twee en een halve dag duurde, oordeelde de jury dat dit duo met de hele zaak geen fluit te maken heeft. Belangstelling voor het proces was er nauwelijks. Alleen Carine en Gino Russo en hun raadsman Victor Hissel volgden het van begin tot eind.

Hissel somt op: “Het Hof moest vaststellen dat er wel een lijk was en een zelfverklaarde opdrachtgeefster, maar verder niets. Geen wapen, geen auto, geen vingerafdrukken. Niet één concreet element. En waar de bekentenis van Laurent al kon worden getoetst aan wat men weet over Patrick Verdin en Thierry Sliman, bleek werkelijk niets te kloppen. Uiteindelijk bleef er maar één element over à charge van de zogenaamde huurmoordenaars: de verklaring van Laurent, waarover zij nu vertelde dat ze helemaal niet meer zo zeker was.”

“Zij werd donderdag op het proces als getuige opgeroepen en legde uit dat de namen van Verdin en Sliman haar waren ingefluisterd door de GP van Charleroi. We zagen een verwarde, wanhopige vrouw. Ze vertelde wel interessante dingen, bijvoorbeeld over hoe Dutroux, Nihoul en anderen vaak in hun bars kwamen.”

En nu? Wie heeft Michel Piro vermoord, waarom, en waarom precies op het moment dat hij iets wou gaan openbaren over de zaak-Dutroux? Niemand die het nog weet. Voor onderzoeksrechter Jacques Langlois in Neufchâteau is de dubbele vrijspraak erg pijnlijk. Het was de zaak-Piro die drie jaar geleden aanleiding gaf tot het eerste open – en intussen compleet geëscaleerde – conflict met Bourlet, die een reeks huiszoekingen wou laten verrichten in de bars in Charleroi. Langlois weigerde, en verwijderde ook BOB’er Adam, die het dossier door en door kende, uit het onderzoek.

Langlois zag dat alles gerechtvaardigd door de bekentenissen van Laurent. “En nu, meer dan vier jaar na de moord, kan het onderzoek zo ongeveer van nul herbeginnen”, zegt Hissel. “Al die tijd heeft Langlois ons gezegd: wacht maar rustig af, straks worden die twee Fransen veroordeeld en dan is de kous af. Tja.” Navraag in Neufchâteau leert dat men daar opnieuw wil gaan speuren in het milieu van de bars in Charleroi. Tenminste, dat is wat Bourlet wil.

De vraag is hoe Langlois zal reageren op zijn zoveelste vergissing op rij. Voor Laurent verandert er niets. Haar termijn om beroep aan te tekenen tegen haar veroordeling, is allang verstreken, en dus blijft zij gewoon in de cel zitten. Misschien, oppert Hissel, “enkel omdat ze ooit tegenover de verkeerde persoon heeft uitgeroepen dat ze haar man beu was en zich onbewust heeft laten gebruiken als camouflage voor een liquidatie.”

Bron » De Morgen | Douglas De Coninck