Nieuwe amnestieperiode voor onvergunde wapens in 2018

“Om een beter zicht te krijgen op wapens die zonder de nodige vergunning in het bezit zijn van burgers, zal ik begin volgend jaar een nieuwe amnnestieperiode organiseren.” Dat heeft minister van Justitie Koen Geens (CD&V) vrijdagmiddag gezegd bij het in ontvangst nemen van het onderzoek ‘De Belgische illegale vuurwapenmarkt in beeld’ van het Vlaams Vredesinstituut.

De amnestieperiode zal lopen van 1 januari 2018 tot 31 december 2019. Het is een van de antwoorden van de minister op het onderzoeksrapport van de onderzoekers over illegaal vuurwapenbezit en illegale vuurwapentrafiek.

Een andere maatregel van de minister bestaat erin dat er vanaf september een proefproject komt voor het invoeren van het zogeheten PACOS-systeem, een registratiesysteem voor overtuigingsstukken, inclusief inbeslaggenomen wapens. De onderzoekers van het Vlaams Vredesinstituut hadden daar in hun rapport op aangedrongen, omdat de bestaande gegevensbronnen (zoals het Centraal Wapenregister of de Algemene Nationale Gegevensbank) onvolledig zijn of niet bruikbaar voor analytisch onderzoek.

Voorts kondigde de minister van Justitie nog aan dat hij werk zal maken van een wettelijke basis voor burgerinfiltranten en spijtoptanten. “Deze nieuwe rechtsfiguren kunnen hopelijk tot resultaten leiden, ‘if all else fails'”, aldus de minister.

Bron » De Standaard

Federale politie: “Enkel achter­stand bij maatregelen die justitie oplegt”

De federale politie ontkent dat er een achterstand is bij het invoeren van gegevens van personen of voertuigen die opgespoord moeten worden. Dat stond te lezen in het rapport van de parlementaire commissie die de aanslagen van 22 maart 2016 onderzoekt. De federale politie geeft wel toe dat er een achterstand is, maar alleen bij het invoeren van maatregelen die justitie oplegt aan veroordeelden, een alcoholverbod of contactverbod bijvoorbeeld.

Uit het rapport van de onderzoekscommissie naar de aanslagen in Brussel en Zaventem zou moeten blijken dat de gegevens van personen en voertuigen die geseind moeten worden, niet op tijd in de politiedatabank raken. In het najaar lagen er naar verluidt nog 5.000 seiningen te wachten om ingevoerd te worden in de computer en dat aantal zou nu opgelopen zijn tot 11.000, zo staat in het rapport te lezen.

Wanneer de politie een controle houdt, moet ze kunnen nagaan of de persoon die is tegengehouden eventueel gezocht wordt voor bepaalde feiten en of het voertuig al dan niet gestolen is. Maar dat is blijkbaar een probleem: niet alle gegevens van die geseinde personen en voertuigen zouden dus in de politiedatabank zitten.

“Groot veiligheidsrisico”

Stefaan Van Hecke, commissielid voor Groen: “Toen we de verantwoordelijken hebben gehoord in het najaar, hadden ze het over 5.000 seiningen die nog niet in onze databanken zijn ingevoerd. Bij het schrijven van het rapport van de onderzoekscommissie hebben we het cijfer nog eens gecheckt. En tot onze verbazing is het opgelopen tot 11.000 seiningen.”

“Als vandaag een procureur zegt: “Ik wil die persoon ondervragen, maar we vinden hem niet dus we gaan hem seinen.”, wel dan komt die seining op een stapel van 11.000 met een zeer grote achterstand. Dat creëert een groot veiligheidsrisico”, aldus Van Hecke.

De federale politie kampt volgens de commissie dus met een personeelstekort en de dienst die de seiningen moet invoeren kan het werk niet aan, zegt Stefaan Van Hecke. Toch roept hij de verantwoordelijken op om er dringend werk van te maken.

“Ons niet alleen richten op zij die al stempel van terrorist hebben”

In het onderzoeksrapport van de parlementaire commissie staat ook dat de federale politie eerst de terreurverdachten in de databank heeft ingevoerd en dat de rest daardoor is blijven liggen. Commissielid voor Groen Stefaan Van Hecke heeft daar begrip voor maar wijst op de gevaren van de achterstand.

“Het is zeker en vast zo dat men prioriteit heeft gegeven aan alle seiningen die met terrorisme te maken hebben, terecht ook, maar dat wil niet zeggen dat de rest moet oplopen. Want mensen die terroristische misdrijven plegen, hebben vaak voordien ook andere misdrijven gepleegd. Het niet omdat veel aandacht gaat naar terrorisme dat we andere zware misdrijven niet moeten aanpakken.”

Geen achterstand bij personen of voertuigen

De federale politie ontkent echter dat er een achterstand is bij het invoeren van gegevens van personen of voertuigen die opgespoord moeten worden. De politie geeft toe dat er een achterstand is, maar enkel bij het invoeren van maatregelen die justitie oplegt aan veroordeelden, zoals een contactverbod of een alcoholverbod.

De politie betreurt ook dat ze het rapport van de onderzoekscommissie zelf nog niet hebben kunnen inkijken.

“Het zou natuurlijk handig zijn mochten we het rapport hebben, dan konden we dat bestuderen”, zegt Peter De Waele, de woordvoerder van de federale politie. “Maar als het gaat om achterstand, dan gaat het hoegenaamd niet over personen die op te sporen zijn, voertuigen die op te sporen zijn, gestolen voorwerpen die op te sporen zijn, het gaat over maatregelen die justitie heeft opgelegd.”

Ook die maatregelen na een veroordeling moeten natuurlijk in de politiedatabank zitten, maar dat gaat erg traag. “We moeten dat manueel invoeren”, zegt De Waele, “dus op korte termijn kunnen wij mankracht inzetten, op lange termijn moet die computer van Justitie kunnen communiceren met de politiecomputer, zodat wanneer een magistraat maatregelen afkondigt, dat quasi onmiddellijk in die politiedatabase komt.”

Bron » VRT Nieuws

Commissie 22/3 wil één grote Kruispuntbank Veiligheid

Naar analogie met de Kruispunt van de Sociale Zekerheid moet er een centrale Kruispuntbank Veiligheid komt, waarin álle gegevens van alle betrokken diensten zitten. Het is geen nieuwe databank, maar een koepelstructuur boven de bestaande databanken. Dat beveelt de commissie 22/3 aan in haar lijvige rapport, dat op dit moment voorgesteld wordt.

Al na de eerste hoorzittingen omtrent de veiligheidsarchitectuur, kwam het probleem van de informatiedeling bovendrijven. Er zijn meerdere databanken waarin gegevens die relevant zijn in terreuronderzoeken, verzameld worden. Zo is er de Algemene Nationale Gegevensbank (ANG) van de politie, de databank van het Ocad (Coördinatieorgaan voor de Dreigingsanalyse), lokale gegevensbanken, de mappen van de parketten, enzovoort. Die databanken zijn niet op elkaar afgestemd. Delen van gegevens is al moeilijk, kruisen van gegevens helemaal.

Een nieuwe ‘Kruispuntbank Veiligheid’, waar de gerechtigde veiligheidsdiensten op een veilige manier toegang tot hebben, moet dat euvel verhelpen. Dat is één van de meest tastbare conclusies van de commissie 22/3, de parlementaire onderzoekscommissie naar de terroristische aanslagen in Zaventem en Maalbeek. De commissie haalt de mosterd bij de Kruistpuntbank van de Sociale Zekerheid en het e-Health-platform.

Flagging Systeem

Opvallende nieuwigheid is het ‘flagging systeem’, dat het mogelijk maakt om te kijken welke dienst nieuwe informatie heeft toegevoegd of gewerkt heeft op een bepaald dossier. Dat moet een betere horizontale samenwerking tussen verschillende diensten mogelijk maken, en kadert ook in het idee van ‘gedeelde verantwoordelijkheid’ over informatie.

Commissielid Servais Verherstraeten (CD&V), die de aanbeveling op tafel legde, is tevreden. ‘We stelden een wildgroei aan gegevensbanken vast’, aldus Verherstraeten. ‘Op een gegeven moment telden we er liefst 127, waarvan 16 bij de federale politie. Maar zelfs binnen dezelfde dienst waren er databanken die niet op elkaar afgestemd waren. Er was onvoldoende cultuur om informatie te delen, dat moet veranderen.’

‘We richten geen nieuwe databank op’, preciseert hij. ‘Door het gebruik van de bestaande databanken komen we tot een snellere operationoalisatie en beperken we de kostprijs. Een gezamenlijke databank stimuleert bovendien het vertrouwen van alle betrokken diensten. Op deze manier zullen alle diensten toegang hebben tot dezelfde informatie en zullen gegevens effectief gekruist kunnen worden.’

Bedoeling is dat de informatie beschikbaar is ‘voor wie ze relevant is’, aldus nog Verherstraeten. ‘De Kruispuntbank moet op een efficiënte en veilige manier geconsulteerd kunnen worden, met respect voor de autonomie van de instanties en hun opdrachten.’ Om te bepalen wie en op welke manier toegang zal hebben tot de geïntegreerde Kruispuntbank, wordt een beheersplatform aangeduid.

‘We hebben de scalpel gehanteerd, en niet de hakbijl. Maar we zijn best wel streng geweest, hoor. Er ís veel te weinig informatie gedeeld, de informatie was teveel gecompartimenteerd en gefragmenteerd’, besluit de CD&V’er.

Informatieomslag

Rode draad doorheen het 500 pagina’s tellende rapport van de commissie 22/3 is een betere doorstroming van informatie. Twintig jaar na de onderzoekscommissie-Dutroux is de problematiek dus nog hetzelfde. Tot een nieuw, groots Octopusakkoord zal dit rapport niet leiden, het beoogt vooral een noodzakelijke brug te slaan tussen de bestaande diensten. Historisch is wel dat de meerderheid en de oppositie in consensus beslist hebben over honderden aanbevelingen.

Bron » De Standaard

18.884 personen geregistreerd voor link met terrorisme

Het aantal personen die in de Algemene Nationale Gegevensbank van de politie geregistreerd staan omdat ze aan terrorisme gelinkt kunnen worden, is tussen 2010 en 2017 gestegen van 1.875 naar 18.884. Dat schrijft La Dernière Heure vrijdag, op gezag van het ministerie van Binnenlandse Zaken.

De redenen om voor ‘terrorisme’ in de ANG terecht te komen, zijn zeer uiteenlopend. Het gaat om mensen die met aanslagen in verband worden gebracht, maar ook om personen met computers waarop IS-literatuur teruggevonden werd.

In de nasleep van de aanslagen in Parijs in november 2015 werd de terrorismewetgeving herzien en werden de vermeende strafbare feiten uitgebreid. Van de omwille van terrorisme geregistreerde personen kunnen er 2.248 in verband worden gebracht met gewelddadige radicalisering.

In totaal staan er 2,21 miljoen mensen geregistreerd in de gegevensbank van de politie.

Bron » De Morgen

Eén op de vijf Belgen in gegevensbank politie

De Algemene Nationale Gegevensbank (ANG) van de politie bevat de gegevens van 2.221.442 Belgen, terwijl dat zeven jaar geleden maar voor 1.506.046 mensen het geval was. Dat schrijft La Dernière Heure op basis van cijfers van de federale politie, verstrekt door minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA).

Op basis van opgestelde en opgeslagen processen-verbaal staat dus één op de vijf Belgen geregistreerd in de ANG. Tussen 2010 en 2017 is er sprake van een stijging met 47,5 procent van het aantal geregistreerde personen. Vooral tussen 2015 en 2016 was er een forse stijging met 129.490 registraties.

Dat komt deels doordat het strafwetboek is uitgebreid maar ook doordat het wettelijk arsenaal in de strijd tegen terrorisme is versterkt.

Bron » De Morgen