Afluisteren, post openen en stiekem plaatsen doorzoeken: Belgische inlichtingendiensten doen het steeds vaker

Nog nooit hebben de Belgische Staatsveiligheid en de militaire inlichtingendienst ADIV zoveel uitzonderlijke inlichtingenmethoden ingezet als vorig jaar. Dat staat in het Jaarverslag 2019 van toezichthouder Comité I, dat Knack en Le Soir konden inkijken.

De Staatsveiligheid deed vorig jaar 449 keer een beroep op uitzonderlijke inlichtingenmethoden, de ADIV 76 keer. Het gaat om de meest ‘intrusieve’ vorm van informatieverzameling. Denk aan afluisterapparatuur plaatsen, stiekem plaatsen doorzoeken, post openen, bankgegevens verzamelen en binnendringen in een informaticasysteem.

De cijfers van 2018 lagen een pak lager: 344 voor de Staatsveiligheid en 28 voor ADIV. Toezichthouder Comité I spreekt van een “opmerkelijke” stijging.

Daarnaast kunnen de Belgische inlichtingendiensten ook specifieke methoden aanwenden, zoals pakweg observatie in publiek toegankelijke plaatsen of het vorderen van reisgegevens. In 2019 gaf de Staatsveiligheid daarvoor 1.781 toelatingen, de ADIV 138.

De cijfers staan in het nieuwe jaarverslag van het Comité I, dat vrijdagnamiddag achter gesloten deuren is besproken door zijn parlementaire begeleidingscommissie. Het totaal van alle ingezette methoden in 2019 (alles samen waren het er 2.444) bleef stabiel in vergelijking met het jaar ervoor.

Bron » De Morgen

Hij was een ontsnappingskoning en de schrik van de flikken, en toch hoorde je nooit een kwaad woord over ‘Petit Robert’

De beruchte gangster ‘Petit Robert’ is niet meer. Truienaar Robert Vanoirbeek, ooit bestempeld als dé Belgische ontsnappingskoning, overleed begin deze maand in zijn woonplaats in Jambes, waar hij een teruggetrokken leven leidde, aan kanker. Hij werd 65 en was in de jaren zeventig en tachtig de absolute schrik van de flikken. Michael Roskam haalde voor zijn gangsterfilm ‘La Fidèle’ zelfs zijn inspiratie bij Petit Robert.

Hoe explosief zijn leven was in die loden jaren zeventig en tachtig, zo rustig was het na zijn laatste vrijlating in 1996. Petit Robert moest eigenlijk nog een straf tot 2019 uitzitten toen hij – na een geweigerde aan vraag tot euthanasie – besloot een brief te schrijven naar de koning om gratie. Tot ieders verbazing gaf Albert II zijn fiat en mocht Petit Robert de gevangenis van Verviers verlaten, voorgoed. Nadien zou hij chauffeur worden, hij verzorgde het vervoer van mindervaliden. En zou, voor zover geweten, nooit meer een overval plegen.

Het staat in schril contrast met wat Petit Robert in de jaren zeventig en tachtig uitgevreten heeft. Even de cijfers: Vanoirbeek pleegde minstens vijftien zware overvallen, werd in totaal veroordeeld tot 43 jaar celstraf en ontsnapte maar liefst vijf keer uit de gevangenis. Evenveel als die volgende ontsnappingskoning, Kapllan Murat.

Robert Vanoirbeek bracht zijn prille jeugd door in Vorst. Zijn ouders waren straatarm en hij speelde even met het idee om kapper te worden. Maar het liep vrij snel fout na zijn verhuizing naar Sint-Truiden. Daar hield Robert zich even met kruimeldiefstallen bezig, om zich dan te bekwamen in zware gewapende overvallen en gijzelingen.

Excuses aan gegijzelden

Hoewel hij graag pochte met het feit dat er geen bloed aan zijn handen kleefde, waren die overvallen allesbehalve geweldloos. Na een zoveelste ontsnapping uit de gevangenis overviel hij met drie kompanen een vleeshandelaar uit Tienen, in 1987 was dat. Het gezin met twee jonge kindjes werd maar liefst zes uur lang gegijzeld. De buit bedroeg 80.000 Belgische frank, omgerekend 2.000 euro. Toen ze na de gijzeling vertrokken, draaide Robert zich om naar zijn slachtoffers: “Sorry. Het was niet kwaad bedoeld.” Het leverde hem vanwege de speurders het predicaat ‘gangster-gentleman’ op. het is opvallend hoe veel ex-speurders die in de loop der jaren geïnterviewd zijn geen slecht woord kwijt willen over Vanoirbeek.

Zijn grootste slag sloeg hij bij een overval op de bank BBL in Gembloers. De toen voortvluchtige gangster belde aan met een bos bloemen. De gecharmeerde echtgenote van de kantoordirecteur deed op maar eenmaal binnen haalde Robert een pistool boven. Hij en zijn bende gijzelden 12 mensen en leegden 125 kluizen. De buit was ongeëvenaard. Goudstaven, juwelen, baar geld, aandelen, goed voor een bedrag van welgeteld 195.832.000 Belgische frank, zo’n 4,9 miljoen euro.

Remmen voor agenten

Tien maanden lang bleef hij op de vlucht voor de politie en dat kon vreemd genoeg op veel sympathie van de bevolking rekenen. Uiteindelijk kon hij opgepakt worden in een Italiaanse restaurant in Parijs. Hij werd daarop uitgeleverd aan ons land. De douanebeambte herinnert het zich nog. “Bonjour monsieur”, knikte de immer vriendelijke Robert.

Zes keer ontsnapte Petit Robert uit de gevangenis, en daarmee was hij de eerste ontsnappingskoning van ons land. Na een zoveelste achtervolging werd hij eens beschoten door de agenten. Hij ging in de remmen, stapte op de agenten toe en schudde het hoofd. “Schieten? Dat is niet volgende de afspraken hé. Ik doe dat nooit. Jamais”. Robert, 1,66 meter groot maar een vat vol lef, werd meteen ingerekend.

In een van zijn processen noemde een procureur Petit Robert “PDG en oprichter van een permanent holdup-bedrijf”. Zijn naam en faam waren toen al tot ver buiten de landsgrenzen bekend. Hij was de eerste gangster met een hoog filmstergehalte. Regisseur Michael Roskam noemde zijn hoofdpersonage in Le Fidèle, Gigi Vanoirbeek, een vette knipoog naar de gekende gangster. Gigi werd overigens gespeeld door Matthias Schoenaerts.

Bron » Het Nieuwsblad

Gewezen hoofdcommissaris Antoine Van Hove (73) blikt terug op dodelijke overval Bende Van Nijvel in Temse: “Te veel ‘toevalligheden’ in dat dossier”

Hij heeft 73 jaar op de teller, maar is toch nog maar drie jaar met pensioen. Hoofdcommissaris Antoine Van Hove was namelijk de eerste politieambtenaar in het land die gebruik maakte van de mogelijkheid om tot 70 jaar aan de slag te blijven. In zijn rijkgevulde carrière maakte hij onder andere de aanslagen mee van het Animal Liberation Front, maar vooral de brutale dodelijke overval van de Bende van Nijvel op een textielbedrijf in Temse zal hem altijd bijblijven. “Want er zijn te veel toevalligheden in dit dossier…”

We schrijven 10 september 1983 om 2.30 uur ’s nachts. Gangsters dringen de conciërgewoning binnen van textielbedrijf Wittock-Van Landeghem in Temse en openen meteen het vuur. Conciërge Jozef Broeders (26) is op slag dood, zijn vrouw Linda Van Huffelen (25) wordt voor dood achtergelaten. Ze overleeft het echter, maar zal blijvend invalide blijven. De kinderen van het koppel worden ongemoeid gelaten. De overvallers maken zeven prototypes van een nieuw soort kogelvrije vest buit. De Saab waarmee ze zich verplaatsen, duikt een week later op aan de Colruyt in Nijvel, waar de bende drie doden maakt.

Niet eens op de hoogte

Antoine Van Hove was die avond samen met een collega op patrouille. “We waren om 2 uur naar huis gegaan en een half uur later sloegen die gangsters toe. Dat tijdstip heb ik altijd bijzonder vreemd gevonden”, zegt Van Hove. “Ons uurrooster was trouwens kort daarvoor aangepast. Normaal draaiden we shifts van twaalf uur, vanaf 7 uur of vanaf 19 uur. Omdat er ’s nachts bitter weinig gebeurde, besloot onze toenmalige commissaris de nachtploeg af te schaffen. We moesten om 14 uur beginnen en hadden dan om 2 uur gedaan.”

“We konden ons toen meer toeleggen op wijkwerk. Daar viel natuurlijk wel iets voor te zeggen. Als er nadien toch iets gebeurde, moest de rijkswacht overnemen. Ons onthaal was wel 24/24 bemand om de telefoon op te nemen. Vreemd genoeg is er die nacht geen enkele melding binnengekomen. Onze man op het onthaal wist pas wat er gebeurd was toen de procureur om 4 uur plots aan de deur stond. De rijkswacht had ons niet eens op de hoogte gebracht, terwijl het commissariaat amper een paar straten verwijderd was van Wittock-Van Landeghem.”

Te veel toevalligheden

Zonder rechtstreeks beschuldigingen te uiten, maakte Van Hove de onderzoekers in het Bendedossier attent op al die toevalligheden. “Ze hebben hier nog maandenlang onderzoek verricht en getuigen verhoord, maar zonder veel resultaat. Ik ben er altijd van overtuigd gebleven dat de daders ons uurrooster moeten gekend hebben. Achteraf gezien was het misschien beter zo. We waren maar met twee op patrouille die avond. Het had slecht kunnen aflopen als we nog op de baan waren geweest toen die oproep binnenkwam en het tot een confrontatie was gekomen met die moordenaars.”

Van Hove was nog maar zes jaar bij de politie toen de Bende van Nijvel toesloeg. Het was een vrij late roeping. “Tot mijn 30 jaar was ik vooral bezig met voetbal”, legt hij uit. “Ik was eerste keeper bij Sportkring Sint-Niklaas. Dat was in de jaren ’60, toen het nog dé club van het Waasland was. Van 1973 tot 1975 speelde ik voor eersteklasser SK Beveren, waar ik reservedoelman was naast Jean-Marie Pfaff. Een prachtige periode waar ik nog altijd met plezier op terugblik.”

Middeleeuwen

De gemeentepolitie waar Van Hove in 1977 aan de slag ging, was in niks te vergelijken met het huidige politiekorps. “Ik zal niet zeggen dat het de Middeleeuwen waren, maar het scheelde soms niet veel”, lacht hij. “Op een typemachine moesten we van elk feit een veredeld opstel maken. Dat moest perfect zijn, want het werd nadien gebruikt op de rechtbank om iemand al dan niet te veroordelen. Veel criminaliteit was er toen niet. We hielden ons bezig met het tellen van honden omdat daar een taks op geheven werd. Stel je voor. Uit diezelfde periode dateren trouwens ook nog de taksplaten die op de zijkant van een fietswiel hingen.”

Antoine ging maar tot zijn zestiende naar school, maar die achterstand haalde hij later ruimschoots in. “Eerst mijn humaniora in avondschool, vervolgens de officierenschool in Gent en daarna naar de universiteit. Ik was 42 jaar toen ik in Gent afstudeerde met het diploma van licentiaat Criminologie.” Daardoor kwam hij in 1995 aan het hoofd van de politie Temse te staan en dat tot aan de politiehervorming in 2001.

Tip over brandstichting

Een jaar voor het samengaan van de gemeentepolitie en de rijkswacht werd Temse opgeschrikt door een andere aanslag, dit keer van het Animal Liberation Front. Op 6 september 2000 ging het vleesverwerkende bedrijf Damar in vlammen op. “Een datum die in mijn geheugen gegrift staat, want we hadden de avond voordien een telefoontje gekregen van een commissaris van de gerechtelijke politie in Antwerpen. Die vroeg een lijst op van alle vleesverwerkende bedrijven omdat ze een tip hadden gekregen dat er een brandstichting op til was. Rond 2 uur kreeg ik telefoon dat Damar in lichterlaaie stond. Ik geef toe dat ik opgelucht was dat niet mijn mensen, maar de rijkswacht daar moest observeren.”

Miljoenenclaim

Geert Waegemans bekende later dat hij aan de achterkant een gat in een afsluiting had gemaakt, terwijl de rijkswacht aan de voorkant op wacht stond. Hij kreeg vier jaar cel. “Nadien is er nog een miljoenenclaim gekomen omdat we kennis hadden van de aanslag. Die procedure heeft vijf jaar geduurd, maar men heeft ons geen verwijt kunnen maken. Het toont wel aan hoe groot de verantwoordelijkheid is die je in deze functie draagt.”

Dubbele moord

Een andere opmerkelijke zaak die hem altijd zal bijblijven, is de moord op twee Turken op kerstdag 1985. “Om 7.45 uur kwam iemand aan de balie melden dat er twee mannen lagen te slapen aan de Watermolen op de Wilfordkaai. Een eerste nazicht op die plaats leverde niets op. We vermoedden dat er een spraakverwarring was met de Bloemmolen. Daar troffen we achter de Scheldedijk inderdaad twee lijken aan. Ze lagen netjes naast elkaar en waren droog, waaruit bleek dat ze niet waren aangespoeld. De dubbele moord werd nooit opgelost. Vermoedelijk ging het om een afrekening onder Turkse ideologieën.”

Sport als uitlaatklep

In de veertig jaar zag Antoine Van Hove ook heel wat slachtoffers van ongevallen en branden. “Vooral een brand in een oude hoeve in de Moortelstraat heeft me nooit losgelaten. De ouders waren vrienden uit Canada gaan wegbrengen naar de luchthaven in Zaventem. Toen ze terugkwamen, stond de hoeve in lichterlaaie. Voor hun twee kleine kinderen kwam alle hulp te laat. Zulke momenten blijven aan je ribben kleven. Ik heb altijd in sport een ideale uitlaatklep gevonden. Toch blik ik vooral met tevredenheid terug op mijn lange loopbaan bij de politie. Anders was ik er ook niet tot aan mijn 70 jaar aan de slag gebleven”, lacht hij.

Bron » Het Laatste Nieuws

Staatsveiligheid moet ‘misdaden’ kunnen begaan op sociale media

Een terreuraanslag verheerlijken of een oproep liken om naar Syrië te vertrekken. Zulke zaken zijn voor infiltranten van de Staatsveiligheid nu verboden. Als het van minister van Justitie Vincent Van Quickenborne afhangt, moeten ze dat wel kunnen. ‘Zo win je het vertrouwen.’

Momenteel mogen infiltranten van de Staatsveiligheid online een vals profiel aanmaken om radicale moslims of extremisten in de gaten te houden. Maar van zodra de infiltranten een post zouden liken waarin IS wordt verheerlijkt, gaan ze over de schreef. En als ze iets zouden posten waarin ze zich positief uitlaten over Hitler, zijn ze strafbaar.

Dat maakt het voor de inlichtingendiensten bijzonder moeilijk om toe te treden tot de donkere krochten van het internet, waar extremisten met elkaar afspreken. Ook het feit dat die elkaar meer en meer treffen op geëncrypteerde apps als Telegram, bezorgt de inlichtingendiensten hoofdbrekens.

“Om toegang te krijgen tot deze geheime kamers moeten onze veiligheidsdiensten het vertrouwen kunnen winnen van hun doelwitten”, zegt Van Quickenborne. “Als een bekende potentiële terrorist online informeert naar de geloofsovertuiging van de infiltrant, moet die kunnen zeggen dat hij aan dezelfde kant staat.”

Beleidsnota

In zijn beleidsnota voor justitie, die Van Quickenborne deze week in de kamer heeft voorgesteld, schrijft hij dat de inlichtingendiensten online meer armslag moeten hebben. Infiltranten moeten online even extremistisch of haatdragend uit de hoek kunnen komen als de personen die ze willen volgen. Maar daarvoor is er een wijziging nodig van de wet van 1998, die het doen en laten van de inlichtingendiensten regelt. Het parlement zal daar dan later over stemmen.

“Als er profielen zijn die enkel meekijken, maar zelf niets posten, dan is het snel duidelijk dat er een infiltrant achter zit”, zegt Kenneth Lasoen (UAntwerpen), die het werk van inlichtingendiensten bestudeert. “Ik merk dat Belgische inlichtingendiensten op sociale media bij wijze van spreken met hun armen op de rug vastgebonden opereren.”

Al enkele jaren heeft de Staatsveiligheid volgens Lasoen een speciale socialemediacel, maar die kan door de wettelijke beperkingen dus niet zoveel doen. Andere landen, zoals Groot-Brittannië, Frankrijk of Nederland hebben een streepje voor, omdat hun wetgeving meer toelaat. Nochtans is het al langer duidelijk dat ook de Belgische veiligheidsdiensten zich online meer zouden moeten kunnen permitteren. Zij zijn daarom al jaren vragende partij voor een wetswijziging.

Door de recente aanslagen in Frankrijk en Wenen, zien inlichtingendiensten de trafiek op sociale media zowel bij radicale moslims als bij extreemrechts trouwens toenemen. Twee weken geleden pakte de politie ook twee minderjarigen op in de Oostkantons, die in een videoboodschap trouw hadden gezworen aan IS, en zinden op een mesaanval op agenten.

BIM-Commissie

Maar aan de andere kant kan het ook gevaarlijk zijn om inlichtingendiensten carte blanche te geven om allerlei opruiende berichten op sociale media te zetten. Van Quickenborne stelt daarom voor om alle acties die de Staatsveiligheid in dat opzicht doet, te laten controleren door de BIM-commissie.

Dat is een commissie van drie magistraten, voorgezeten door een onderzoeksrechter, die toelating moeten geven om bijzondere methodes aan te wenden. Dat kan variëren van telefoontaps om iemand af te luisteren, tot het hacken van computers, of het openen van brieven.

“Van zodra we iets doen dat een gewone sterveling niet mag en een beroep doen op de bijzondere inlichtingenmethoden, moet de BIM-commissie daar inderdaad haar goedkeuring voor geven”, zegt een woordvoerder van de Staatsveiligheid. “Onze dienst moet dan heel duidelijk kunnen aangeven tegen welke persoon ze een bepaalde techniek willen gebruiken, om welke reden ze dat wil doen en voor hoelang. De magistraten oordelen dan of die actie proportioneel is.”

Bron » De Morgen

Aanslag Bende van Nijvel is 35 jaar geleden: “Het is oorverdovend stil in dit dossier”

In dit coronajaar is er geen grote herdenking met alle nabestaanden van de aanslag van de Bende van Nijvel, zoals we die de laatste jaren kenden. Iedereen die dat wil legt op een zelf gekozen tijdstip bloemen neer op de herdenkingsplek voor de slachtoffers op de begraafplaats van Aalst. De burgemeester van Aalst en de korpschef van de politie deden dat maandagvoormiddag.

Op 9 november 1985 vielen in Aalst acht doden bij de aanslag van de Bende van Nijvel. Nooit werd ontdekt wie de moorden pleegde en het is ook nog altijd een mysterie waarom de moorden zijn gepleegd. “Ook 35 jaar na de feiten zijn we de 28 doden en veertig gewonden van de aanslagen van de Bende van Nijvel niet vergeten”, zegt burgemeester van Aalst Christoph D’Haese (N-VA).

“Het is oorverdovend stil rond het dossier. In deze periode van het jaar is er altijd een sprankel van hoop dat gegeven wordt aan slachtoffers. Dat is dit jaar niet zo, maar alle beloften die daarover de voorbije jaren zijn gemaakt, zijn loze beloften gebleken. Het is mijn plicht als burgemeester van Aalst en als volksvertegenwoordiger om de nieuwe minister van Justitie om blijvende inspanningen te vragen om toch de waarheid naar boven te brengen. Er is door de vorige minister van Justitie aangekondigd dat er een proces en doorbraak zou komen. Ik heb die nog altijd niet gezien. We moeten Justitie blijven een geweten schoppen.”

Bron » Het Laatste Nieuws

Bende van Nijvel-verdachte Eric Lammers aangehouden in Servië: ons land vraagt uitlevering in verkrachtingszaak

De Servische politie heeft enkele dagen geleden niemand minder dan Eric Lammers (60) aangehouden. Lammers is een hoofdverdachte in de zaak van de Bende van Nijvel, maar wordt nu door de Belgische justitie gezocht voor zedenfeiten met een minderjarig slachtoffer. Het Belgisch gerecht vraagt zijn uitlevering.

Zowel Eric Lammers (60) als zijn vader Maurice (85) is aangehouden in de zedenzaak. “Het gaat om misselijkmakende feiten met een minderjarig slachtoffer”, zegt een welingelichte bron. “Vader én zoon zijn betrokken. De feiten zouden enkele weken oud zijn.” Onze redactie vernam nog dat het slachtoffertje uit de kennissenkring van het duo zou komen. Maar dat wou het parket van Charleroi, dat het onderzoek voert, gisteren niet bevestigen.

Van Eric Lammers weten we dat hij zich op het moment van zijn arrestatie in Servië bevond en dat hij daar dus in de cel zit. Wellicht was hij op de vlucht. Waar de vader is aangehouden, is niet meteen duidelijk.

Politiestaat oprichten

Eric Lammers is gekend bij de Belgische justitie als nog steeds een van de hoofdverdachten in de onopgeloste zaak van de Bende van Nijvel, de overvallers die in het begin van de jaren tachtig 28 mensen doodden bij overvallen op, vooral, warenhuizen.

Lammers verklaarde daarover dat hij lid was van de extreemrechtse en clandestiene organisatie Westland New Post (WNP), die schijnbaar op vraag van de Bende verkenningen deed van warenhuizen die later overvallen moesten worden. Lammers, die bij WNP de bijnaam “Het Beest” had, was een van de vooraanstaande leden. In een interview zei hij dat hij deel uitmaakte van een groter geheel dat ernaar streefde om een politiestaat te vestigen. Ook anderen hebben dergelijke verklaringen afgelegd, en het spoor van WNP zijn de speurders tot vandaag blijven volgen in het onderzoek naar de Bende.

Dubbele moord

Lammers was overigens meer dan een verkenner van WNP. In 1991 werd hij tot levenslang veroordeeld voor de moord op Ludo en Patrick Moons, twee Antwerpse diamantairs, vader en zoon. Die moord pleegde hij samen met zijn kompaan Francis V. Bij die laatste waren er deze zomer nog huiszoekingen door de Bendespeurders.

In 1984 werd Lammers ook al veroordeeld, voor de diefstal van een Ensor. Opvallend nog: in 2012 werd hij vrijgesproken in een zedenzaak met minderjarige slachtoffers. Nu is hij dus opnieuw voor dergelijke feiten aangehouden.

Bron » Het Nieuwsblad | Dirk Coosemans

Europees Hof neemt strafonderzoek ‘belangrijkste instrument’ uit handen

De plicht voor Belgische providers om van iedereen telecomdata bij te houden, is onwettig. Een zware klap voor politie en gerecht.

‘Als we op een plaats aankomen waar een misdrijf is gepleegd, is het na het sporenonderzoek het eerste wat we doen: nagaan wie er onlangs in de buurt van de dichtstbijzijnde zendmast is geweest’, zegt Philippe Van Linthout, voorzitter van de Vereniging van Onderzoeksrechters. ‘Er zijn bijna geen zaken meer waarin we geen telecomgegevens gebruiken. Het is ons belangrijkste instrument.’ Maar het Europees Hof van Justitie, de hoogste rechter van de Europese Unie, legde gisteren een bom onder die onderzoeksmethode.

De wet verplicht de Belgische ­telecomaanbieders, zoals Telenet of Proximus, om de data van al hun gebruikers preventief een jaar lang bij te houden. Het gaat om gegevens zoals wie met wie in contact stond, wanneer dat gebeurde en waar de gebruikers zich bevonden, niet om de inhoud van de communicatie. Het Hof oordeelde gisteren dat die massale opslag, ook toegepast in andere Europese landen, in strijd is met het recht op ­privacy.

Alternatief voor tap

Niet met al die preventieve opslag heeft het Hof een probleem. Maar het kan niet ­zomaar – zonder onderscheid te maken – voor alle gebruikers, van wie de meesten nooit betrokken ­raken bij criminaliteit. Massale ­opslag is, onder strikte voorwaarden, toegestaan in tijden van ‘een ernstige bedreiging van de ­nationale veiligheid’ of in de strijd tegen zware criminaliteitsfenomenen zoals terrorisme. Voor dat laatste is goedkeuring van een onafhankelijke rechter of autoriteit vereist.

Ook het louter bijhouden van IP-adressen of de identiteit van communicerende personen, is toegestaan. ‘Uiteraard zullen we de rechtspraak van het Hof respecteren, maar ik zit met de handen in het haar’, zegt Van Linthout. ‘Hoe zal ik mijn dagelijkse onderzoeken nog kunnen uitvoeren?’

Volgens de uitspraak zal het bijvoorbeeld bij een moordonderzoek niet meer mogelijk zijn om via telecomdata na te gaan waar ­verdachten zich voor de misdaad ­bevonden. Bij een verdwijning kan de locatie van iemand vlak voor hij werd vermist, niet meer worden nagegaan. ‘Er is vaak ­kritiek dat justitie te traag werkt’, zegt Van Linthout. ‘Maar om dat te verbeteren moeten we wel de nodige ­instrumenten kunnen gebruiken.’ ­Onderzoeksrechters gebruiken de telecomgegevens vaak als een veel minder arbeidsintensief alternatief voor telefoontaps of het fysiek schaduwen van personen.

Al eerder problemen

Het Hof laat een opening voor de bewaring van data van gerichte groepen personen. Zo kan er ­gedacht worden aan ex-veroordeelden. ‘Maar dat helpt maar in een deel van de onderzoeken’, zegt Van Linthout. ‘Bovendien is de vraag hoe die doelgroepen omschreven zullen worden. Discriminatie loert daarbij om de hoek.’ Het is ook ­afwachten of bewijs vergaard via zulke telecomgegevens in lopende rechtszaken nog aanvaard zal worden door rechtbanken.

Het is niet de eerste keer dat wetgeving over zogenaamde ‘data­retentie’ op hogere normen botst. De huidige wet, in 2016 ingevoerd door ex-minister van Justitie Koen Geens (CD&V), was al een reparatie van een wet die eerder vernietigd werd. Ze maakte de toegang tot de gegevens strenger en afhankelijk van de zwaarte van het misdrijf, maar dat volstaat dus niet. De wet werd aangevochten door onder meer de Orde van Frans- en Duitstalige advocaten en de Liga voor Mensenrechten bij het Grondwettelijk Hof, dat op zijn beurt het ­Europees Hof vragen om verduidelijking over de regels stelde.

Het Grondwettelijk Hof zal nu meer dan waarschijnlijk de Belgische wet moeten vernietigen. De Liga voor Mensenrechten toont zich ‘erg blij’ met het arrest. ‘Het Hof maakt nogmaals duidelijk dat de bestrijding van criminaliteit niet wettigt dat iedere burger als verdachte wordt behandeld’, aldus de Liga. Het is aan de nieuwe ­minister van Justitie, ­Vincent Van Quickenborne (Open VLD), om een alternatief te onderzoeken. ‘Dataretentie is een belangrijk instrument om bijvoorbeeld verdwijningszaken op te lossen’, reageerde de minister. ‘We zullen nagaan hoe we onze regelgeving moeten aanpassen met respect voor de ­privacy, zoals het Hof vraagt. Die aanpassing mag de strijd tegen ­criminaliteit niet bemoeilijken.’

Bron » De Standaard

Europees Hof: veralgemeende opslag van telecomgegevens is onwettig

De overheid vraagt dat providers als Proximus of Telenet van al hun klanten bijhouden waar, wanneer en met wie ze contact hebben. Die vraag kadert in de strijd tegen criminaliteit. Maar die preventieve massa-opslag is een inbreuk op de privacy, vindt het Europees Hof van Justitie.

Of het nu gaat om drugshandel, terrorisme of zedenzaken: in tal van criminele onderzoeken maken speurders gebruik van telecomgegevens. Een wet uit 2016 verplicht de Belgische providers om preventief verkeers- en locatiegegevens van alle gebruikers een jaar lang bij te houden.

Het gaat om gegevens zoals wie met wie in contact stond, wanneer dat gebeurde en waar de gebruikers zich bevonden, niet om de inhoud zelf van de communicatie. Het gerecht doet vaak een beroep op die zogeheten metadata.

Vandaag oordeelde het Europees Hof van Justitie, de hoogste rechter van de Europese Unie, dat de Belgische wet – net als die van enkele andere Europese landen – onwettig is. Een algemene verplichting om telecomdata door te sturen of te bewaren, zonder onderscheid te maken, is in strijd met het recht op privacy, stelt het Hof.

Uitzonderlijk mag het wel

Het Hof heeft er in principe geen probleem mee dat er gegevens worden bijgehouden. Maar het feit dat dit van alle gebruikers gebeurt, kan niet door de beugel. Het Hof ziet onvoldoende de link tussen het gedrag van de personen van wie data wordt bijgehouden, en het doel van de wetgeving: het bestrijden van criminaliteit.

De rechters laten wel plaats voor enkele uitzonderingen. Zo is de massa-opslag toegestaan in tijden van ‘een ernstige bedreiging van de nationale veiligheid’, zolang die dreiging werkelijk aanwezig is.

In de strijd tegen ‘ernstige criminaliteit en het voorkomen van bedreigingen van openbare veiligheid’ mag er ook data opgeslagen worden, maar dan wel na tussenkomst van een onafhankelijke rechter of administratieve overheid. Het louter bijhouden van IP-adressen of de identiteit van de communicerende personen, zodat de bron van communicatie achterhaald kan worden, is wel toegestaan.

Niet de eerste juridische problemen

Het is niet de eerste keer dat een rechtbank vindt dat er iets schort aan die massa-opslag. In 2013 vernietigde het Europees Hof al eens de Europese richtlijn over die gegevensopslag, waarna het Belgisch Grondwettelijk Hof in 2015 de Belgische invulling ervan ook vernietigde.

De vorige minister van Justitie, Koen Geens (CD&V), kwam met de oplossing om de toegang tot de gegevens strikter te maken via een getrapt systeem. Hoe ver speurders in de tijd terug kunnen gaan en welke gegevens ze daarbij kunnen opvragen, hangt af van de ernst van het misdrijf – met het maximum van een jaar.

Maar eind 2016 besloot het Europees Hof van Justitie dat elke vorm van algemene opslag in strijd is met het recht op privacy, ongeacht hoeveel controle er is op de toegang tot de gegevens. Dat zette de Belgische oplossing op losse schroeven. De Orde van Frans- en Duitstalige advocaten en enkele mensenrechtenorganisaties en een lokale afdeling van Vlaams Belang stapten naar het Grondwettelijk Hof, dat op zijn beurt aan het Europese Hof een vraag om verduidelijking over de regels stelde.

Uit dat antwoord blijkt nu dat een algemene opslag simpelweg niet mag, waardoor het Grondwettelijk Hof de Belgische wet meer dan waarschijnlijk zal vernietigen. De vraag is wat de impact zal zijn op toekomstige strafonderzoeken. ‘Ik vrees dat we een probleem hebben’, tweette onderzoeksrechter Philippe Van Linthout alvast vanochtend.

Bron » De Standaard

Het doel is alle straffen uit te voeren

Een investering van zo’n miljard euro moet politie en justitie eindelijk de 21ste eeuw binnenloodsen. De uittredende minister van Justitie, Koen Geens (CD&V), eiste in 2019 een injectie van 750 miljoen euro als voorwaarde voor een tweede termijn. Het lot wil dat de injectie er komt – alvast op papier – maar dat Geens vertrekt.

Zijn opvolger krijgt volgens het regeerakkoord een ‘begrotings­injectie’ om het departement mee te herfinancieren. Volgens onze informatie is ruim een half miljard euro voorzien om Justitie zelf te moderniseren en nog eens een kwart miljard om de gerechts­gebouwen en gevangenissen aan te pakken. Daarnaast krijgen ook de federale politie en de veiligheidsdiensten een structurele ­injectie van ruim 200 miljoen euro. Ook de nieuwe minister van ­Binnenlandse Zaken kan de beurs dus opentrekken.

Niet ‘soft’ overkomen

Die meeruitgaven moeten het beeld helpen bijstellen dat een regering met groenen ‘soft’ zou zijn, iets wat met name de liberalen en CD&V willen counteren. Zo valt op dat de strafprocedures verkort worden en de regering zich sterk maakt dat alle straffen worden uitgevoerd ­– een klassiek stokpaardje op rechts.

Recidivisten worden harder aangepakt maar ook begeleid ‘naar een andere levenswandel’. De forensische psychiatrische centra en gevangenissen krijgen extra capaciteit. Maar ook de zogenaamde afkoopwet – verruimde minnelijke schikking – wordt geëvalueerd en mogelijk hervormd. Dat is een stokpaardje van links dat er een vorm van klassenjustitie in ziet.

Het zijn enkele van de kracht­lijnen waarlangs het strafrecht, het strafprocesrecht en het strafuitvoeringsrecht zullen worden gemoderniseerd volgens het regeerakkoord. Het doel is dus wel om de hervormingstrein van minister Geens voort te zetten. Verschillende onafgewerkte werven worden verder aangepakt. Zo wordt de analyse over de werklast van magistraten voortgezet. De volledige digitalisering van vonnissen en arresten, die recentelijk opnieuw vertraging opliep, wordt nogmaals in het vooruitzicht gesteld. En de toegankelijkheid van Justitie wordt verder aangepakt, onder meer via een hervorming van de juridische bijstand.

Straf in land van herkomst

Dat de aanpak veeleer ‘flinks’ wordt, blijkt ook uit de intentie om de inspanningen verder te zetten om gedetineerden die de Belgische nationaliteit niet hebben en veroordeeld zijn tot een straf van meer dan 5 jaar, hun straf te laten uitzitten in het land van herkomst. Al zijn daar natuurlijk de nodige bilaterale akkoorden voor nodig, en dat is altijd een pijnpunt.

Een gevangenisstraf wordt ook steeds doorgeseind aan de Dienst Vreemdelingenzaken, zodat die ‘het administratief statuut van de veroordeelde kan (her)bekijken’.

Modernisering politie

Ook de modernisering van de politie wordt een speerpunt. Zo komt er een kruispuntbank Veiligheid voor informatiedeling tussen Justitie en alle veiligheidsdiensten. De al veelbesproken rekrutering voor de politie wordt verder hervormd.

Als reactie op de recente discussies over politiegeweld en het geweld op politie komt er voor beide gevallen een nultolerantiebeleid. Als reactie op de onlusten deze zomer aan de kust, wordt de mogelijkheid om een lokaal plaatsverbod uit te spreken, uitgebreid. Ook een symbolische maar gevoelige maatregel: de militaire aanwezigheid op straat wordt ‘onmiddellijk progressief ­afgebouwd’.

Tot slot pikt Vivaldi de belofte op van een opgedreven bestuurlijke handhaving door lokale besturen, waarbij ze criminaliteit tot zekere hoogte zelf kunnen aanpakken, los van Justitie. De federale politie zal gespecialiseerde drugsonderzoeksteams uitbouwen.


Per jaar 1.600 agenten aanwerven

De doorlooptijd tussen kandidatuur en aanwerving moet korter. Lokale zones zullen bovendien zelf kunnen rekruteren. De partijen mikken ook op een gespecialiseerde instroom (vooral voor de gerechtelijke politie). Alles ­samen wil men minstens 1.600 agenten per jaar aanwerven, 200 meer dan wat vandaag het doel is.

Europees stemrecht op 16 jaar

Bij de Europese verkiezingen krijgen jongeren vanaf zestien jaar stemrecht. Het is de opvallendste maatregel om het geloof in de politiek op te krikken. Verder wordt gezocht naar methodes om de regeringsvorming niet opnieuw 500 dagen te laten aanslepen. De regering wil experimenteren met nieuwe vormen van burgerparticipatie zoals ­burgerkabinetten of gemengde panels in de schoot van de Kamer. Via een burgerinitiatief moet het mogelijk zijn om wetsvoorstellen te laten behandelen.

Femicide in strafwetboek

Er komt een speciaal ­statuut voor de moord op vrouwen. Behalve femi­cide wordt ook bekeken om ecocide – het doel­bewust vernietigen van ecologische systemen –een plaats te geven in het strafwetboek. Denk aan olielekken, illegale ontbossing, enzovoort. Daarover wordt advies gevraagd aan experten. Er zal ook diplomatiek geijverd worden om ecocide te beteugelen.

Bron » De Standaard | Jan-Frederik Abbeloos

Journalisten blijven zich vragen stellen bij onderzoek naar Bende van Nijvel

Deze week was het 35 jaar geleden dat de Bende van Nijvel bij een overval op de Delhaize van Overijse vijf doden maakte. Bijna evenveel jaar volgen journalisten Dirk Barrez, Douglas Deconinck en Lennart Segers het dossier op. Ze blijven met veel vragen zitten over het onderzoek.

25 jaar geleden al maakte journalist Dirk Barrez een dubbele Panorama-uitzending over het onderzoek naar de bende. De druk bekeken uitzending legde duidelijk bloot dat het onderzoek slecht gevoerd werd.

Zoveel jaar later is er in zijn ogen weinig veranderd: “Toen was het wel heel duidelijk uit heel wat interviews in het programma: dit onderzoek is nooit goed gevoerd en eigenlijk de verkeerde baan op geleid. Een aantal onderzoekssporen is niet onderzocht. Eigenlijk kan je die Panorama gewoon opnieuw uitzenden. Veel zal je er niet moeten aan wijzigen. Alleen moet je nog sterker concluderen: dit onderzoek is nooit ernstig gevoerd, ook niet na die Panorama.”

Christiaan Bonkoffsky

Douglas De Coninck van De Morgen denkt dat het spoor rond Christiaan Bonkoffsky door het parket is verlaten. Christiaan Bonkoffsky uit Aalst zou op zijn sterfbed bekend hebben aan zijn broer dat hij betrokken was bij de bende: “Telkens als hij en zijn broer naar tv keken en het ging bijvoorbeeld over opgravingen naar de Bende van Nijvel zei hij steeds dat ze niets zouden vinden. Opmerkelijk. Ook het feit dat hij herkend is bij één van de aanslagen in 1985 en dat er iets opmerkelijks is aan zijn personeelsfiche ten tijde van de aanslagen van Overijse en Eigenbrakel zijn belangrijke aanwijzingen.”

Kennen speurders alle verhalen uit Overijse?

Journalist Lennart Segers was op het moment van de overval in Overijse amper 12 jaar oud. Hij woonde op enkele honderden meters van de Delhaize. De 14-jarige jongen die op de parking werd doodgeschoten was een kennis van hem. De bende is hem dan ook blijven fascineren.

En hij vraagt zich af of alle verhalen over de aanslag in Overijse wel bekend zijn bij de speurders: “In Overijse wordt niet luidop gepraat over de Bende, onder vier ogen wel en zo ben ik nog iets te weten gekomen. Er circuleren rond de Bende van Nijvel veel namen: Bouhouche, Beijer, Van Esbroeck, Vandenboeynants, Vandeuren, Latinus, Bultot, Bougerol … namen die in de jaren 80 veel in de media verschenen.”

Eén van die figuren is door een vrouw herkend in Overijse, niet op de avond zelf maar wel voordien en nadien. Die vrouw woonde in het centrum van Overijse, in een winkeltje in de buurt herkende ze één van die bekende namen. Hij was heel opvallend gekleed en hij reed met een erg opvallende auto. Die vrouw zag enkele dagen na de aanslag diezelfde auto op de parking van de Delhaize staan. Wat kwam die man daar doen? Sporen uitwissen?

Toen ze hem weer zag, durfde ze hem aanspreken en zei ze vrolijk “ik heb uw auto gezien aan de Delhaize.” Tot nu toe had hij altijd vriendelijk geknikt als hij haar zag, maar toen antwoordde hij meteen wel tien keer na elkaar “Ce n’ était pas moi”. Ik zeg niet dat die man het gedaan heeft, maar hij is ook gezien in een café in Aalst voor de aanslag daar. Met een alibi heeft hij dat ontkend. Maar ik vraag me gewoon af of alle verhalen uit Overijse wel bekend zijn bij de speurders.”

Bron » VRT Nieuws | Bart De Coster