Het federale parket heeft in het onderzoek naar de Bende van Nijvel, 28 doden tussen 1982 en 1985, een verzoek tot gerechtelijke samenwerking naar Frankrijk gestuurd, zo raakte dinsdag bekend. Het gaat zo door op het spoor naar de overleden Franse gangsterbroers Xavier en Thierry Sliman. We vroegen gerechtsjournalist Douglas De Coninck om tekst en uitleg.
Humo: Vorig jaar meldde het federale parket de stopzetting van het onderzoek. Kan dit spoor alsnog de doorbraak zijn?
Douglas De Coninck: “Daar zou ik vooral geen geld op inzetten. Dit hele verhaal gaat terug op politieman Jean-Pierre Adam, die eind jaren 90 een verband zag tussen de bende rond Marc Dutroux en twee Franse gangsters, Thierry Sliman en Patrick Verdin. Die zouden na de arrestatie van Dutroux en co. een getuige uit de weg hebben geruimd. Die Thierry had een broer, Xavier Sliman. Ook een gangster. De broers zijn intussen al jaren overleden.”
“Adam werd eind jaren 90 uit het Dutroux-onderzoek gezet en raakte na zijn pensionering geobsedeerd door het Franse duo. En al helemaal toen hij op een dag in de kelder van het justitiepaleis van Charleville-Mézières een gestencilde kopie ontdekte van een opsporingsbericht na één van de eerste Bende-overvallen, die op wapenhandelaar Dekaise in Waver in de zomer van 1982. Daar zaten twee robotfotootjes bij, in postzegelformaat. Adam meende daarin één van de Sliman-broers te herkennen. Zoals de afgelopen jaar honderden en misschien wel duizenden mensen op een van die robotfoto’s zijn ‘herkend’. Meestal volstaat een snor of een bril om mensen tot heel extreme overtuigingen te brengen, en dat is in deze niet anders.”
Humo: Wat voor mensen zijn die Franse gangsters?
De Coninck: “Het zijn pooiers die vanwege een strengere Franse prostitutiewetgeving ooit naar de regio rond Charleroi zijn uitgewezen. Patrick Verdin, een Belg die België blijkbaar niet meer binnen kan, ondersteunt de these van Adam volledig. Omdat hij en de Slimans blijkbaar ooit in ruzie uit elkaar zijn gedaan. Ik heb enkele maanden geleden heel lang gepraat met Verdin. Ik vroeg: ‘Heeft één van de Slimans dan ooit tegen jou iets gezegd over hun betrokkenheid bij de Bende van Nijvel?’ Die gasten hebben járen samen opgetrokken, samen delicten gepleegd, samen in de gevangenis gezeten. Antwoord van Verdin: ‘Nee, dat niet, maar ik kon het afleiden uit de lichaamstaal van Xavier.’ Hoe meer je doorvroeg, hoe vager het werd. Eén van de grote argumenten van zowel Adam als Verdin is dat Thierry Sliman van eind 1983 tot midden 1985 in de gevangenis heeft gezeten. Dat verklaart volgens hen de ‘breuk’ tussen de eerste golf aanslagen van de Bende van Nijvel en de tweede.”
“Ik heb Adam ooit gevraagd: ‘Heb jij, aangezien jullie op dezelfde golflengte zitten, ooit met Patrick Verdin gepraat?’ Nee, dat had hij niet.”
Humo: Waarom neemt het federale parket dit dan zo ernstig?
De Coninck: “Ik betwijfel of ze het ernstig nemen. Jean-Pierre Adam heeft enkele nabestaanden van Bende-slachtoffers helemaal gek gemaakt met zijn hypothese, en die hebben dan de Franse advocaat Patrick Ramaël ingehuurd. Die is vorig jaar naar België gekomen om ‘het Bendedossier door te nemen’. Ze hadden een hotel voor hem geboekt voor een week, maar na een uur was hij al klaar met datgene waarvoor hij was gekomen. Het deel onderzoek naar de Sliman-broers bleek niet meer dan twee of drie pagina’s te tellen. Het federale parket heeft met het materiaal van Adam jarenlang niks gedaan. Terecht ook. Dit spoor links laten liggen is het zinnigste wat het federale parket ooit heeft gedaan.”
Humo: Waarom dan een verzoek tot gerechtelijke samenwerking met Frankrijk?
De Coninck: “Omdat, denk ik, het federale parket te allen prijze wil vermijden dat nabestaanden het verwijten dat het niet al het mogelijke heeft gedaan. Het was natuurlijk ook een beetje gênant, dat gedoe met dat hotel en die advocaat.”
Humo: Wat maakt jou zo zeker dat dit een waardeloos spoor is?
De Coninck: “De overval op wapenhandelaar Dekaise is nu net dat ene deel van het verhaal waar we toch met enkele kleine zekerheden zitten. Lees er het verzameld werk op na van dé Bende-expert die we in dit land hebben, HUMO-journaliste Hilde Geens, of haar boek ‘Beetgenomen’. Je zult zien dat voor die overval alles in de richting van de Brusselse gangster Bruno Vandeuren en enkele andere topcriminelen uit die tijd wijst. Hilde reconstrueert aan de hand van dossierstukken hoe die wapens de avond na de overval naar een garagebox in een zijstraat van de Brusselse Louizalaan zijn overgebracht, heel toevallig in een parking waar ook de toenmalige rijkswachters/topcriminelen Madani Bouhouche en Robert Beijer garageboxen huurden voor de opslag van wapens en wagens.”
“Bernard Sartillot, eén van de twee rijkswachters die destijds vanuit Waver met een R4’tje de achtervolging op de daders inzette – en is beschoten door de overvallers van Dekaise toen hij oog in oog met hen stond – is altijd blijven zeggen dat hij in één van hen de later vermoorde FN-ingenieur Juan Mendez heeft herkend. Zijn kompaan meende dan weer Bouhouche te hebben herkend. Wat je er ook van mag vinden: dat zijn iets directer getuigenissen dan één op basis van een door de stencilmachine gedraaide robotfoto.”
Humo: Wat is een stencilmachine?
De Coninck: “Dat is de voorloper van de fotokopieermachine. Om je een idee te geven van de beeldkwaliteit: neem honderd keer een fotokopie van een fotokopie, telkens opnieuw, en dan krijg je ongeveer het effect van een stencil.”
“Ik zeg niet dat omtrent de overval op Dekaise alles glashelder is, maar het milieu waarin die zich afspeelde, met daders die specifiek op zoek waren naar voor die tijd erg zeldzame Ingram-machinegeweren type M10, was heel bijzonder. Die Ingrams waren nog maar net bij wapenhandelaar Daniel Dekaise geleverd – hij zou er bijbehorende geluidsdempers voor maken – en slechts een beperkt aantal mensen kon daarvan op de hoogte zijn geweest. Ik zie een paar marginale Franse pooiers niet in dat plaatje passen.”
Humo: Heeft het nut om nog te blijven zoeken en wordt de zaak van de Bende van Nijvel ooit nog opgehelderd?
De Coninck: “Dat vind ik wel, maar laat het vooral niet mee aangestuurd worden door mensen als Adam. Hij is in 2018 met zijn theorie over de Sliman-broers boven water gekomen nadat het hele Bende-onderzoek was gereactiveerd. Dat kwam door de sterfbedbekentenis van de Aalsterse oud-rijkswachter Christiaan Bonkoffsky. Alles wat er de voorbije zeven jaar rond het Bende-onderzoek is gebeurd, ook de aanstelling van het federale parket, is een gevolg van de biecht van Bonkoffsky, waar intussen niemand nog over praat.”
“Ik was één van de eerste journalisten aan wie Adam met zijn verhaal kwam. Zijn belangrijkste motivatie, zei hij, was dat hij de gedachte niet kon verdragen. Dat een rijkswachter zelfs maar íéts te maken zou kunnen hebben met de Bende van Nijvel, ging in tegen al zijn overtuigingen. Terwijl er toch wel héél veel in die richting wijst, te beginnen bij Bouhouche en Beijer.”
“Wij zijn ook niet het enige land met een publiek trauma als dit, en verdenkingen in de richting van onze eigen toenmalige politiediensten. In Luxemburg hadden ze, perfect synchroon en in dezelfde periode als onze Bende van Nijvel, de Bommeleeër. Dat waren aanslagen waarvan niemand de bedoeling snapte en die kant noch wal raakten, maar wel leidden tot collectieve angst en een verhoging van de budgetten van de nationale politie. Net als bij ons na de Bende van Nijvel.”
“In Luxemburg wordt midden november het proces tegen de vermeende leden van de Bommeleeër-bende voortgezet. Met enkele oud-kopstukken van de Luxemburgse rijkswacht in de beklaagdenbank. Ik zie zoiets in België niet snel gebeuren.”
Bron » Humo | Douglas De Coninck