Speurders in dossier Bende van Nijvel vragen hulp aan Frankrijk in onderzoek naar overleden gangsterbroers

In het dossier naar de Bende van Nijvel heeft ons land een samenwerking gevraagd met Frankrijk om het spoor van de overleden gangsterbroers Xavier en Thierry Sliman te onderzoeken.

In juni 2024 had het federaal parket op een informatievergadering voor de slachtoffers aangekondigd dat de onderzoeksrechter na zowat veertig jaar het onderzoek had afgesloten, omdat er geen nuttige onderzoeksdaden meer konden gesteld worden. De burgerlijke partijen hadden wel nog de mogelijkheid om aan de raadkamer bijkomend onderzoek te vragen.

Verschillende burgerlijke partijen deden dat en in januari besliste de kamer van inbeschuldigingstelling in Bergen dat onderzoek moest gedaan worden naar de getuigenis van twee jongens uit Opwijk die op 9 november 1985, enkele uren voor de fatale overval in Aalst, een donkerkleurige Golf en een lichtkleurige Mercedes zagen voorbijrijden en de nummerplaten hadden genoteerd. Bij de overval in Aalst zouden dergelijke wagens gebruikt zijn. Dat onderzoek leverde echter geen resultaat op.

Spoor naar Franse gangsterbroers

Eind april beval de KI ook dat een ander spoor nader moet worden onderzocht, dat van de broers Xavier en Thierry Sliman. Die bijzonder gewelddadige gangsters pleegden samen met hun bende verschillende overvallen in Noord-Frankrijk in dezelfde periode als die waarin de Bende van Nijvel actief was.

“Wij zijn volop bezig met de uitvoering van de gevraagde onderzoeksdaden”, klinkt het bij het federaal parket. “Hiervoor werd een verzoek tot gerechtelijke samenwerking naar Frankrijk gestuurd.”

Bron » VRT Nieuws

Het nieuwe Bende-spoor: ‘Dit links laten liggen is het zinnigste wat het federale parket ooit heeft gedaan’

Het federale parket heeft in het onderzoek naar de Bende van Nijvel, 28 doden tussen 1982 en 1985, een verzoek tot gerechtelijke samenwerking naar Frankrijk gestuurd, zo raakte dinsdag bekend. Het gaat zo door op het spoor naar de overleden Franse gangsterbroers Xavier en Thierry Sliman. We vroegen gerechtsjournalist Douglas De Coninck om tekst en uitleg.

Humo: Vorig jaar meldde het federale parket de stopzetting van het onderzoek. Kan dit spoor alsnog de doorbraak zijn?

Douglas De Coninck: “Daar zou ik vooral geen geld op inzetten. Dit hele verhaal gaat terug op politieman Jean-Pierre Adam, die eind jaren 90 een verband zag tussen de bende rond Marc Dutroux en twee Franse gangsters, Thierry Sliman en Patrick Verdin. Die zouden na de arrestatie van Dutroux en co. een getuige uit de weg hebben geruimd. Die Thierry had een broer, Xavier Sliman. Ook een gangster. De broers zijn intussen al jaren overleden.”

“Adam werd eind jaren 90 uit het Dutroux-onderzoek gezet en raakte na zijn pensionering geobsedeerd door het Franse duo. En al helemaal toen hij op een dag in de kelder van het justitiepaleis van Charleville-Mézières een gestencilde kopie ontdekte van een opsporingsbericht na één van de eerste Bende-overvallen, die op wapenhandelaar Dekaise in Waver in de zomer van 1982. Daar zaten twee robotfotootjes bij, in postzegelformaat. Adam meende daarin één van de Sliman-broers te herkennen. Zoals de afgelopen jaar honderden en misschien wel duizenden mensen op een van die robotfoto’s zijn ‘herkend’. Meestal volstaat een snor of een bril om mensen tot heel extreme overtuigingen te brengen, en dat is in deze niet anders.”

Humo: Wat voor mensen zijn die Franse gangsters?

De Coninck: “Het zijn pooiers die vanwege een strengere Franse prostitutiewetgeving ooit naar de regio rond Charleroi zijn uitgewezen. Patrick Verdin, een Belg die België blijkbaar niet meer binnen kan, ondersteunt de these van Adam volledig. Omdat hij en de Slimans blijkbaar ooit in ruzie uit elkaar zijn gedaan. Ik heb enkele maanden geleden heel lang gepraat met Verdin. Ik vroeg: ‘Heeft één van de Slimans dan ooit tegen jou iets gezegd over hun betrokkenheid bij de Bende van Nijvel?’ Die gasten hebben járen samen opgetrokken, samen delicten gepleegd, samen in de gevangenis gezeten. Antwoord van Verdin: ‘Nee, dat niet, maar ik kon het afleiden uit de lichaamstaal van Xavier.’ Hoe meer je doorvroeg, hoe vager het werd. Eén van de grote argumenten van zowel Adam als Verdin is dat Thierry Sliman van eind 1983 tot midden 1985 in de gevangenis heeft gezeten. Dat verklaart volgens hen de ‘breuk’ tussen de eerste golf aanslagen van de Bende van Nijvel en de tweede.”

“Ik heb Adam ooit gevraagd: ‘Heb jij, aangezien jullie op dezelfde golflengte zitten, ooit met Patrick Verdin gepraat?’ Nee, dat had hij niet.”

Humo: Waarom neemt het federale parket dit dan zo ernstig?

De Coninck: “Ik betwijfel of ze het ernstig nemen. Jean-Pierre Adam heeft enkele nabestaanden van Bende-slachtoffers helemaal gek gemaakt met zijn hypothese, en die hebben dan de Franse advocaat Patrick Ramaël ingehuurd. Die is vorig jaar naar België gekomen om ‘het Bendedossier door te nemen’. Ze hadden een hotel voor hem geboekt voor een week, maar na een uur was hij al klaar met datgene waarvoor hij was gekomen. Het deel onderzoek naar de Sliman-broers bleek niet meer dan twee of drie pagina’s te tellen. Het federale parket heeft met het materiaal van Adam jarenlang niks gedaan. Terecht ook. Dit spoor links laten liggen is het zinnigste wat het federale parket ooit heeft gedaan.”

Humo: Waarom dan een verzoek tot gerechtelijke samenwerking met Frankrijk?

De Coninck: “Omdat, denk ik, het federale parket te allen prijze wil vermijden dat nabestaanden het verwijten dat het niet al het mogelijke heeft gedaan. Het was natuurlijk ook een beetje gênant, dat gedoe met dat hotel en die advocaat.”

Humo: Wat maakt jou zo zeker dat dit een waardeloos spoor is?

De Coninck: “De overval op wapenhandelaar Dekaise is nu net dat ene deel van het verhaal waar we toch met enkele kleine zekerheden zitten. Lees er het verzameld werk op na van dé Bende-expert die we in dit land hebben, HUMO-journaliste Hilde Geens, of haar boek ‘Beetgenomen’. Je zult zien dat voor die overval alles in de richting van de Brusselse gangster Bruno Vandeuren en enkele andere topcriminelen uit die tijd wijst. Hilde reconstrueert aan de hand van dossierstukken hoe die wapens de avond na de overval naar een garagebox in een zijstraat van de Brusselse Louizalaan zijn overgebracht, heel toevallig in een parking waar ook de toenmalige rijkswachters/topcriminelen Madani Bouhouche en Robert Beijer garageboxen huurden voor de opslag van wapens en wagens.”

“Bernard Sartillot, eén van de twee rijkswachters die destijds vanuit Waver met een R4’tje de achtervolging op de daders inzette – en is beschoten door de overvallers van Dekaise toen hij oog in oog met hen stond – is altijd blijven zeggen dat hij in één van hen de later vermoorde FN-ingenieur Juan Mendez heeft herkend. Zijn kompaan meende dan weer Bouhouche te hebben herkend. Wat je er ook van mag vinden: dat zijn iets directer getuigenissen dan één op basis van een door de stencilmachine gedraaide robotfoto.”

Humo: Wat is een stencilmachine?

De Coninck: “Dat is de voorloper van de fotokopieermachine. Om je een idee te geven van de beeldkwaliteit: neem honderd keer een fotokopie van een fotokopie, telkens opnieuw, en dan krijg je ongeveer het effect van een stencil.”

“Ik zeg niet dat omtrent de overval op Dekaise alles glashelder is, maar het milieu waarin die zich afspeelde, met daders die specifiek op zoek waren naar voor die tijd erg zeldzame Ingram-machine­geweren type M10, was heel bijzonder. Die Ingrams waren nog maar net bij wapenhandelaar Daniel Dekaise geleverd – hij zou er bijbehorende geluidsdempers voor maken – en slechts een beperkt aantal mensen kon daarvan op de hoogte zijn geweest. Ik zie een paar marginale Franse pooiers niet in dat plaatje passen.”

Humo: Heeft het nut om nog te blijven zoeken en wordt de zaak van de Bende van Nijvel ooit nog opgehelderd?

De Coninck: “Dat vind ik wel, maar laat het vooral niet mee aangestuurd worden door mensen als Adam. Hij is in 2018 met zijn theorie over de Sliman-broers boven water gekomen nadat het hele Bende-onderzoek was gereactiveerd. Dat kwam door de sterfbedbekentenis van de Aalsterse oud-rijkswachter Christiaan Bonkoffsky. Alles wat er de voorbije zeven jaar rond het Bende-onderzoek is gebeurd, ook de aanstelling van het federale parket, is een gevolg van de biecht van Bonkoffsky, waar intussen niemand nog over praat.”

“Ik was één van de eerste journalisten aan wie Adam met zijn verhaal kwam. Zijn belangrijkste motivatie, zei hij, was dat hij de gedachte niet kon verdragen. Dat een rijkswachter zelfs maar íéts te maken zou kunnen hebben met de Bende van Nijvel, ging in tegen al zijn overtuigingen. Terwijl er toch wel héél veel in die richting wijst, te beginnen bij Bouhouche en Beijer.”

“Wij zijn ook niet het enige land met een publiek trauma als dit, en verdenkingen in de richting van onze eigen toenmalige politiediensten. In Luxemburg hadden ze, perfect synchroon en in dezelfde periode als onze Bende van Nijvel, de Bommeleeër. Dat waren aanslagen waarvan niemand de bedoeling snapte en die kant noch wal raakten, maar wel leidden tot collectieve angst en een verhoging van de budgetten van de nationale politie. Net als bij ons na de Bende van Nijvel.”

“In Luxemburg wordt midden november het proces tegen de vermeende leden van de Bommeleeër-bende voortgezet. Met enkele oud-kopstukken van de Luxemburgse rijkswacht in de beklaagdenbank. Ik zie zoiets in België niet snel gebeuren.”

Bron » Humo | Douglas De Coninck

Franse advocaat pleit voor gezamenlijke Belgisch-Franse onderzoeksploeg naar Bende van Nijvel

De Franse advocaat Patrick Ramaël heeft voorgesteld om een gezamenlijke Belgisch-Franse onderzoeksploeg op te richten om de misdrijven van de Bende van Nijvel verder te onderzoeken. In een persbericht van vrijdag benadrukte Ramaël dat een samenwerking tussen de parketten van beide landen cruciaal kan zijn om het dossier nog voor het einde van juni af te ronden.

De kamer van inbeschuldigingstelling (KI) van Henegouwen oordeelde op 24 april dat er nieuwe onderzoekshandelingen moesten plaatsvinden in het dossier rond de Bende van Nijvel. Speurders kregen de opdracht om na te gaan of de inmiddels overleden gebroeders Thierry en Xavier Sliman, twee Franse criminelen, betrokken waren bij de gewelddadige overvallen in België tussen 1982 en 1985.

In het kader hiervan pleit Ramaël voor de oprichting van een gezamenlijke onderzoeksploeg tussen Frankrijk en België. Hij maakte zijn verzoek reeds over aan de Belgische minister van Justitie, Annelies Verlinden (CD&V), maar wacht tot op heden nog op een reactie.

Samenwerking noodzakelijk

Ramaël benadrukt het belang van een gezamenlijke aanpak gezien de complexiteit en ernst van de feiten. “Alle dossierstukken bevinden zich in België, maar de vermoedelijke daders bevinden zich in Frankrijk”, schrijft hij in zijn persbericht. Volgens de advocaat kan alleen een gezamenlijke ploeg helpen om eindelijk duidelijkheid te scheppen in het jarenlang onopgeloste dossier.

Onderzoek

De Bende van Nijvel zaaide tussen 1982 en 1985 terreur in België met een reeks gewelddadige overvallen op supermarkten en andere locaties. Hierbij kwamen 28 mensen om het leven, terwijl tientallen anderen gewond raakten. Ondanks jarenlange inspanningen van Belgische speurders is de identiteit van de daders nooit vastgesteld.

In juni vorig jaar besloot het federaal parket het onderzoek stop te zetten vanwege het gebrek aan nieuwe bewijzen. Sindsdien hebben verschillende burgerlijke partijen herhaaldelijk aangedrongen op bijkomend onderzoek, zonder succes.

Bron » Het Laatste Nieuws

Opmerkelijk detail komt aan het licht tijdens bijeenkomst slachtoffers Bende van Nijvel

Slachtoffers en nabestaanden van de Bende van Nijvel zijn zaterdag samengekomen om te luisteren naar de uiteenzetting van een gerenommeerde ex-speurder. Die is er zeker van dat Franse gangsters achter de aanslagen zitten.

Initiatiefnemer van de samenkomst was Philippe Vansteenkiste, de voorzitter van de vzw V-Europe. Deze vzw werd opgericht na de terreuraanslagen van Parijs op 13 november 2015 en Brussel op 22 maart 2016. De vzw heeft tot doel de slachtoffers van terreur en andere criminele feiten bij te staan.

Een twaalftal slachtoffers van verschillende Bende-overvallen ging op de uitnodiging in. Enkelen kwamen uit Aalst, waar op 30 september 1982 de meeste dodelijke slachtoffers te betreuren vielen, acht mensen lieten er het leven. De piste van de Franse gangsters werd uitvoerig beschreven in deze krant op 17 december 2017. Jean-Pierre Adam, een prominente onderzoeker van de Cel Neufchâteau, de speciale onderzoekseenheid die werd opgezet na het uitbarsten van de zaak-Dutroux medio augustus 1996, kwam deze piste op het spoor. Zijn onderzoek, dat startte na de moord op een restauranthouder uit Charleroi op 5 december 1996, leidde naar deze Franse bende.

Enkele dagen voor hij werd doodgeschoten op een parking in Luttre, had de horecabaas aan de familie Lejeune verteld dat hij treffende onthullingen zou doen over de zaak Julie en Melissa. Speurder Adam werd belast met het onderzoek naar een eventueel verband tussen de aangekondigde onthullingen en de moord. In dit onderzoek stootte hij op pv’s die de uitvoerders van deze moord linkten aan een van de eerste overvallen die in ons land werden toegeschreven aan de zogenaamde Bende van Nijvel. Deze Franse bende had haar hoofdkwartier in Charleville-Mézière, vlakbij de Belgische grens.

Jobstudent

Tijdens de samenkomst kwam een heel opmerkelijk element aan het licht. Het bevestigt min of meer de thesis van de ex-speurder Adam: een slachtoffer van de overval die op 7 oktober 1983 werd gepleegd in de Delhaize van Beersel, herinnert zich een opmerkelijk detail. Daniel Heysselaer, een student geneeskunde, was die dag aan de slag als jobstudent in de bewuste Delhaize. Bij de overval werd hij gegijzeld en tijdens de hele raid onder schot gehouden. Frappant: de gangsters riepen hem van alles toe in een Noord-Frans dialect.

Bron » Het Belang van Limburg

Franse overvallers schieten om te raken

In amper één uur tijd zijn Franse gangsters zaterdag twee keer de grens overgestoken om bij ons een gewapende overval te plegen. “Zolang de Franse gangsters bij ons toeslaan, gaat de Franse politie ze niet meteen achterna”, zegt veiligheidsspecialist Brice De Ruyver.

Franse overvallers voeren de terreur in de West-Vlaamse grensstreek op door almaar meer geweld te gebruiken. Zaterdag bestormden vier Franse gangsters kort na 9 uur, op klaarlichte dag dus, het kantoor van zetelfabriek Confortluxe aan de Menensesteenweg in Wervik. Ze vuurden meermaals met een jachtgeweer om de aanwezige werknemers de daver op het lijf te jagen. Twee werknemers raakten gewond.

Toen een van de chauffeurs van de fabriek de achtervolging op de wegrijdende gangsters inzette, hielden die halt en namen de man onder vuur. De bende stak daarna ongemoeid de grens over. Nauwelijks een uur later was een juwelier in Rekkem het mikpunt van vier overvallers die uit Frankrijk kwamen. Vermoedelijk ging het om dezelfde kerels die in Wervik al hadden toegeslagen. Tot dusver ontbreekt van hen elk spoor.

“De Franse politie ligt duidelijk niet wakker van de grensoverschrijdende criminaliteit”, zegt veiligheidsspecialist Brice De Ruyver. “Zolang Frankrijk maar niet in de brokken deelt, is de jacht op die bendes voor hen geen prioriteit. Dat is trouwens een oud zeer. Al in de jaren 80 en 90 sloegen Franse bendes bij ons toe. Twintig jaar later zijn wij er nog altijd niet in geslaagd om elementaire bestrijdingsmiddelen zoals gezamenlijke politiepatrouilles aan weerszijden van de grens of het wapengebruik van politiemensen over de grens efficiënt te regelen.”

“Dat zorgt bij die Franse bendes voor een gevoel van straffeloosheid”, zegt De Ruyver. “En het spoort hen aan om almaar stoutmoediger te werk te gaan, ook al speelt druggebruik hier zeker ook een rol. Drugs en het toenemende gebruik van (vuur)wapens vormen trouwens een gevaarlijke cocktail. Een gangster die onder invloed is, kan sneller de controle over zichzelf verliezen en zijn wapen gebruiken als hij zich in het nauw gedreven voelt.”

In gerechtelijke kringen klinkt dezelfde analyse: “Wij pleiten met man en macht om vooruitgang te boeken in de bestrijding van de grensoverschrijdende criminaliteit. Het is al moeilijk om een overval op te helderen die in België door daders uit België is gepleegd. Maar als de daders daarbij aan de andere kant van de grens kunnen rekenen op een toevluchtsoord waar de politie hen het leven nauwelijks zuur maakt, dan is zo’n onderzoek haast onbegonnen werk. Op dat vlak vooruitgang boeken, is echter op de eerste plaats werk voor de politieke wereld.”

Maar daar hebben de slachtoffers van de jongste feiten in Wervik en Rekkem geen boodschap aan. Zij zijn diep geschokt door wat hen overkomen is. “De gangsters waren met vier”, vertelt André Ollevier, de bedrijfsleider van Confortluxe in Wervik.

“De chauffeur bleef in de auto. Een tweede man vatte met een kalasjnikov post aan de ingang. Twee andere kerels zijn schietend met een jachtgeweer de gang binnengestormd. Twee werknemers raakten door de rondvliegende hagel gewond, gelukkig niet zwaar. Maar op een haar na was een van hen toch een oog kwijt. En Benny, die daarna nog de achtervolging op de daders heeft ingezet, werd aan de grenspost door een van de schutters onder vuur genomen. Hij heeft moeten springen voor zijn leven.”

Juwelier Sébastien Desmet houdt het voor bekeken. “Na een eerste overval in augustus had ik al beslist om te stoppen en nog alleen juwelen op bestelling te maken en te herstellen. Sinds 1 november houden wij dan ook uitverkoop. En nu gebeurt dit. Er zijn te veel overvallen in de grensstreek. Het sterkt mij alleen in de beslissing die ik genomen heb. Zo’n nare ervaring wil ik niet opnieuw beleven.”

Bron » De Standaard