De Bende & Westland New Post, een nieuwe aflevering in het onderzoek naar de Bende van Nijvel

Vandaag getuigde anoniem een gewezen lid van Westland New Post over de betrokkenheid van deze organisatie bij de terreur van de Bende van Nijvel. Wat is deze getuigenis waard en wat is Westland New Post?

Westland New Post is een schimmige neonazistische organisatie uit de jaren 80 waarvan de schaduw zelfs 35 jaar later over het dossier van de Bende van Nijvel blijft hangen. In die wazige sfeer is het makkelijk om complottheorieën te (blijven) voeden.

Het start al met de figuur van Paul Latinus, een ingenieur in de nucleaire wetenschappen, de stichter van Westland New Post. De man beweerde op 17-jarige leeftijd gerekruteerd te zijn geweest door een buitenlandse inlichtingendienst om “met alle middelen het sovjet Russische communisme te bestrijden”. Die rekrutering zou zijn gebeurd tijdens zijn legerdienst door een NATO-officier.

In zijn beleving was de KGB tot op het hoogste niveau geïnfiltreerd in de Belgische staatsveiligheid. En dat mag je haast letterlijk nemen. “Eén van de KGB-agenten bij de Staatsveiligheid is niemand minder dan de administrateur-generaal van deze dienst”, zo vertelde Latinus aan wijlen René Haquin (van het dagblad Le Soir die over WNP in 1984 het boek ‘Operatie Staatsveiligheid’ schreef). En in dat zelfde gesprek zei hij dat hij ook de opdracht had gekregen “een revanchistische nazi-groepering, geïnspireerd door de Waffen SS, op te richten om de Popovs van de Staatsveiligheid uit hun tent te lokken”.

Paul Latinus overleed in de nacht van 24 op 25 april 1987 door verhanging. Sommigen beweren dat het geen zelfmoord was, maar wel een geënsceneerde moord. Volgens deze theorie zou hij gezelfmoord zijn precies omdat hij te veel wist over onder meer de Bende van Nijvel.

Als we de stichter mogen geloven was Westland New Post dus een organisatie “bedoeld om terreur te zaaien, in het geheim georganiseerd om agenten van de KGB te ontmaskeren”.

WNP zou van 1980 tot 1983 actief geweest zijn. Er zouden zo’n dertig afdelingen geweest zijn in het hele land met in totaal bijna 400 leden. Er waren drie directies: inlichtingendienst, (interne) politie en een studiedienst.

Bestaan van organisatie WNP komt “en stoemelings” aan het licht

Een vooraanstaand lid van WNP was Michel Libert, de man die door de getuige die nu in het nieuws komt, wordt aangewezen als “de reus”. Michel Libert is een gewezen beroepsonderofficier van de Zeemacht. Hij werkte tot 1982 op het transmissiecentrum op de generale staf van het leger.

Michel Libert wordt in het verlengde van een ogenschijnlijk banaal straatincident gearresteerd en daardoor kwam ook het bestaan van de organisatie WNP eigenlijk “en stoemelings” aan het licht. Een dronken Marcel Barbier, een gewezen lid van de extreemrechtse jongerenorganisatie Front de la Jeunesse, achtervolgt zijn broer in de straten van Vorst. De ruzie escaleert en Barbier wordt gearresteerd. In het verhoor vertelt Barbier dat hij lid is van een mysterieuze organisatie. Bij een huiszoeking vindt de politie allerhande geheime militaire (NATO) documenten. Speurders komen via Barbier uit bij Michel Libert, officieel woonden ze samen op hetzelfde adres.

Zowel Barbier als Libert bekennen lid te zijn van de paramilitaire organisatie Westland New Post. Beide bekennen ook de diefstal en de heling van de geheime documenten én ook oefenkampen te hebben georganiseerd.

Al bij zijn eerste verhoor zegt Libert te werken als informant voor de Staatsveiligheid. Hij heeft contact met “Le Canard”, een alias voor commissaris Christiaan Smets. Naast Smets duiken nog andere namen op van mensen van de Staatsveiligheid. De centrale vraag is of de Staatsveiligheid WNP geïnfiltreerd had dan wel het omgekeerde. Wie manipuleerde wie?

Terzijde, de wijze waarop WNP “ontdekt” werd, doet bij velen de wenkbrauwen fronsen. Hoe kan een clandestiene organisatie, die de geheimzinnigheid ook cultiveert, zich zo knullig laten pakken? Of was het incident nauwkeurig geënsceneerd en dus bedoeld als provocatie?

Wat is het verband tussen Westland New Post en de Bende van Nijvel?

De relatie tussen Westland New Post en de Bende is geen nieuw gegeven, ze is al tientallen keren geopperd, niet in het minst door WNP’ers zelf. Zo verklaarde kopstuk Michel Libert bv. in 1992 in een BBC documentaire dat hij effectief meegedaan had aan verkenningen van grootwarenhuizen (controleren openingsuren, in- en uitgangen, betalingssystemen, …) Hij had die opdracht gekregen, zo zei hij, al vertelde hij er niet bij van wie precies. En hij ontkende ook elke betrokkenheid bij de feiten zelf ook al werd hij door sommige getuigen later herkend op basis van robotfoto’s.

Michel Libert is verschillende keren door de enquêteurs ondervraagd, o.a. in mei 2014 nog eens. Procureur-generaal Christian De Valckeneer verklaarde in een interview (in Humo in november 2017) dat Libert daarbij gezegd had dat hij binnen WNP technieken aangeleerd kreeg om grootwarenhuizen te overvallen.

Diverse rechercheurs menen dat de piste extreemrechts te weinig uitgediept werd. Zij zijn hierdoor professioneel gefrustreerd en spreken in dit verband van een doofpotoperatie. Wellicht verklaart dat ook een aantal recente lekken richting pers. Maar de feiten schijnen hen ongelijk te geven.

De relatie tussen WNP en de Bende is verschillende keren onderzocht. Zo kwam in de marge van het WNP-onderzoek naar boven dat Claude Dery, de ballistisch expert in het Bende onderzoek die beschuldigd werd van manipulaties, lid was van een obscuur splintergroepje “Les Hospitaliers de l’Abbaye d’Aulne”.

In het onderzoek naar schietclubs, de zogenoemde practical shootingclubs, stelde men vast dat daar ook diverse WNP’ers opduiken (naast (ex-) rijkswachters). En toen een aantal extreemrechtse rijkswachters in het vizier van de Bendespeurders kwamen, de zogenaamde Groep G, duikt daarbij de naam van Johan Demol op. In interne rijkswachtnota’s wordt hij omschreven als sympathisant van WNP.

Ook de persoon van Madani Bouhouche, een ex-rijkswachter wiens naam vaak genoemd wordt in het bende dossier, kan gelinkt worden aan WNP ook al was hij zelf geen lid. Toen Bouhouche een WNP’er wou binnenhalen in het privédetectivebedrijf ARI dat hij samen met Beijer, een andere ex-rijkswachter, had opgestart, leidde dat overigens tot een breuk tussen hen beide.

Bij een van de bende-overvallen, in Temse in september 1983, wordt o.a. een kogelvrije vest gestolen die later wordt teruggevonden bij WNP-lid Eric Lammers.

Er zijn dus zeker elementen die een verband leggen tussen WNP en de Bende. En die elementen zijn ook herhaaldelijk onderzocht, zowel in het team van Charleroi als in het team van Dendermonde. Dat bevestigen ook onafhankelijke bronnen van het onderzoek.

Zo stelde De Bendecommissie-bis wel enkele manipulaties van extreemrechts vast, maar formuleerde in haar conclusies dat: “(…) kan worden gesteld dat er tot op heden geen materiële aanwijzingen zijn om de hypothese te ondersteunen dat extreem rechts – in de vorm van een of andere organisatie zoals Front de la Jeunesse of WNP – daadwerkelijk betrokken zou zijn geweest bij de aanslagen van de bende van Nijvel”.

Medio jaren 80 werd gezocht op 4 pistes

De professoren Fijnaut en Verstraeten komen in hun doorlichting van het Bende onderzoek tot de conclusie dat het spoor van extreem rechts, in tegenstelling tot wat her en der beweerd werd, wel degelijk voorwerp uitmaakte van het werk van de enquêteurs.

Onderzoeksrechter Schlicker (Nijvel) heeft in de periode 1984-1985 een aantal leden van de staatsveiligheid ondervraagd over de werking van WNP en hun rol daarin. Bij de overheveling van het dossier naar Charleroi werkte onderzoeksrechter Lacroix in het verlengde van dit spoor. In de archieven Charleroi is terug te vinden dat medio jaren 80 er gezocht werd op vier pistes.

Eén daarvan is de piste extreemrechts, meer bepaald gewezen WNP’ers en/of ex rijkswachters. En ook onderzoeksrechter Troch (Dendermonde) wilde werken op dit spoor. In ene brief aan de Gentse procureur-generaal schrijft hij “dat de onderzoekers van de groep Delta de mening zijn toegedaan dat het –in het kader van de piste van extreem rechts- onontbeerlijk is kennis te kunnen nemen van een aantal dossiers in verband met Westland New Post”.

In welke mate stelt deze getuigenis iets wezenlijk nieuw voor?

De professoren stelden bij hun doorlichting vast dat de piste van extreemrechts en de rol daarin van WNP vooral in het onderzoek van Charleroi doorgedreven onder de loep werd genomen, “het ontstaan van deze groep, haar interne organisatie, uitrusting en taakverdeling, haar leden en sympathisanten, haar daadwerkelijke activiteiten en haar concrete contacten met (leden van) overheidsdiensten zoals de rijkswacht en de veiligheid van de staat”.

Men zoekt naar verbindingen tussen WNP en de modi operandi van de bende. De speurders doen dat door mensen te verhoren, tactische, technische en administratieve onderzoeken te voeren zoals controle van adressenboekjes, dactyloscopisch onderzoek, onderzoek van lokalen, garages, postbussen, …

Men heeft dus wel degelijk gezocht op deze piste ondanks het gegeven, dat stelden ze ook vast, dat de magistratuur en dan vooral (toenmalig) onderzoeksrechter Hennart zich hierbij niet altijd even coöperatief opstelden.

Het spoor WNP is dus wel degelijk onderzocht en de vraag is dus in welke mate deze getuigenis iets wezenlijk nieuw voorstelt.

Wat is de relevantie van de recente verklaringen?

Dat een organisatie als Westland New Post gelinkt wordt aan de Bende is een plausibele werkhypothese. WNP wou inderdaad de staat destabiliseren en via terreur een klimaat creëren die een sterk, autoritair regime moest toelaten. Die strategie van de spanning is niet zo vergezocht en kan worden onderbouwd met voorbeelden uit het buitenland.

Maar, als we een aantal gezaghebbende bronnen mogen geloven, is die werkhypothese ook daadwerkelijk onderzocht. En dus is de vraag waarom dat WNP verhaal nu opnieuw ter sprake wordt gebracht? De getuige van vandaag levert geen keiharde bewijzen. Hij was naar eigen zeggen 2 à 3 jaar lid van Westland New Post, begin jaren 80. Hij geeft drie elementen die hem doen geloven dat WNP te maken had met de Bende:

  1. De figuur van Michel Libert. De getuige van vandaag zegt dat hij Libert tegenkwam in een grootwarenhuis toen hij daar een verkenning deed. (Op zich is dat geen nieuws, Libert verklaarde zelf al zo’n verkenningen te hebben uitgevoerd.) Libert trekt volgens de getuige van vandaag ook als twee druppels water op robotfoto nr. 19. Michel Libert zou hem later ook toevertrouwd hebben dat hij bij een van de acties beschoten is geweest door de rijkswacht. Volgens hem was dat de Bende-overval in Maubeuge.
  2. Bij een van de WNP-oefeningen in het Zoniënwoud was daar een gebochelde man aanwezig. Zo’n gebochelde man is ook gesignaleerd bij een van de Bende overvallen.
  3. Een van de aangeleerde WNP-technieken had te maken met “strategische terugtrekking”, daarbij schietend vanuit de kofferbak van een auto, een techniek die ook door de bende gebruikt werd.

Zo blijft het vreemd dat iemand blijkbaar op eigen initiatief, om principiële redenen, van de ene op de andere dag uit een clandestiene organisatie als WNP kan stappen

De man getuigt nu omdat hij wil dat de waarheid eindelijk naar boven komt. Maar de vraag is of zijn getuigenis ultieme antwoorden geeft dan wel nieuwe vragen oproept. Zo blijft het vreemd dat iemand blijkbaar op eigen initiatief, om principiële redenen, van de ene op de andere dag uit een clandestiene organisatie als WNP kan stappen. Al bij al is hij ook maar een tweetal jaren lid geweest van WNP en heeft hij naar eigen zeggen nooit zelf iets, van ver of van nabij, te maken gehad met de Bende.

Hij verklaarde wel ooit in Gent klaar te hebben gestaan om alle geüniformeerde rijkswachters en politiemensen die niet een bepaald insigne droegen, neer te maaien. Maar die “oefening” werd te elfder ure afgeblazen.

Kan het onderzoek een nieuwe wending nemen?

Dat een ex-militair gewacht heeft tot zijn strafbare feiten verjaard waren om naar buiten te komen met grote “onthullingen”, zoals zijn advocaat beweert, is te begrijpen vanuit zijn individueel standpunt maar of ook de maatschappij daar veel boodschap aan heeft …

Dat de daders van de Bende nog steeds niet gevat zijn, is een schandaal van de grootste orde. Of het ooit nog tot een proces komt, is hoogst twijfelachtig al was het maar omdat naast alle problemen in het onderzoek er inmiddels ook nogal wat procedurele problemen zijn.

De getuige van vandaag is in 2013 al eens ondervraagd in het kader van het Bende-onderzoek. Vandaag stapte hij in overleg met zijn advocaat naar de pers al heeft hij ook t.a.v. de speurders opnieuw verklaringen afgelegd.

Het valt af te wachten of met zijn verklaringen het onderzoek een nieuwe wending kan nemen dan wel dat het opnieuw een toertje is in de zoveelste carrousel.

Bron » VRT Nieuws | Dirk Leestmans

Extreemrechtse organisatie Westland New Post verdeelt speurders Bende van Nijvel

Westland New Post, de extreemrechtse organisatie die nu door een ex-lid opnieuw aan de Bende van Nijvel wordt gekoppeld, zorgt al jaren voor discussie onder de Bende-speurders. Eén groep rechercheurs is er zeker van dat dáár de antwoorden gezocht moeten worden. Toen de speurders in 2014 van hogerhand de opdracht kregen om WNP te laten rusten en nu eens andere sporen te onderzoeken, zorgde dat voor een tweespalt.

Een banale ruzie op straat tussen twee dronken broers. Daardoor kwam het gerecht in 1983 het bestaan van Westland New Post op het spoor. Een politiepatrouille moest op een avond in augustus in de Brusselse gemeente Vorst tussenbeide komen, omdat ex-paracommando Marcel Barbier het op straat aan de stok had gekregen met zijn broer Robert. Barbier was dronken, en trok een colt. Toen hij de politie opmerkte, probeerde hij nog een voorbijrijdende auto te kapen.

Redenen genoeg om eens bij die Barbier thuis te gaan kijken, dacht de politie. Daar trokken ze grote ogen: ze vonden er wapens, bivakmutsen, en een pakket ultrageheime, gestolen NAVO-documenten. En ze ontdekten het bestaan van Westland New Post. Een extreemrechtse organisatie met een tiental leden, een militaire structuur en internationale contacten.

Allicht werd WNP al in 1979 opgericht, als een afsplitsing van het al even rechtse Front de la Jeunesse. Leider van WNP was Paul Latinus, een werkloze ingenieur. Zijn rechterhand was Michel Libert, de man die nu door de nieuwe getuige als ‘de Reus’ van de bende wordt herkend.

Het doel van WNP, zeiden de leden, was een Sovjetinvasie tegen te houden. De organisatie hield officieel op te bestaan in 1984, met de dood van leider Latinus. Of hij zelf uit het leven stapte dan wel vermoord werd, is nog steeds voer voor discussie.

Ruzie onder speurders

Al in de jaren tachtig raakten speurders van de onderzoekscel in Charleroi ervan overtuigd dat binnen het militaristische WNP de sleutel van het mysterie over de Bende van Nijvel zit. Ook de parlementaire onderzoekscommissie boog zich over de groep.

Over de reden waarom WNP de aanslagen gepleegd zou hebben, bestaan verschillende theorieën. Sommigen menen dat ze een angstklimaat wilden creëren, om een rechts beleid ingang te doen vinden. Anderen denken dat de aanslagen een wraakactie waren, omdat een WNP-lid tot een celstraf veroordeeld werd. “Maar we konden nooit materiële bewijzen vinden”, zo zei het gerecht.

Dat duurde tot 2014, tot het gerecht een laatste keer een grote operatie op poten zette. Er volgden opnieuw huiszoekingen bij de ex-WNP-leden. Michel Libert werd opnieuw opgepakt. Het leverde andermaal geen bewijzen op, en onderzoeksrechter Martine Michel besloot dat voortaan op andere sporen gezocht moest worden. Dat zorgde voor een tweespalt binnen het speurdersteam, omdat een deel zich op WNP wou blijven concentreren. Een aantal speurders stapte op.

In 2015 werden ook anonieme brieven rondgestuurd naar de autoriteiten, waarbij de afzender beweerde dat het onderzoek werd geboycot. De brief belandde bij Justitieminister Koen Geens (CD&V), maar ook bij advocaten zoals Jef Vermassen.

Procureur-generaal Christiaan De Valkeneer, die toen het onderzoek leidde, reageerde in oktober vorig jaar: “Die briefschrijvers beweerden dat ik de piste-WNP in de doofpot wilde steken, en dat wij mensen van de vroegere Staatsveiligheid beschermden. Ik ben het met hen eens dat het spoor WNP zeer interessant is en blijft. Maar nogmaals: er waren geen aanwijzingen genoeg om Libert en co. aan te houden.”

Slachtoffers blij

Verschillende slachtoffers van de Bende zijn blij dat de speurders zich opnieuw over de rol van WNP buigen. “Ik zie geen enkele andere theorie waarin alles blijkt te kloppen”, zegt Diederik Palsterman. Hij was 11 jaar oud toen de Bende zijn vader Jan doodde.

“Al vijf jaar ben ik ervan overtuigd dat WNP de juiste piste is”, zegt David Van de Steen, die in de Delhaize in Aalst zag hoe zijn ouders en zus werden doodgeschoten.

Michel Libert: “Klacht indienen”

Michel Libert, de man die door het anonieme WNP-lid als de Reus wordt herkend, wil deze week een klacht indienen. “Tegen iedereen die me in het verleden al de Reus heeft genoemd”, zo zegt Libert. Hij verwijst ook naar het gerecht. “Het is genoeg geweest. Ik heb niets te maken met de Bende van Nijvel. Wie het tegendeel beweert, die heeft een klacht aan zijn broek.”

De advocaat van de getuige reageert afwachtend. “Iedereen heeft het recht om iemand te herkennen in een robotfoto. Wil hij mijn cliënt berichten van laster, dan zal hij moeten aantonen dat hij de Reus níét is.”

Bron » Gazet van Antwerpen

Een ex-gevangenisdirecteur, een bodybuilder, een ingenieur,… Een overzicht van de namen die gelinkt worden aan de Bende van Nijvel

Was er één Reus? Of waren er meerdere Reuzen? En was rijkswachter Chris B., wiens speekseltest, vingerafdrukken en genetische analyse negatief blijken, één van hen? En wie zat mogelijk mee in het web achter de Bende van Nijvel? Een overzicht, met wat we vandaag weten.

1. De Reus

We schrijven 2015 en Christiaan B. (roepnaam Chris), Aalsterse rijkswachter en gewezen lid van Groep Diane, bekent in de laatste weken van zijn leven aan zijn broer dat hij de befaamde Reus was van de Bende van Nijvel. “Ik was betrokken bij de feiten in Waals-Brabant”, zegt hij. Het gerecht gaat voorzichtig uit van die piste. Ook jeugdvriend Marc Van Damme en twee exen, Denise Vandyck (57) en Nicole (56), komen met de onthulling dat ze de robotfoto van vermoedelijke Reus “honderd procent zeker” aan Chris B. linken.

Los eindje: Er zijn binnen het speurdersteam ook non-believers. Minister van Justitie Koen Geens (CD&V) zei gisteren dat een speekseltest en DNA-match van Chris B. met feiten in Waals-Brabant negatief bleken. Hij is al twee jaar geleden overleden, dus heeft geen kans op wederwoord.

2. De Ouwe

Speurders denken dat de Bende uit een vaste kern van drie bestond. Maar: de bezetting was wisselend. Naast de Reus (of Reuzen, ndvr.) was er ‘de Ouwe’. Hij was vermoedelijk een stuk ouder dan de rest. Aangenomen wordt dat hij als chauffeur fungeerde.

Los eindje: we weten niet wie achter ‘de Ouwe’ schuilgaat en ook niet of Chris B. dus goed bevriend met hem was.

3. De Killer

Een meedogenloze doder, van wie speurders vermoeden dat hij zelf ook dood is. Zou neergeschoten zijn door een agent na de overval op de Aalsterse Delhaize. Zou begraven zijn in het bos van Houssière in Henegouwen.

Los eindje: Er plakt geen naam op de Killer. Of Chris B. dus de Killer kende? Onduidelijk.

4. Robert Beijer

De broer van rijkswachter Chris B. beweert dat ex-rijkswachter Beijer tot diens vriendenkring behoorde. Gewezen BOB’er en latere privédetective Beijer wordt al decennia aan de Bende gelinkt en onderhield goede contacten met leden van Groep Diane. Net als met leden van de Staatsveiligheid, dat andere overheidsapparaat dat aan de Bende wordt gelinkt. Ooit veroordeeld tot veertien jaar cel voor de moord op een Libanese diamantair. Ooit ook gelinkt aan moord op wapenhandelaar Juan Mendez-Blaya.

Los eindje: De naar Thailand uitgeweken Beijer ontkent formeel aan onze redactie dat hij de vermoedelijke Reus ooit heeft gekend. Speurders betwijfelen dat.

5. Madani Bouhouche

Partner in crime van Beijer en zo mogelijk nog extreemrechtser. Ook zijn naam valt al decennia. Werkten samen op de BOB en kwamen daar samen in opspraak. Ook veroordeeld voor de moord op Libanees. Hij loste het fatale schot. Volgens de broer van Chris B. ook een vriend met wie de Aalsterse rijkswachter af en toe afsprak. Had een vergunning om wapens te maken. Ooit gelinkt aan diefstal grote partij wapens.

Los eindje: Heeft zijn betrokkenheid altijd staalhard ontkend en kan het onderzoek nu niets meer bijbrengen. Kwam in 2000 vrij en trok zich terug in de Franse Pyreneeën, waar hij stierf na een bizar ongeval met een kettingzaag tijdens het kappen van hout. De speurders vonden een riot gun en legden een link met de Bende van Nijvel. Ballistisch onderzoek sluit die piste uit.

6. Andere leden Groep Diane

Zo was er een zekere Python, codenaam van een gewezen lid van Groep Diane en, ook op voorspraak van broer van Chris B., iemand uit de kennissenkring van de Reus. Zou ook Beijer en Bouhouche gekend hebben.

Los eindje: Destijds is Python, zoals veel leden van de elitegroep, uitgebreid verhoord. Zegt “in de verste verte” niets met de Bende te maken te hebben. Speurders traceren alle ex-leden uit die eerste lichting van vijftien elitetroepen.

7. Jean Bultot

Brusselse ex-gevangenisdirecteur die diep verstrikt geraakte in het misdaadmilieu. Kende Beijer en Bouhouche. Was een militant van de extreemrechtse groepering Forces Nouvelles. Daags voor de laatste overval van de Bende, op zaterdag 9 november 1985 in de Delhaize van Aalst, belde hij een informant van de Staatsveiligheid met de vraag of die hem dringend een machinegeweer kon bezorgen. Vluchtte naar Paraguay en Zuid-Afrika. Ging graag om met gangsters, onder wie Philippe De Staerke. Verklaarde vanuit het buitenland ooit dat sommige leden van de Bende tot de Staatsveiligheid behoorden.

8. Paul Latinus

Oprichter van Westland New Post, uiterst rechtse organisatie, volgens de speurders verwezen met de toenmalige Staatsveiligheid. In ‘84 werd de technisch ingenieur, die beweerde te infiltreren in communistische milieus, in verdachte omstandigheden dood teruggevonden.

9. Michel Libert

Een van de kaderleden van Westland New Post. Een van de laatste echte verdachten in het onderzoek. Sommige speurders zagen in de 1,91 meter grote Libert “De Reus”. Uitgebreid verhoord en jarenlang verdacht, maar uiteindelijk nooit vervolgd.

10. Christian Amory

Gewezen lid van de eerste lichting van Groep Diane en BOB’er in Bergen en later Brussel waar hij Beijer en Bouhouche leerde kennen. Vermoedde dat zijn twee ex-collega’s logistieke steun verleenden aan de Bende. Destijds een bodybuilder met imposant figuur. Schopte het ook tot de nationale judoselectie. Werd vanwege zijn specifiek tred ooit gelinkt aan de Bende, maar heeft elke betrokkenheid altijd ontkend.

11. Martial Lekeu

Kende Beijer en Bouhouche van bij de drugsbrigade van de Brusselse BOB. Door collega’s van toen als halve nazi omschreven. Was met veel louche zaken bezig, bleek al snel, waarna het gerecht van Dendermonde hem probeerde te linken aan de Bende. Vluchtte met vals paspoort naar de VS waar hij een privédetectivebureau runde. Stierf in ‘97.

12. Philippe De Staerke

Leider van de beruchte Bende van Baasrode, gespecialiseerd in gewapende overvallen. De enige die ooit bekende lid te zijn van de Bende van Nijvel. Werd dan ook – als enige – in verdenking gesteld, maar slikte zijn bekentenissen weer in. Kende Jean Bultot goed. Was de ochtend van de overval in Aalst “aan het winkelen” met zijn vrouw in de Delhaize. Allicht moest hij voor de Bende klussen als verkenner. Intussen een vrij man.

Bron » Het Nieuwsblad

Dit zijn de 5 meest geloofwaardige pistes over de Bende van Nijvel

Over de motieven van de Bende van Nijvel doen ontelbare theorieën de ronde. Vijf pistes zijn in het verleden de meest geloofwaardige gebleken, maar geen enkele heeft het mysterie rond de Bende kunnen oplossen. Welke blijft overeind met de nieuwe informatie?

1. Banditisme

De eerste verklaring die in de jaren 80 opduikt, is die van ordinaire bandieten die op geld uit zijn. De procureur des Konings in Nijvel, die het onderzoek op dat moment voert, noemt de daders “roofdieren”.

Hij richt zijn pijlen op de Borains, de bende van gewezen politieman Michel Cocu uit de Borinage, maar het Hof van Assisen spreekt hen in 1988 vrij. Tot aan zijn dood in december vorig jaar blijft Cocu gelinkt aan de Bende van Nijvel, maar een huiszoeking na zijn overlijden levert geen enkel bewijs op.

Een andere bende is die van Philippe De Staercke, ook wel de Bende van Baasrode genoemd. De Staercke is in juni 1987 door de toenmalige Dendermondse onderzoeksrechter in verdenking gesteld als medeplichtige bij de Delhaize-overval in Aalst. Hij was de dag van de overval in die Delhaize. Was hij er op verkenning?

Een ander lid van die bende, Léopold Van Esbroeck, was dan weer lang ervan verdacht “de reus” te zijn van de Bende van Nijvel. Ondanks bekentenissen van De Staerke, die hij later weer introk, zijn de leden van de Bende van Baasrode buiten verdenking gesteld voor de feiten van de Bende van Nijvel.

Nogal tegenstrijdig met deze theorie is het hoge aantal risico’s en doden bij meer dan twintig overvallen, voor een relatief kleine opbrengst. In Aalst bijvoorbeeld vallen acht doden, voor geen 20.000 euro.

2. Geld afpersen van de warenhuizen

In een boek na zijn vrijlaten kwam Léopold Van Esbroeck wel met een eigen hypothese. Volgens hem lag de verdienste van de Bende niet in de buit van de kassa’s van supermarkten, maar was het hen via een omweg toch om het geld te doen.

Van Esbroeck, die zelf elke betrokkenheid bij de Bende ontkende, stelde dat ex-gevangenisdirecteur Jean Bultot de Bende-leden rekruteerde voor een onbekende opdrachtgever. De Bende was volgens hem bedoeld om geld af te persen van de grootwarenhuisdirecties. En dat zouden die directies uiteindelijk ook betaald hebben.

Van Esbroeck weet dat, omdat ook hij benaderd is door de toenmalige directeur van de gevangenis van Sint-Gillis, Jean Bultot. Bultot heeft bovendien daags voor de overval in Aalst naar een informant van Staatsveiligheid gebeld met de vraag of die hem ‘dringend’ een machinegeweer kon bezorgen. De informant nam het gesprek op en alarmeerde de Staatsveiligheid. Die verbood de infiltrant hiermee door te gaan en maakte zijn bandje zoek.

3. Extreemrechtse terreur

Ook als bovenstaande hypothese klopt, is een terroristisch motief niet uitgesloten. Ex-gevangenisdirecteur Bultot militeerde namelijk voor het extreemrechtse partijtje Forces Nouvelles. De terroristische piste gaat ervan uit dat de Bende uit was op de destabilisering van de samenleving, zodat een sterker regime mogelijk werd.

Zo werd de Bende van Nijvel ook genoemd als de Belgische tak van Gladio, een van oorsprong Italiaans netwerk dat een eventuele aanval van de Sovjet-Unie moest afweren. Een Senaatscommissie kon begin jaren 90 zekerheid verwerven over het bestaan van een Belgische Gladio-afdeling, maar niet wie er deel van uitmaakte en of er een verband was met de Bende van Nijvel.

Een andere groep die de extreemrechtse hypothese kan ondersteunen is de Westland New Post, afgekort WNP. De groep van maximaal vijftien leden is opgericht door Paul Latinus en leden van het als privémilitie verboden Front de la Jeunesse (FJ).

In 2014 lijkt er een grote doorbraak in het Bende-dossier. De nummer twee van WNP, Michel Libert, wordt opgepakt. Hij meet 1m91, is hij de reus?

De arrestatie komt er na een RTBF-interview met Eric Lammers, een ander voormalig WNP-kopstuk. “We hebben met WNP in warenhuizen verkenningen gedaan, (…) in warenhuizen waar later de Bende heeft toegeslagen, maar ook in andere. Daarom ben ik er zeker van dat ik de leden van de Bende van Nijvel moet kennen.”

Libert wordt uiteindelijk zonder inbeschuldigingstelling vrijgelaten.

4. Roze Balletten

Op 24 april 1984 is, bengelend aan een touw in de kelder van zijn woning, het lijk teruggevonden van Paul Latinus, leider van WNP. Weinigen geloven in zelfmoord. De gerechtelijke politie van Brussel kwam als eerste ter plaatse en stelde vast dat Latinus vermoord zou zijn met een telefoondraad, dat het gewicht van een volwassen man niet zou kunnen dragen. Een half jaar voor zijn dood stapte Latinus naar de rijkswacht met een klacht over “doodsbedreigingen in verband met het dossier-Pinon”.

Het dossier-Pinon is beter bekend als de Roze Balletten: drugs- en seksfeestjes die aan het licht kwamen door de Brusselse psychiater Pinon. Hij zat in een vechtscheiding en maakte geluidsopnames waarop zijn echtgenote beweerde naar seksfeestjes te gaan. Daar zouden hooggeplaatste personen aanwezig zijn geweest.

Er zijn weinig verbanden opgedoken tussen de Bende van Nijvel en de Roze Balletten, maar als Latinus informatie had over seksfeestjes met hoogwaardigheidsbekleders, dan gaf het hem een middel tot afpersing. De Roze Balletten zouden dan een hefboom voor de doofpotoperatie zijn.

5. De rijkswacht

Eind 1983 stapt oud-rijkswachter Martial Lekeu naar de BOB, de toenmalige gerechtelijke politie, van Waver. Hij vertelt er dat rijkswachters en militairen betrokken zijn bij de Bende-moorden. Veertien dagen later vlucht hij naar de Verenigde Staten, na doodsbedreigingen.

Vanuit de VS zal hij enkele jaren later een interview geven aan La Dernière Heure waarin hij het bestaan onthult van de groep G binnen de rijkswacht. Die groep zou bestaan uit rijkswachters die lid zijn van het Front de la Jeunesse. Lekeu stond bekend om zijn extreemrechtse sympathieën en was in de jaren 70 lid van het Front.

Daar duiken ook de namen van ex-rijkswachters Madani Bouhouche en Robert Beijer op. Ze zijn verdacht geweest van de wapendiefstal bij de Groep Diane in de rijkswachtkazerne van Etterbeek. De meeste van die wapens zijn in 1987 teruggevonden in een Brusselse garagebox gehuurd door Bouhouche. Bij de voorstelling van zijn boek in 2010 eiste Robert Beijer die wapenroof van 1981 op.

De laatste theorie, de inside job door rijkswachters, is nieuw leven ingeblazen door de bekentenissen van de familie van C.B. Die hoeft de overige theorieën niet volledig overbodig te maken. Een groep rijkswachters die meer macht en middelen willen voor het speciale interventieteam kan ook extreemrechtse motieven hebben. Of de ene keer een roofmoord plegen en de volgende keer een terroristische aanslag.

Geruzie onder magistraten

De geschiedenis van de Bende van Nijvel kent evenveel pistes als onderzoeksteams. Drie decennia lang was het een bron van geruzie onder magistraten. Eerst was er de rivaliteit tussen de parketten van Nijvel en Dendermonde. In Nijvel zocht procureur Jean Deprêtre bij de Borains, maar als die na vier jaar vrijgesproken worden voor de feiten van de Bende, ziet hij zijn onderzoek overgeheveld naar Charleroi.

In Dendermonde loopt op dat moment een parallel onderzoek. De Dendermondse cel Delta, onder leiding van onderzoeksrechter Freddy Troch, boekt in 1986 een van de weinige successen in het dossier door wapens van de Bende op te vissen nabij het hellend vlak van Ronquières.

Door een tussenkomst van toenmalig minister van Justitie Melchior Wathelet (cdH) is ook hij in 1991 verplicht om zijn dossier af te staan aan speurders in Charleroi, die vijf jaar verliezen met herschikken en vertalen.

Bron » De Morgen

DNA-onderzoek van Paul Latinus (WNP)

De cel-Jumet, die het onderzoek naar de Bende van Nijvel leidt, begroef maandag opnieuw de stoffelijke resten van Paul Latinus, de leider van het extreem-rechtse Westland New Post. Vorige week werden deze opgegraven om er DNA-tests op uit te voeren.

Ook het stoffelijk overschot van een gevangene die in Sint-Gillis overleed, werd opgegraven. Doel van de opgravingen is na te gaan of beide mannen iets met de Bende te maken hadden. De twee DNA-analyses zijn een onderdeel van een omvangrijk programma.Tot op heden leverde geen enkele analyse een positief resultaat op.

Bron » De Tijd

De schaduw van de Bende

Het dossier-Pinon geeft een mogelijke verklaring voor de onopgehelderde moorden op zes personen: vijf slachtoffers van de Bende van Nijvel (Leon Finné, Jacques van Camp, Jacques Fourez, Elise Dewit en Constantin Angelou) en Paul Latinus, de leider van de extreemrechtse organisatie WNP die officieel zelfmoord pleegde. De zes vernoemde personen namen ofwel zelf deel aan de seksfuiven, of waren in het bezit gekomen van bezwarende documenten over de frivole uitspattingen. Dat leidde tot chantagepraktijken, pogingen tot afpersing en uiteindelijk tot hun liquidatie, zo blijkt uit diverse getuigenissen en uit documenten.

Het gerechtelijk dossier over de Bende van Nijvel is 300.000 pagina’s dik. Wellicht heeft niemand ooit de totaliteit van de honderden dozen papier doorploegd. Met wat fragmentarisch aan de oppervlakte komt, aangevuld met informatie die door betrouwbare bronnen werd aangereikt, kan er toch een verband worden getrokken tussen een aantal slachtoffers die onder de kogels van de Bende van Nijvel vielen. Deze ‘slachtoffertheorie’ is niet nieuw, want verschillende andere gerechtelijke onderzoekers en journalisten hebben al verbanden willen zien tussen verschillende aanslagen. Maar nieuwe elementen kunnen deze theorie vandaag meer kracht geven.

Een belangrijk raakpunt tussen verschillende Bende-slachtoffers is dat ze allen op een of andere manier te maken hebben met de roze balletten en het selecte clubje van zakenlui, politici, advocaten, magistraten en andere prominenten dat zich in en rond deze seksfuiven bewoog. In welke hoedanigheid precies de personen die verder worden genoemd aan de bijeenkomsten deelnamen, is niet helemaal bekend. Vast staat volgens verschillende bronnen echter wel dat ze er wel degelijk wat mee te maken hadden en dat ze een doorn in het oog van andere deelnemers werden omdat ze met informatie die ze vergaarden -foto’s en video’s- een chantage opzetten.

Het koppel Jacques Fourez en Elise Dewit nam deel aan de bijeenkomsten. Hij was een vastgoedmakelaar, zij was secretaresse geweest bij een bekend Brussels notaris. Zij werden op 17 september 1983 aan de Colruyt in Nijvel neergeschoten. Het koppel kwam zogezegd tanken aan het benzinestation naast het Colruyt-filiaal. De bende vluchtte met hun wagen. Volgens een van onze bronnen bevonden zich in die wagen compromitterende opnames in verband met de fuiven.

Fourez zou bovendien via de ‘partouzes’ hebben afgeweten van de plannen voor de aanleg van de raketbasis in Florennes en op de hoogte geweest zijn van het onteigeningsprogramma en het gesjoemel daarbij. Liefst van al had hijzelf een deel van de koek naar zich zien gaan. Zijn gulzigheid en vooral ook de chantagepraktijken die hij aan de dag legde om zijn doel te bereiken, zouden hem fataal geworden zijn.

In het moordcommando van Fourez en Dewit bevond zich volgens een bepaalde bron Jacques van Camp. Ook Van Camp was een fervent ‘partouzeur’. Hij was uitbater van het restaurant Les Trois Canards in Ohain, een plaats waar heel de beau monde van Brussel zich te gelegener tijd ook verzamelde. Van Camp had naar verluidt de onhebbelijke gewoonte bepaalde tafelgesprekken stiekem af te luisteren en op te nemen. Hij werd op 2 oktober 1983 neergeschoten voor zijn restaurant. Op de parking werd zijn VW Golf meegenomen. De overvallers zouden volgens die versie niet zozeer in de auto geïnteresseerd geweest zijn, maar wel in de opnamebanden die in het voertuig lagen.

Leon Finné was filiaalhouder van de bank Copines aan de Louizalaan in Brussel. Hij was een bizar, liep steeds gewapend rond, had een mistig Zaïrees verleden en wordt vermeld in duistere geldtransacties via Luxemburg. Volgens sommige bronnen nam Finné deel aan de balletten. Een andere bron ontkent dat, maar weet wel dat Finné beschikking had over bezwarend materiaal over de balletten. Finné werd op 27 september 1985 doodgeschoten tijdens een bloederige Bende-aanval op de Delhaize in Overijse. Daarbij vielen in totaal vijf doden. Sommige elementen wijzen erop dat Finné het doelwit was van de overval. De overval en de slachtpartij die daarbij plaatsvond, zouden niets anders zijn dan een camouflage voor de moord op Finné.

Ook de Griekse taximan Constantin Angelou wordt in verband gebracht met de ‘partouzes’. Angelou vervoerde ooit een van de minderjarige aanwezigen van de seksfuiven, aldus een bron. Totaal onder invloed van drugs, deed de jongeman tijdens de taxirit een aantal onthullingen over wat hem eerder die avond was overkomen. Angelou werd op 24 april 1984 vermoord teruggevonden in Bergen. De laatste rit was begonnen in Brussel.

En dan is er de zelfmoord van Paul Latinus op 24 april 1984, een zaak die nooit aan het dossier van de Bende van Nijvel werd gekoppeld, maar die er bij bestudering van enkele getuigenissen toch verband mee kan houden, langs het dossier van de roze balletten om. Paul Latinus werd opgehangen vonden in zijn woning in Ottignies. Latinus raakte bij de het brede publiek bekend als de zogenaamde maarschalk van Westland New Post (WNP), een anti-communistische occulte organisatie. WNP was een schakel in een veel groter, grensoverschijdend netwerk van dergelijke para-militaire organisaties.

De zelfmoord van Latinus had een verdacht karakter, zodat een gerechterlijk onderzoek werd geopend. Officieel had Latinus dus de hand aan zichzelf gelegd. Talrijk waren nochtans de getuigenissen dat Latinus zeker niet van het zelfmoordtype was en dat in dat verband nooit enig signaal was opgevangen. Belangrijker waren echter de sporen van wurging.

Tegenover de Nijvelse onderzoeksrechter Jean-Marie Schlicker deed Marcel Barbier, een metgezel van Latinus, haarfijn uit de doeken hoe Latinus was ‘gezelfmoord’. Hij legde daarbij de techniek uit die hem was aangeleerd en die hij herkende aan de sporen op de hals van Latinus. Eerst was Latinus met een snoer om het leven gebracht, waarna een zelfophanging was geënsceneerd. Er was een bijkomend element: het snoer waaraan Latinus zich had opgehangen, had nooit zijn lichaamsgewicht kunnen torsen.

Kortom, de stelling van zelfdoding was hoogst onwaarschijnlijk. Dat Latinus werd vermoord stond voor nagenoeg iedereen vast, behalve voor procureur des konings Jean Deprêtre. Deprêtre besliste overigens na acht jaar onderzoek het dossier zonder gevolg te klasseren.

Het onderzoeksdossier-Latinus werd nooit gekoppeld aan dat van de Bende van Nijvel. Toch wijst alles erop dat Latinus een van de mogelijke sleutels is om het enigma van de Bende te doorgronden.

Uit getuigenissen blijkt dat Latinus over een indrukwekkend aantal dossiers beschikte die hij eventueel kon bovenhalen om mensen te chanteren of te compromitteren. Een greep uit de vele verklaringen die bij de politie zijn afgelegd door de moeder van Latinus, door gewezen WNP-metgezellen maar ook door een viertal leden van de Belgische Staatveiligheid (voor wie Latinus een tijdlang als informant had gewerkt) leert dat Latinus dossiers bezat over internationale wapen- en drugstrafieken, over afrekeningen in het Libanese milieu in Brussel, over de rol van de Israëlische en Amerikaanse geheime diensten Mossad en CIA in ons land, over geheime commissielonen afgeleid bij Distrigas, enzovoort.

Uit de vele verklaringen die aan Schlicker werden afgelegd, blijkt dat een van de belangrijkste dossiers die Latinus in handen had precies dat van de roze balletten was. Verscheidene vrienden van Latinus, ex-WNP-collega’s maar ook leden van de staatsveiligheid, zijn het in hun verklaringen aan Schlicker daarover roerend eens: Latinus beschouwde het halve centimeter dikke dossier dan hij over de seksfuiven in bezit had, zowat als zijn koninginnenstuk.

Met het dossier had hij vat op commissaris Christian Smets van de Staatsveiligheid, zelf een deelnemer aan de seksfuiven. Voor Latinus was het dossier Pinon echter duidelijk nog veel meer dan een middel om de prang op Smets te zetten. Commissaris Joseph Kausse van de Staatsveiligheid verklaarde in juni 1985 tegenover de onderzoeksrechter: ‘Paul Latinus heeft mij over het dossier Pinon gesproken. Hij beweerde te beschikken over verschrikkelijke informatie. Hij preciseerde zelfs dat hij een tweede koningskwestie kon uitlokken’. Kausse voegt er wel aan toe dat hij het dossier nooit heeft kunnen inkijken en dat hij de informatie overigens niet ernstig nam.

Francine Lanoy, de moeder van Latinus, legde een direct verband tussen de moord op haar zoon en het dossier over de roze balletten. In mei 1984 vertelde ze tegenover de BOB van Waver: ‘Wat betreft bedreigingen aan zijn adres, herinner ik mij dat mijn zoon mij herhaaldelijk heeft gesproken over voorzorgsmaatregelen die hij had moeten nemen, maar hij voegde daar soms aan toe dat ‘als ze zijn vel wilden hebben, ze hem zouden pakken waar en wanneer ze maar wilden’. Zelf heb ik een enkele dreigtelefoon gekregen. Eén zin is toen uitgesproken: ‘Mevrouw Latinus, zeg aan uw zoon dat wanneer hij zich nog langer bezighoudt met mensen die hij niet mag, dat hij nog een week heeft te leven. Kent u de zaak-Pinon? (op mijn ontkenning, werd mij gezegd:) Als uw zoon zich nog langer bezighoudt met de zaak-Pinon, dan heeft hij nog een week te leven’.

Bron » De Tijd