Twee broers met zwaar gerechtelijk verleden verdwenen in Antwerpen

De afdeling Charleroi van het parket van Henegouwen is op zoek naar twee broers, Claude en Frédéric Hilger, die sinds 8 maart vermist zijn. Het duo vertrok thuis in Antwerpen om er in het Brusselse op restaurant te gaan.

De twee vijftigers zijn geen onbekenden voor het gerecht: ze pleegden in de jaren 1990 verschillende overvallen in de regio Charleroi, ontsnapten na hun arrestatie zelfs eens uit de gevangenis van Jamioulx en werden voor hun misdaden destijds tot 8 en 10 jaar gevangenis veroordeeld.

In een huis van Frédéric Hilger werd in 1987 ook het wapen gevonden van een politieman die gegijzeld was door de bekende gangster Patrick Haemers. Of het criminele verleden van de broers Hilger mogelijk iets te maken heeft met hun verdwijning, is echter niet bekend. Het parket geeft voorlopig geen commentaar.

De broers vertrokken op dinsdag 8 maart in de namiddag in een donkergrijze Audi A6 met kenteken 1-JTU-799 naar een restaurant in de regio Brussel/Zaventem. Sindsdien gaven ze geen teken van leven meer.

Bron » Het Laatste Nieuws

Meurtre de la champignonnière: la piste qui mène à l’extrême droite

Le meurtre de la champignonnière, c’est le titre du livre écrit par Michel Leurquin qui vient d’être publié. L’auteur y évoque les principales pistes qui ont été explorées concernant ce crime non élucidé des années 1980. Il émet aussi une nouvelle hypothèse sur cette affaire qui reste l’un des plus grands mystères criminels belges de ces trente dernières années. Il nous en parle.

On avait appelé ce crime le «meurtre de la champignonnière» du nom de l’endroit où la victime, Christine Van Hees, avait été découverte. En février 1984, le corps de cette adolescente de 16 ans avait été retouvé, brûlé sur un bûcher, dans les caves d’une champignonnière désaffectée à Auderghem. La jeune victime avait été violée, torturée et enfin brûlée. Un crime atroce … Et impuni!

La justice a en effet refermé ce dossier en 2014. En trente ans d’enquête, rien n’a permis d’élucider l’affaire. Et pourtant plusieurs pistes sérieuses avaient été explorées. “Il y a eu la piste du milieu punk qui a accaparé les enquêteurs pendant trois ans. Cinq personnes de ce milieu avaient été interpellées et une avait avoué le crime. Mais après vérifications, les enquêteurs avaient constaté que cette personne ne pouvait pas être à l’endroit des faits puisqu’elle avait été localisée ailleurs, loin de là”, nous raconte Michel Leurquin.

“Ensuite, en 1996-1997, l’enquête avait été relancée sur base d’informations provenant du dossier Dutroux. L’une des personnes que l’on a appelées les ‘témoins x’ a affirmé avoir assisté au meurtre de Christine Van Hees. Mais on a pu vite se rendre compte que cette femme qui avait fait cette déclaration était une sorte d’affabulatrice”, poursuit notre interlocuteur.

“J’évoque toutes ces pistes dans mon livre, puis je fais part d’une nouvelle hypothèse, mon hypothèse”, expose Michel Leurquin. “Je pense à un crime qui aurait été plutôt de nature politique, commis par ce que j’appelle un ‘électron libre des milieux d’extrême droite’.”

Bron » La Capitale

Magistraten waarschuwen voor nieuwe acties tegen wantoestanden bij justitie

Vijf magistratenverenigingen klagen in een brief aan minister van Justitie Koen Geens (CD&V) de aanslepende mistoestanden in het gerecht aan. Een jaar na hun actie in het justitiepaleis van Brussel (op 20 maart 2015) stellen zij vast dat de situatie nog slechter is geworden. De onafhankelijke werking van het gerecht wordt bedreigd, klinkt het.

Op 20 maart 2016 is het een jaar geleden dat leden van de rechterlijke macht – magistraten, griffiers, personeel van de griffies en de parketten – in het justitiepaleis van Brussel samenkwamen voor een actie die uniek is in de geschiedenis van het Belgisch gerecht. Zij richten toen een oproep aan de federale regering om de wantoestanden in het gerecht te erkennen en maatregelen te nemen om het gerecht terug te laten functioneren zoals de grondwet dat vereist.

Volgens de actievoerders is de grondwettelijk verankerde onafhankelijkheid van justitie door de besparingsmaatregelen van de voorbije jaren en door twee nieuwe wetten van 1 december 2013 en 18 februari 2014 immers niet langer gegarandeerd.

Eén jaar na hun actie stellen de magistratenverenigingen vast dat de toestand zelfs nog erger is geworden. In hun brief aan de minister citeren zij ondermeer de onderbezetting in de verschillende rechtsinstanties, de toegenomen moeilijkheden voor magistraten om rechtsdocumentatie te consulteren en het project van de minister voor beheersautonomie.

Zij zien zich nu verplicht opnieuw te reageren. De Nederlandstalige Vereniging van Magistraten, het Koninklijk Verbond van de Vrede- en Politierechters, Magistratuur en Maatschappij, de Association Syndicale des Magistrats en de Union Professionelle de la Magistrature hebben daarom besloten te mobiliseren rond de eerste verjaardag van hun actie op 20 maart.

In hun open brief aan minister van Justitie Geens stellen de vijf organisaties zes eisen, die volgens hen onontbeerlijk zijn om in de 21ste eeuw een waardige rechterlijke macht en een functionerende rechtstaat te waarborgen, die in alle onafhankelijkheid aan de burgers kwaliteitsjustitie kan bieden:

  1. de volledige invulling van de wettelijke kaders en de onmiddellijke publicatie van de openstaande plaatsen vooruitlopend op nakende vertrekken;
  2. een begroting die aan de reële menselijke en materiële behoeften beantwoordt en het Europees gemiddelde van 2,2 procent van de overheidsbegroting benadert, zoals die in 2014 werd opgesteld door de European Commission for the Efficiency of Justice van de Raad van Europa van 2014;
  3. een reële beheersautonomie volgens het model voorgesteld door het Hof van Cassatie op basis van een door het parlement vastgelegde dotatie, met controle achteraf door het Rekenhof;
  4. arbeidsvoorwaarden qua infrastructuur, veiligheid, informaticamaterieel en rechtsdocumentatie die kwalitatief werk bevorderen;
    de indiening van het wetsvoorstel voor het pensioenstelsel voor magistraten dat door de Adviesraad van de magistratuur werd goedgekeurd;
  5. de waarborg van een gerechtsapparaat toegankelijk voor iedereen door middel van het werkingsprincipe van justitie dicht bij de mensen en door middel van een reële opwaardering van de rechtsbijstand voor de burgers.

Zonder duidelijk engagement van minister van Justitie Geens tegen 20 maart 2016 zien de magistratenverenigingen zich verplicht om in overleg met alle actoren van het gerecht noodzakelijke acties te ondernemen.

Bron » De Wereld Morgen

Politie zit met ‘dure’ commissarissen op overschot

Politievakbonden smeken om meer blauw op straat, maar intussen zijn er wel 578 hogere commissarissen te veel. “We zullen moeten wachten tot het overschot afslankt, zo’n 15 jaar.”

370 commissarissen zijn er te veel bij de federale politie, 208 bij de lokale politie. Dat blijkt uit cijfers die N-VA-volksvertegenwoordiger Koenraad Degroote opvroeg.

Het overschot is een erfenis van de politiehervorming in 2001. Toen smolten de stedelijke politie, de rijkswacht en de gerechtelijke politie samen tot de geïntegreerde politie – federaal en lokaal. Een Koninklijk Besluit bepaalde toen hoeveel agenten, (hoofd)inspecteurs en commissarissen er moesten zijn. Maar naast dat vastgelegd kader waren er ook overgangsmaatregelen.

Om de carrièremogelijkheden niet in het gedrang te brengen, kwam er het ‘rodelopersysteem’. Hoofdinspecteurs die op 1 april 2001 in een bepaalde loonschaal stonden, konden tot commissaris worden bevorderd na een gunstige evaluatie. Die fase liep van 2005 tot 2011. Hierdoor nam het aantal commissarissen bovenop het vastgelegde kader toe.

Maar dat ze met te veel zijn, betekent niet dat ze geen nuttig werk leveren. “Dat doen ze wél. Alleen gaan zulke commissarissen veel minder op straat”, zegt Degroote. Terwijl de politie op het veld zwaar onder druk staat.

Bovendien weegt het aantal commissarissen ‘hors categorie’ financieel zwaar. “Het gaat om officieren met een hogere wedde. Met dat bedrag kan je zeker 900 gewone inspecteurs op straat financieren”, zegt Degroote.

Een droomoplossing bestaat niet. “Die promoties zomaar tenietdoen kan niet. We zullen moeten wachten tot dat overschot jaar na jaar afslankt. Vermoedelijk nog zo’n 15 jaar.”

Als een commissaris binnen het vastgelegde kader met pensioen gaat, mag een commissaris van het overschot zijn plek innemen. Nieuwe aanwervingen blijven zo natuurlijk uit.

Bron » De Morgen

Wie handlangers durft verraden, krijgt genade

Volgens CD&V is er vandaag een ‘voldoende groot draagvlak’ om een wettelijke spijtoptantenregeling in te voeren. Maar niet iedereen kan er zomaar een beroep op doen. De procureur krijgt een sleutelrol.

“In terrorisme­dossiers is informatie het hoogste goed. Maar momenteel heeft ons gerechtelijk systeem weinig te bieden aan mensen die informatie willen geven. Er bestaat een getuigenbeschermingsprogramma, maar dat geldt alleen voor mensen die getuige zijn geweest van criminele feiten. (…) We moeten overwegen om spijtoptanten toe te laten.” Dat zei federaal procureur Frédéric Van Leeuw enkele weken geleden in deze krant (DS 20 februari).

Ook zijn voorganger Johan Delmulle pleitte er al voor. CD&V-kamerleden Raf Terwingen, Sonja Becq en Servais Verherstraeten komen nu aan die vraag tegemoet met een wetsvoorstel, dat straks in de commissie Justitie wordt besproken.

1. Voor wie geldt de spijt­optantenregeling?

Het gaat volgens CD&V om een uitzonderlijke gunstmaatregel, die gekoppeld wordt aan enkele voorwaarden. Zo moet de informatie die de spijtoptant geeft, belangrijk genoeg zijn én ondersteund worden door ander bewijsmateriaal. Er moet een zekere proportionaliteit zijn tussen het misdrijf dat de spijtoptant gepleegd heeft, en het voordeel dat hij verwerft.

De gunstmaatregel mag alleen als ultimum remedium of laatste redmiddel worden gebruikt, als alle gewone opsporings- en onderzoekstechnieken niet volstaan (het zogeheten ‘subsidiariteitsbeginsel’, red.). En ten slotte mag hij niet worden toegepast als de dader zélf zeer ernstige misdrijven heeft begaan.

De procureur – hetzij de procureur des Konings, hetzij de federaal procureur – krijgt een sleutelrol. Hij tekent een schriftelijk memorandum met de spijtoptant, houdt een register bij en ziet erop toe dat eventuele slachtoffers worden vergoed. Het zal de rechter zijn die finaal oordeelt over de afgesproken voordelen en de betrouwbaarheid van de verklaringen.

2. Komt terrorist Salah ­Abdeslam in aanmerking?

Dat is maar de vraag, natuurlijk. In het eerder genoemde interview zei federaal procureur Van Leeuw daarover: “Het lijkt erop dat hij te ver is gegaan, maar hij had inderdaad de perfecte spijtoptant kunnen zijn.” Lees: als hij vóór de aanslagen in Parijs had besloten af te zien van zijn plan, had hij de politie kunnen helpen de aanslagen te verijdelen en zou hij eventueel in aanmerking zijn gekomen.

Raf Terwingen blijft voorzichtig: “Ons voorstel gaat ook over ­terreurdossiers, maar laat het aan de federale procureur over om een inschatting te maken. Misschien heeft Abdeslam toch al wat te veel op zijn kerfstok om de gunstmaatregel te genieten.”

3. Wat houdt de ‘schikking’ voor de spijtoptant in?

CD&V wil de mogelijkheid bewust niet tot één bepaalde fase van het proces beperken. Als de spijtoptant informatie deelt vóór hij zelf voor de rechter is verschenen, kan de procureur besluiten om hem niet te vervolgen.

Dan moet hij wel een volledige verklaring afleggen en getuigen tegen de persoon waarover hij info versterkte. Deelt hij zijn informatie pas tijdens de procedure, dan kan hij strafvermindering krijgen. Als hij al veroordeeld is, kan de procureur een gunstig advies verlenen in het kader van een voorwaardelijke vrijlating.

4. Is er een politieke meerderheid voor te vinden?

Het voorstel wordt pas vandaag een eerste keer besproken, wellicht dienen andere partijen enkele amendementen in. Voor CD&V is het in elk geval een prioriteit – het stond ook al in het Justitieplan van haar bevoegde minister, Koen Geens.

“Vermoedelijk zullen we hoorzittingen organiseren,” zegt Terwingen, “om hopelijk rond de paasvakantie in de commissie tot een stemming te komen. We beseffen dat dit een gevoelig onderwerp is en onderkennen de ethische bezwaren en risico’s. Maar gelet op de evolutie van criminaliteitsfenomeen en het feit dat het parket al lang vragende partij is, menen wij dat er een politiek momentum is om dit goedgekeurd te krijgen.”

Bron » De Standaard