Brand NICC leidt naar zware gangsters

Het gerecht zoekt de daders van de aanslag op het Nationaal Instituut voor Criminologie en Criminalistiek (NICC) in het zware gangstermilieu. En meer bepaald bij de (huur)moordenaars die de beruchte gangsterbroers Claude (50) en Frédéric (52) Hilger op 8 maart om het leven hebben gebracht.

Het lijkt er sterk op dat de daders van de brandaanslag op het NICC in de nacht van 28 op 29 augustus het bewijsmateriaal in een dubbele moord hebben willen vernielen. Dat bevestigen bronnen aan De Standaard. Het spoor loopt naar het hart van het zwaar banditismemilieu in ons land.

De laatste slag van de Hilgers

Op 10 maart van dit jaar vonden speurders in het kanaal Brussel-Charleroi in Seneffe een gestolen witte bestelwagen met daarin de restanten van beenderen. Die beenderen bleken na DNA-onderzoek van de beruchte ex-gangsters Claude en Frédéric Hilger te zijn. De rest van hun lichamen bleek helemaal opgelost te zijn in zuur. Het DNA bevestigde alleen maar de vermoedens die er al eerder waren. In de bestelwagen lag namelijk de identiteitskaart van één van de Hilgers.

De broers Hilger waren op 8 maart vanuit hun woonplaats in Wilrijk met hun Audi A6 vertrokken naar de pizzeria van hun vriend Luigi M. in Brussel. Maar daar kwamen ze nooit aan. Een groot mysterie, zo leek het. Tot twee dagen later de bestelwagen in Seneffe opdook met daarin de beenderen van de Hilgers. De Audi A6 is nog altijd spoorloos.

In het milieu gonst het van de geruchten dat de Hilgers nog één laatste grote slag wilden slaan. Maar blijkbaar zijn de zaken niet verlopen zoals de broers dat wilden.

In de bestelwagen lagen naast de beenderen volgens onze bronnen onder anderen ook nog een voet, een verbrande zool, een aantal kledingstukken en een reeks schroefdoppen die hoorden bij de flessen met zuur waarin de gangsters opgelost werden. Al die bewijsstukken werden overgedragen aan het NICC.

Een opvallend telefoontje

Daar, in het NICC, zou een werkneemster een paar dagen voor de brandaanslag een telefoontje hebben gekregen van een (nep)-politieman die vroeg in welk labo de bewijsstukken in de zaak Hilger zich bevonden. Het nietsvermoedende personeelslid gaf een antwoord aan de politieman die haar belde. Twee dagen later ging het bewuste labo in vlammen op.

Toeval of niet? Het parket van Brussel wil geen commentaar kwijt maar officieuze bronnen bevestigen dat de speurders de brandstichters inderdaad in de eerste plaatsten zoeken in de Hilger-zaak.

Professionele moord

De moord op de Hilgers gebeurde heel professioneel. De brandstichting in het Nationaal Instituut voor Criminologie en Criminalistiek (NICC) was dat in elk geval ook. De vier brandstichters ramden eerst het hek van het NICC met een gestolen auto. Een van de daders klom daarna op het dak van de wagen en sloeg met een hamer de ramen van het laboratorium stuk. Daarna gooide hij ook nog drie gasflessen naar binnen.

Zijn kompaan plaatste daarna voorzichtig een emmer binnen waarin een wit poeder of vloeistof zat. Allicht ging het om TATP, de springstof die de terroristen van Parijs en Brussel gebruikten. Vervolgens brachten de gemaskerde criminelen hun explosieve lading vanuit hun wagen tot ontploffing.

Ze gebruikten daarvoor een elektrische lont die ze vanuit het betrokken laboratorium tientallen meters hadden uitgerold tot achter de hoek van een gebouw. Of ze geslaagd zijn in hun opzet om het bewijsmateriaal in de zaak-Hilger te vernielen, blijft voorlopig een mysterie.

De Hilgers, anciens van het zwaar banditisme

Frédéric ‘Tic Tac’ Hilger (52) en zijn broer Claude (50) zijn – of beter gezegd waren – anciens van het zwaar banditisme. Ze werden allebei verschillende keren veroordeeld voor overvallen op geldtransporten en bankkantoren. Allebei zaten ze meer dan tien jaar in de cel. Ze werden zelf ook ooit verdacht van drie moorden in het gangstermilieu. Maar daar werden ze nooit voor veroordeeld.

Vijftien jaar geleden stopten de broers officieel met hun gangstercarrière. Ze schoolden zich om tot monteurs van stellingen. Maar allicht was dat ook maar schijn en hebben de broers hun oude leven nooit echt vaarwel kunnen zeggen.

Intussen bij het NICC

Het NICC krijgt sinds de brandstichting permanente bewaking van een privébewakingsfirma. Het NICC betaalt dat zelf van het budget dat eigenlijk bedoeld is om te betalen om wat het NICC geacht wordt te doen, namelijk sporenonderzoek. Het hekwerk wordt versterkt en er komen extra camera’s en bewegingsdetectoren.

Bron » De Standaard

“Brandstichting NICC diende om bewijsmateriaal van dubbele moord te vernietigen”

Bij de aanslag op het Nationaal Instituut voor Criminologie en Criminalistiek (NICC) wilden de daders mogelijk bewijsmateriaal vernietigen in de moordzaak op de Waalse gangsterbroers Hilger. Iemand die zich voordeed als politieagent belde op voorhand naar het NICC en vroeg de locatie van een bewijsstuk uit dat dossier.

Een hevige brand beschadigde in de nacht van 28 op 29 mei grote stukken van het NICC. Onder meer laboratoria waar kruitsporen, brandversnellers en kledingvezels werden onderzocht, liepen zware averij op. Meteen bleek dat de brand het werk was van criminelen.

Op camerabeelden was duidelijk te zien hoe de daders met een lichte bestelwagen door de toegangspoorten reden. Vervolgens parkeerden ze hun auto aan de vleugel met labo’s. Ze gooiden bidons met gas of benzine in het gebouw en verbonden een lont aan hun auto. Ze staken het vuur aan en verdwenen daarna met de noorderzon. Volgens de krant La Dernière Heure hadden de daders een duidelijk motief: bewijsstukken vernietigen in de mysterieuze moordzaak op de broers Hilger.

Opgelost in zuur

Even terug naar 8 maart van dit jaar. Die dag vertrokken Claude (50) en Frédéric (52) Hilger met hun Audi A6 bij hen thuis in Wilrijk. Daarna verdwenen ze plots spoorloos. Meteen verstuurde de politie een opsporingsbericht.

Pas dagen later vonden speurders de lichamen van de broers terug in het Henegouwse Seneffe. Speurders visten daar een gestolen bestelwagen uit het kanaal en vonden in de laadbak de resten van de Hilgers. De moordenaars hadden hun lichamen opgelost in zuur. Alles wees op een afrekening binnen het crimineel milieu.

De twee slachtoffers waren zelf geen doetjes. Ze pleegden in de jaren 90 verschillende overvallen op geldtransporten in de regio Charleroi en ontsnapten na hun arrestatie zelfs eens uit de gevangenis. Bovendien werd in 1987 in het huis van Frédéric Hilger ook het wapen gevonden van een politieman die gegijzeld was door de bekende gangster Patrick Haemers. De broers kregen destijds tot 10 jaar gevangenisstraf.

Na de moord op de beruchte gangsterbroers hadden de speurders één mogelijk spoor naar hun moordenaars. In de bestelwagen vonden ze immers ook een achtergelaten schoen. Volgens bronnen die La Dernière Heure contacteerde, wilden de NICC-brandstichters net dát bewijsstuk vernietigen omdat het mogelijk naar de daders zou leiden. Zo belde iemand kort voor de brand naar het instituut met een buitenlands nummer terwijl hij zich voordeed als een politieman uit Charleroi. Hij zou toen specifiek gevraagd hebben naar de locatie van de schoen.

Het NICC wou niks kwijt over de mogelijke piste. “Dit is een gerechtelijk dossier en we doen hier dus geen uitspraken over”, klonk het.

Bron » De Morgen

Brand bij NICC heeft geen gevolgen voor terrorismedossiers

De brand die eind augustus een deel van de laboratoria van het Nationaal Instituut voor Criminologie en Criminalistiek in de as legde, heeft geen invloed op de terrorismeonderzoeken die gevoerd worden door het federaal parket. Dat laat het federaal parket weten.

De brand in het NICC in Neder-over-Heembeek werd gesticht in de nacht van 28 op 29 augustus. Verschillende personen drongen met een wagen het terrein van het NICC binnen en stichtten brand in een van de vleugels van het instituut, meer bepaald de vleugel waar zes van de tien labo’s huizen.

Het ging onder meer om de labo’s voor kruitsporen, voor brandversnellers, voor kledingvezels, en dat voor biologische microsporen. Vooral dat laatste raakte daarbij zwaar beschadigd, maar ook in de andere labo’s was er veel rook- en waterschade.

Kort na de brand werden in de omgeving van het NICC vijf personen opgepakt, maar die werden nog dezelfde dag vrijgelaten. Het onderzoek naar de feiten loopt nog en verschillende pistes liggen open.

Bron » VRT Nieuws

Labs vol bewijsmateriaal, maar geen enkele bewaker

Er is zo goed als zeker belangrijk bewijsmateriaal verloren gegaan bij een zware brand in de laboratoria van het Nationaal Instituut voor Criminologie en Criminalistiek in Neder-Over-Heembeek. De daders konden ongestoord hun gang gaan: van bewakers was geen sprake.

De daders gingen bijzonder brutaal tekeer. Bewakingsbeelden laten weinig aan de verbeelding over: met een lichte bestelwagen die eind vorige maand werd gestolen in Limburg, rijden ze door drie toegangspoorten. Vervolgens parkeren ze de grijze Peugeot Partner aan een vleugel met laboratoria.

Twee mannen in een donkere overall en bivakmuts stappen uit aan de passagierskant. Terwijl een van hen drie grote bidons gevuld met gas of benzine uitlaadt, klimt de tweede op het dak van het busje. Met een voorhamer slaat hij een raam stuk en duwt de bidons naar binnen. Uiteindelijk gooit hij ook een zwarte emmer met een wit goedje naar binnen.

Op dat moment stapt een derde dader uit, opnieuw aan de passagierskant. Hij rolt een lont tot binnen in het gebouw. De drie stappen weer in het busje en rijden weg met het kofferdeksel open. Intussen ontrolt de lont zich. Honderd meter verder steken de daders het vuur aan. Vrijwel gelijktijdig vliegt de camionette in brand. Vervolgens verdwijnen ze.

Microsporen

De daders zijn dus minstens met drie, mogelijk met vier, gezien de chauffeur nergens op de bewakingsbeelden is te zien. Vlak na de explosies pakte de politie in de buurt vijf mannen op – een van hen stond bekend voor radicalisme. Maar na een ondervraging mochten ze in de namiddag allemaal al terug naar huis.

Wie belang heeft bij de zware verwoestingen in het NICC is onduidelijk. Zolang de daders niet zijn opgepakt, blijft het ook gissen naar welke sporen van welke misdaad ze hebben willen uitwissen. Die zoektocht wordt niet eenvoudig: de 150 medewerkers van het NICC helpen politie en gerecht met het vinden van bewijzen in pakweg 7.000 dossiers per jaar. “Het spreekt voor zich dat velen baat hebben bij de verdwijning van elementen in hun gerechtelijk dossier”, zegt Ine Van Wymersch van het Brusselse parket.

De brand woedde in de vleugel met zes van de tien laboratoria van het NICC. Het gaat onder meer om de laboratoria voor kruitsporen, brandversnellers en kledingvezels. Het zwaarst beschadigd is het lab voor microsporen, zoals haren, en forensische entomologie. In dat laatste lab gebruiken wetenschappers onder meer insecten om het tijdstip van overlijden van een slachtoffer vast te stellen.

De experten gebruiken er ook wieren om een verdrinkingsdood vast te stellen. In dat lab behandelt het NICC ongeveer honderd dossiers per jaar. Momenteel zouden er een tiental onderzoeken bezig geweest zijn. Welke wil niemand kwijt. Andere laboratoria liepen ook schade op door rook en bluswater.

“Het zal weken duren voor het NICC weer volledig operationeel is”, zegt Fabrice Gason, adviseur-generaal van het NICC. Volgens hem is de kans ‘reëel’ dat er door de brand belangrijke sporen in gerechtelijke dossiers zijn vernietigd. “De sporen en monsters waarop de laboranten werken, blijven nu eenmaal in de laboratoria achter”, zegt hij. Toch denkt hij dat er veel zal kunnen worden gerecupereerd. “Er is ook heel veel gedigitaliseerd.”

Het NICC heeft een goede reputatie en speelt al jaren een belangrijke rol in bekende dossiers, zoals de ontvoering van Nathalie Mahy en Stacy Lemmens in Luik, en de zaak-Dutroux. De duizenden haren die in de woning van Dutroux werden gevonden, werden in het lab onderzocht. Het NICC huisvest ook de nationale DNA-databank. Die zou niet zijn getroffen door de brand.

Opvallend: ondanks de vele onderzoeken en hun zwaarwichtigheid heeft het NICC enkel een passief bewakingssysteem. Zo staan er camera’s, maar zijn er ’s nachts geen bewakers op de terreinen of in de gebouwen aanwezig. “Of een bewaker dit had kunnen vermijden? Laat het me erop houden dat er nu gelukkig geen slachtoffers zijn gevallen”, zegt directeur-generaal Jan De Kinder.

De FOD Justitie benadrukt dat er naar aanleiding van de aanslagen op 22 maart een evaluatie werd gevraagd aan het OCAD. “Er waren geen bijkomende maatregelen nodig, wegens het ontbreken van een nakende dreiging. Door de gebeurtenissen komt er nu een nieuwe evaluatie.”

Gedumpte auto bij Fluxys

Terwijl de politie aan het nablussen was aan het NICC, was er even verderop paniek bij gasinfrastructuurbeheerder Fluxys in Anderlecht. Omdat een onbekende er een auto dumpte vlak voor de ingang, werd gedacht aan een gelijkaardig scenario als bij het NICC.

Fluxys-woordvoerder Frédéric Tourneur: “Om 4 uur sloeg onze bewaker alarm omdat hij zag hoe een chauffeur zijn auto vlak voor onze ingang op het fietspad parkeerde. De man liet de lichten branden en vluchtte weg. DOVO kwam ter plaatse, maar er werd niets verdachts gevonden. Het bleek om een auto te gaan die gestolen was in de Marollen.”

Bron » De Morgen

Wat doet het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie?

Het NICC haalt veel uit weinig. Het is de nogal raadselachtige slagzin op de site van het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie, waar vannacht een “criminele brand” werd gesticht. Maar wat doet het onafhankelijke wetenschappelijke instituut precies?

Op 5 november 1971 werd met een Koninklijk Besluit het Nationaal Instituut voor Criminalistiek opgericht. Het doel? Naar het voorbeeld van Scotland Yard en andere politiediensten een onafhankelijke, wetenschappelijke ondersteuning bieden aan het gerechtelijk onderzoek. De dienst bleek eerst een lege doos, maar daar brachten de Bende van Nijvel en het CCC verandering in. In 1994 werd de dienst verruimd tot het vakgebied van de criminologie en kwam er in de naam een tweede C bij.

Criminalistiek, criminologie, what’s in a name? Er is wel degelijk een groot verschil tussen de twee. De criminalistiek spitst zich toe op de fysieke bewijslast en probeert via wetenschappelijk onderzoek de daders van misdrijven op te sporen. Denk CSI zonder drama en met een vleugje realisme. De vaak miniscule sporen die ze onderzoeken omvatten onder andere DNA, haren en kruitsporen. Veel uit weinig halen dus.

De criminologie bekijkt de fenomenen dan weer vanuit een sociaal-psychologisch standpunt en voert wetenschappelijke studies over zowel daders, slachtoffers, beleid en andere omgevingsfactoren. En dat omdat “een democratische staat over betrouwbare wetenschappelijke studies moet beschikken, om criminaliteit efficiënt te kunnen bestrijden”, volgens het NICC.

In essentie ondersteunt het NICC gerechtelijk onderzoek dus op alle mogelijke, wetenschappelijke manieren, en dat op vraag van de verschillende justitiële partners. De federale instelling is een deel van de overheidsdienst Justitie, maar vaart wel een onafhankelijke koers.

Naast de hoofdtaken, forensische expertises en wetenschappelijke studies, voorziet het NICC ook in opleidingen voor de gerechtelijke actoren en beheert ze de criminalistische databanken. In de Vilvoordsesteenweg in Neder-Over-Heembeek bevindt zich dus een schat aan informatie.

Bron » De Morgen

Explosion à l’INCC: quel est le rôle de cette institution?

Une explosion s’est produite sur le site de l’institut national de criminalistique et de criminologique (INCC) à Neder-Over-Heembeek dans la nuit de dimanche à lundi. Mais à quoi sert cet institut?

L’INCC est une institution scientifique fédérale qui relève directement du ministère de la Justice. Son rôle est de réaliser des expertises et recherches scientifiques à la demande des instances judiciaires afin d’identifier les auteurs d’infractions. L’INCC crée et entretient également les banques de données criminalistiques nationales. Sa devise : “obtient beaucoup à partir de peu.”

Les premiers membres de l’INCC ont été engagés en 1991 et l’institut est entré en service en 1993. Mais le souhait de bénéficier d’une police scientifique et technique remonte aux années 80, marquées par les eeries du Brabant et les attentats des Cellules communistes combattantes (CCC). Une commission d’enquête avait alors recommandé la création d’une police scientifique digne de ce nom.

Sur base des fleurons de certains services de police européens, tels que Scotland Yard, […] il convient de développer une police scientifique dont les membres doivent en premier lieu être des scientifiques et non des policiers.

La direction opérationnelle Criminalistique, dont le bâtiment est situé Chaussée de Vilvorde à Neder-Over-Heembeek, s’occupe d’analyser en laboratoire les traces récoltées notamment par la police sur les lieux d’un crime (ADN, balles, textiles, drogues etc.) pour identifier les auteurs et leur mode de fonctionnement. Ce département réalise les expertises, entretient la banque de données et effectue des recherches scientifiques criminalistiques.

Comme “Les Experts”… ou presque

Si le personnel de l’INCC analyse des scènes de crimes comme le font les héros de la série américaine “Les Experts”, la comparaison s’arrête là. Comme on peut le lire sur le site officiel de l’institut, les séries américaines “proposent une version romancée de ce qui se passe réellement à l’INCC. [Ce dernier] n’est pas un laboratoire de la police mais effectue des recherches indépendantes et objectives. Ce qui signifie que l’institut ne prend aucune position en fait de culpabilité ou d’innocence.”

La direction Criminologie, installée au 7e étage du centre administratif Botanique réalise de son côté des recherches et études sur des phénomènes criminels, afin de lutter le plus efficacement possible contre la criminalité.

Depuis 2013, l’INCC bénéficie d’une banque centralisée de données informatiques. Appelé Be.care (pour “Belgian case repository”), ce système permet de suivre le trajet parcouru, du lieu du crime à la salle d’audience, par les pièces à convictions et les documents liés à une affaire judiciaire.

Bron » RTBF

Brandstichting in Nationaal Instituut voor Criminalistiek in Brussel

Vannacht is er aan het Nationaal Instituut voor Criminologie en Criminalistiek in Neder-Over-Heembeek een “criminele brand gesticht”. Een auto drong iets na 2 uur de site binnen. “Het gaat duidelijk om kwaad opzet”, zegt de Brusselse brandweer. Volgens het parket wijst niets in de richting van terrorisme, maar wordt de piste wel onderzocht.

Vannacht is er om 2.15 uur een explosie gebeurd aan het instituut. Op het moment van de feiten was er niemand aanwezig en er vielen geen gewonden. Een of meerdere mensen drongen het domein van het instituut binnen met een auto. Er ontstond een felle brand in het instituut.

Het parket bevestigt dat er een explosie heeft plaatsgevonden. “De oorzaak wordt nog onderzocht. Er zou sprake zijn van een wagen die het terrein is binnengedrongen en daar tot ontploffing is gebracht, maar dat moet nog allemaal bevestigd worden”, zegt parketwoordvoerder Denis Goeman.

De Vilvoordsesteenweg is afgesloten voor het verkeer en er werd een veiligheidszone ingesteld. De brandweer is nog ter plaatse, samen met de technische en wetenschappelijke politie. Een uitgebrande auto is te zien binnen de perimeter.

Kwaad opzet

Woordvoerder Pierre Meys van de Brusselse brandweer meldt dat twee brandweerploegen ter plaatse werden gestuurd om het vuur te bestrijden. De schade aan het gebouw zou aanzienlijk zijn.

“Het gaat duidelijk om kwaad opzet”, aldus de brandweerwoordvoerder. Op dit moment is de brandweer aan het nablussen. Door de schade kan het gebouw voorlopig niet betreden worden.

Het Brusselse parket wil voorlopig enkel bevestigingen dat er een ontploffing heeft plaatsgevonden, en dat het onderzoek aan de gang is. “Het NICC heeft heel wat belangrijke informatie, maar voorlopig hebben we geen enkele aanwijzing die wijst in de richting van terrorisme”, zegt Ine Van Wymersch aan VRT. “Het is voorbarig om die piste naar voor te schuiven, maar ze wordt wel onderzocht.”

Minister van Justitie Koen Geens (CD&V) bevestigt op Twitter dat er een criminele brand plaatsvond. “Het parket van Brussel onderzoekt dit, verder zijn er nog geen conclusies te trekken”, zegt hij.

Federale instelling

Het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie of kortweg het NICC is een federale wetenschappelijke instelling binnen de FOD Justitie. Op vraag van de gerechtelijke overheden verricht het instituut onafhankelijk onderzoek. Het identificeert en analyseert sporen van verdachten en helpt zo daders van misdrijven op te sporen en bewijslast op te bouwen.

Daarnaast onderzoekt het hoe het strafrechtelijk systeem functioneert en verbeterd kan worden.

Bron » De Morgen

Dossiers vernietigd in brand Brusselse justitiepaleis

De schade van de brand in het Brusselse justitiepaleis is groter dan eerst gedacht. Zo zijn enkele belangrijke dossiers vernietigd, zegt het parket. De oorzaak van de brand is nog niet duidelijk. Een branddeskundige van het parket is nog bezig met zijn onderzoek in de lokalen van de griffie. Er werd onder meer een snuffelhond ingezet, het laboratorium van de federale politie werd ingeschakeld en eventuele camerabeelden worden onderzocht.

Voorlopig zijn er nog geen verdachten opgepakt. Parketwoordvoerster Wenke Roggen wou niet verder in detail treden over het onderzoek. Geen enkele piste wordt uitgesloten, klinkt het. Het parket houdt dus nog rekening met brandstichting. In de gang van de griffie op de tweede verdieping van het gerechtsgebouw liggen zwartgeblakerde dossiers op de grond. De lokalen waar het vuur ontstond, zijn niet toegankelijk.

Een klein gedeelte van de lopende dossiers die nog voor het hof van beroep moesten verschijnen, is in vlammen opgegaan in het bijlokaal van de griffie. Zo zegt woordvoerder Patrick Mandoux van het hof van beroep. Er wordt nu alles op alles gezet om de dossiers opnieuw samen te stellen opdat ze kunnen behandeld worden voor het hof van beroep, klinkt het. Het is niet uitgesloten dat bepaalde rechtszaken een vertraging zullen oplopen.

In de wandelgangen wordt gezegd dat mogelijk ook een aantal gevoelige dossiers in vlammen zijn opgegaan. Het parket kon niet bevestigen dat er van elk dossier een digitale kopie bestaat.

Bron » De Standaard

Brand in kelder van justitiepaleis Dinant

In het justitiepaleis van Dinant is vandaag rond 4.40 uur brand uitgebroken. Het vuur ontstond in de kelderverdieping, waar de archieven van het parket van Dinant zich bevinden. Het justitiepaleis blijft vandaag de hele dag gesloten.

Het waren de concièrges van het justitiepaleis die alarm sloegen nadat ze werden gewekt door het brandalarm. De brandweer van Dinant kwam onmiddellijk ter plaatse. Het vuur was snel onder controle en de brandweermannen waren de hele ochtend in de weer met het evacueren van de stapels dossiers die in de kelders van het gebouw lagen.

Er werd besloten om het justitiepaleis de hele dag te sluiten omdat het werken onmogelijk was geworden door de rook- en geuroverlast. De raadkamer die voor vandaag op de planning stond, werd in de lokalen van de politie gehouden. Een zitting in kort geding ging door in de cafetaria van het bijgebouw van het justitiepaleis. Een burgerlijke zitting werd geannuleerd. Bij het begin van de ochtend was de telefooncentrale nog onbruikbaar. Er werden ook diverse informaticaproblemen gesignaleerd.

De oorzaak van de brand is voorlopig nog onbekend. Procureur des konings Bernard Appart spreekt evenwel van een verdachte brand. Experts hebben namelijk twee verschillende vuurhaarden aangetroffen.

Bron » Het Laatste Nieuws