Buslik verlaat assisenzaal als vrij man

Jean-François Buslik, in 1995 nog bij verstek veroordeeld tot de doodstraf wegens roofmoord, verliet gisteren als een vrij man de zaal van het hof van assisen in Brussel. Na een bijzonder korte beraadslaging heeft de jury hem vrijgesproken. Buslik stond terecht voor de roofmoord op geldkoerier Francis Zwarts in 1982 en voor de bomaanslag op een wagen van de vroegere opsporingsbrigade van de rijkswacht, de BOB, in 1981.

De openbaar aanklager had op het assisenproces toegegeven dat het Belgische gerecht geblunderd had in deze zaak. Buslik werd in 1995 bij verstek veroordeeld, maar hij is pas in 2000 door de Verenigde Staten uitgeleverd. Aangezien zijn straf nog niet verjaard was, stond hij voor de tweede keer voor een hof van assisen terecht.

Advocaat-generaal Pierre Morlet gaf toe dat de Belgische justitie na de veroordeling bij verstek van Buslik een jaar heeft gewacht, vooraleer een vraag tot opsporing internationaal te verspreiden. Die vraag ging bovendien naar een verkeerde administratie, waardoor nog eens meer dan een jaar verloren ging. In 1999 pas werd Buslik uiteindelijk opgespoord en in 2000 werd hij door de VS uitgeleverd.

De aanklager moest ook erkennen dat hij niet meer kon bewijzen dat Buslik mee de roofmoord op de fondsenwagen van Zwarts heeft uitgevoerd. Enkel heling van de buit en mededaderschap aan de mislukte bomaanslag konden hem aangewreven worden. Maar de jury sprak de verdachte over de hele lijn vrij. De voorzitter merkte na de uitspraak van de jury enkel nog op dat Buslik “in alle sereniteit terug kan keren naar zijn echtgenote in de Verenigde Staten”.

Bron » De Standaard

Buslik vrijgesproken over ganse lijn voor assisenhof Brussel

Na een uitzonderlijk korte beraadslaging heeft het hof van assisen van Brussel hoofdstad vanmiddag Jean-Francois Buslik, conform het pleidooi van de verdediging over de ganse lijn vrijgesproken.

Buslik mocht als een vrij man het Brusselse gerechtshof verlaten, om zoals voorzitter Laffineur opmerkte, “in alle sereniteit terug te keren naar zijn echtgenote in de Verenigde Staten”.

Bron » De Standaard

Zaak Buslik: afwezigheid Bouhouche irriteert

Het hof van assisen Brussel-Hoofdstad, dat vrijdag in het assisenproces van Jean-François Buslik, Madani Bouhouche en Robert Beijer zou verhoren, was ontstemd over de afwezigheid van Bouhouche. Die zou om professionele redenen naar Frankrijk zijn vertrokken “met de goedkeuring van zijn probatie-assistente”. Het hof werd hiervan op de hoogte gebracht in een brief van zijn raadsman. De probatie-assistente zal in de loop van de namiddag worden gecontacteerd.

Robert Beijer, die momenteel in Thailand werkt, kwam wel naar Brussel om te getuigen. Hij werd eerder door het Brusselse assisenhof schuldig bevonden aan heling in de zaak Zwarts. “Ik werd veroordeeld voor die feiten en ik weet nog altijd niet waarom. Ik blijf erbij dat het om namaakhorloges ging”, verklaarde de ex-BOB’er aan het hof. De getuige zei voorts geen vriend te zijn van Buslik. “Het is veeleer Bouhouche die zijn vriend was”, stelde hij.

Over het tweede luik van het proces, de aanslag in 1981 op een wagen van de BOB, verklaarde Beijer nog minder te kunnen vertellen: “Ik zat toen bij de sectie politieke informatie. Bouhouche had er meer over kunnen vertellen, maar hij had niet de gewoonte mensen in vertrouwen te nemen”. Wellicht had de zaak te maken met de sfeer die er toen heerste bij de BOB door de zaak François en de rivaliteit tussen de BOB en de oud-gedienden van de drugssectie. Op vraag van de voorzitter ging Beijer in op de laatste verklaringen van Bouhouche in 1998 aan de speurders van de onderzoekscel-bende van Nijvel.

Deze verklaringen zijn eerder belastend zijn voor Buslik. Beijer zei ook daarover weinig te kunnen zeggen. Hij vermoedde dat Bouhouche toen onder druk stond want hij zat gevangen onder een speciaal regime en hij kwam niet in aanmerking voor voorlopige invrijheidstelling. “Ik denk dat er hem dingen beloofd zijn”, zo verklaarde de getuige. Voor het overige verwees hij naar Bouhouche, de enige die naar zijn zeggen kan verklaren waarom hij Buslik bij de zaak Zwarts betrokken heeft.

Bron » Gazet van Antwerpen

Buslik heeft alibi voor moord op Zwarts

Jean-François Buslik, die voor het Brusselse hof van assisen verschijnt op verdenking van een bomaanslag op een BOB-voertuig en de roofmoord op geldkoerier Francis Zwarts begin jaren ’80, vraagt zich af waarom het gerecht nooit liet natrekken of hij in het buitenland was op het ogenblik van de overval op geldtransporteur Zwarts.

Onderzoeksrechter Hennart, een tijdlang belast met het onderzoek, moest toegeven dat dit nooit is gebeurd. “Omdat Buslik er ook nooit naar vroeg”, zo voegde hij er wat verrast aan toe. Op de derde dag van het proces kwamen nog twee andere onderzoeksrechters aan het woord die ooit in het dossier werkten.

Maar zij maakten de jury en het hof niet veel wijzer De jury wacht geen gemakkelijke taak als ze straks op de schuldvragen moeten antwoorden. Buslik werd in 1995 bij verstek veroordeeld tot levenslang. Maar niemand gelooft dat die straf wordt bevestigd.

Bron » Gazet van Antwerpen

Roofmoord op geldtransporteur opnieuw voor hof van assisen

Voor het hof van assisen van Brussel start vandaag het proces tegen Jean-François Buslik. Hij wordt beschuldigd van roofmoord op geldtransporteur Francis Zwarts, in de nacht van 25 op 26 oktober 1982. Buslik is voor die feiten al eens veroordeeld tot de doodstraf. Dat was in 1995. Buslik verscheen toen niet op het proces en werd veroordeeld “bij weerspannigheid aan de wet”. Hij was op de vlucht en bevond zich in de Verenigde Staten.

Bijna een jaar geleden leverden de VS hem uit aan België. Een assisenproces moet volgens ons strafprocesrecht worden overgedaan, als de beschuldigde niet aanwezig was en de straf niet is verjaard. Anders dan bij een correctionele procedure geldt voor een beschuldigde de verplichting om voor het assisenhof te verschijnen.

Tijdens het assisenproces in 1995 zijn twee medebeschuldigden, Madani Bouhouche en Robert Beijer, veroordeeld tot respectievelijk 20 en 14 jaar celstraf. De jury oordeelde dat ze betrokken waren bij de overval op de geldtransportwagen van Zwarts. Samen met Buslik werden ze eveneens verdacht van een bomaanslag op een voertuig van de BOB (de voormalige opsporingsbrigade van de rijkswacht), in de nacht van 11 op 12 oktober 1981. Maar de jury oordeelde dat Bouhouche en Beijer niets met die bomaanslag te maken hadden.

Volgens de aanklacht die vandaag wordt behandeld, was Buslik betrokken bij de overval op de geldtransportwagen, die 30 kilo goud, duizend goudstukken en 12 Cartier-horloges vervoerde. Veiligheidsagent Zwarts bestuurde de wagen, een VW-combi. In een tunnel onder de landingsbanen die het tarmac met de opslagplaatsen van Brucargo verbindt, werd de auto onderschept.

Getuigen hadden het over valse rijkswachters aan boord van een Ford Taunus-bestelwagen, die gestolen was en twee jaar later op de campus van de UCL in Sint-Lambrechts-Woluwe werd teruggevonden. De VW-combi en Francis Zwarts werden nooit teruggevonden. De vriendinnen van Bouhouche en Buslik werden wel opgemerkt met Cartier-horloges aan hun pols, waarvan het model – zeldzaam en moeilijk na te maken – met de gestolen horloges overeenstemde. Buslik en de voormalige rijkswachters Beijer en Bouhouche hebben altijd beweerd dat het om namaakhorloges ging.

Buslik wordt ook beschuldigd van de bomaanslag op een auto van de BOB in de Leuvensestraat in Brussel. De aanslag mislukte: de lading kwam niet volledig tot ontploffing. Buslik moest wel toegeven dat hij het ontstekingsmechanisme in elkaar knutselde. Hij beweert echter dat het om een onderdeel van een afstandsbediening van een garagepoort ging.

Hij zou het onderdeel hebben vervaardigd voor rekening van iemand die nooit werd geïdentificeerd. Aan het gerechtelijk onderzoek naar die bomaanslag werkte – ironisch genoeg – Madani Bouhouche een tijdlang mee. Speurders beschouwen Bouhouche tot vandaag als een verdachte in het onderzoek naar de Bende van Nijvel, maar hebben de man nooit voor de rechter kunnen brengen.

Bron » De Standaard